1,99 €
Niedrigster Preis in 30 Tagen: 1,99 €
In het treurspel "Judith: treurspel in vijf bedrijven" van Friedrich Hebbel staat de complexe karakterstudie van de Bijbelse heldin Judith centraal. Het stuk verkent thema's zoals macht, verleiding en morele ambiguïteit, waarbij Judith een intrigerende figuur is die de touwtjes in handen neemt in haar strijd tegen de onderdrukkende Assyrische leider Holofernes. Hebbel's poëtische en dramatische stijl, gekenmerkt door een sterke emotionele intensiteit en diepgaande psychologische inzichten, plaatst het werk binnen de context van de Duitse romantiek, waar het de dualiteit van de mens en zijn morele dilemma's onderzoekt. De dialogen zijn doordrenkt met filosofische reflecties, wat het stuk een tijdloze kwaliteit verleent. Friedrich Hebbel (1813-1863) was een van de voornaamste Duitse toneelschrijvers van de 19e eeuw, wiens literaire carrière werd gekenmerkt door een voortdurende zoektocht naar waarheid en zelfontdekking. Zijn eigen tumultueuze leven, waaronder armoede en een tumultueuze jeugd, droeg bij aan zijn fascinatie voor de donkere kanten van de menselijke psyche. "Judith" reflecteert zijn ernstige en vaak pessimistische kijk op de wereld, evenals zijn diepgaande interesse in de thema's van ethiek en esthetiek. Deze krachtige en emotionele tragedie is voor lezers aan te bevelen die geïnteresseerd zijn in diepgaande psychologische en morele vraagstukken, alsook in de rijke traditie van het Duitse theater. "Judith" biedt niet alleen een meeslepende tocht door de menselijke emoties van angst, moed, en verraad, maar nodigt ook uit tot reflectie over de aard van macht en ethiek. De combinatie van Hebbels verfijnde stijl en de universele thema's maken het een noodzakelijk leesstuk voor zowel literatuurliefhebbers als theaterenthousiastelingen.
Das E-Book können Sie in Legimi-Apps oder einer beliebigen App lesen, die das folgende Format unterstützen:
Veröffentlichungsjahr: 2022
Van Friedrich Hebbel is dit het tweede werk, dat wij thans in eene vertaling het licht doen zien. In onzen eersten Jaargang W. B. verscheen in de vertaling van den heer Louis Landry zijn burgerlijk treurspel Maria Magdalena met twee korte inleidingen.
Judith, dat we hier doen volgen in de vertaling door de Tooneelvereeniging gebruikt, dateert van 1840. De lezer, die meer over den schrijver en zijn werk wil weten, zij voorts verwezen naar De Ploeg 5e Jaarg., Afl. Mei en Juni: Dr. Léon Polak, Friedrich Hebbel's kunst en Levensbeschouwing.
REDACTIE T. B.
De eerste opvoering van dit stuk vond plaats te Amsterdam den 4den November door de N. V. Tooneelvereeniging met bovenstaande rolverdeeling.
(Legerkamp van Holofernes. Op den voorgrond, rechts, de tent van den veldheer. Tenten, gewoel van soldaten. De achtergrond wordt begrensd door een gebergte, waarop een stad zichtbaar is).
(De veldheer Holofernes treedt met zijn hoplieden uit de open tent. Er weerklinkt muziek. Na een poos geeft hij een teeken, waarop de muziek verstomt).
Holofernes. Het offer!
Opperpriester. Voor welken god?
Holofernes. Wien werd gisteren geofferd?
Opperpriester. Volgens u bevel hebben wij geloot en het lot viel op Baal.
Holofernes. Dan heeft Baal vandaag geen honger. Offert aan eenen, dien gij allen kent en toch niet kent.
Opperpriester (met luider stem). Holofernes beveelt dat wij aan een god zullen offeren dien wij allen kennen en toch niet kennen!
Holofernes (lachend). Dat is de god dien ik het meest vereer. (Er wordt geofferd).
Holofernes. Trawant!
Trawant. Wat beveelt Holofernes?
Holofernes. Wie van mijn soldaten zich over zijn hopman heeft te beklagen, trede voor. Roep het uit!
Heraut (door de rijen der soldaten gaande). Wie zich te beklagen heeft over zijn hopman, moet vòòrtreden. Holofernes wil hem hooren.
Een soldaat. Ik klaag mijn hopman aan!
Holofernes. Waarvan?
De soldaat. Ik had bij de bestorming van gisteren een slavin buitgemaakt, zòò mooi, dat ik schuchter voor haar was en haar niet durfde aan te raken. De hopman komt tegen den avond in mijn tent, terwijl ik afwezig ben; hij ziet het meisje en stoot haar neer omdat ze zich tegen hem verzet.
Holofernes. De beschuldigde hopman is des doods! (tot een ruiter) Vlug! Maar de aanklager ook. Neem hem mee. Doch de hopman sterft het eerst.
De soldaat. Gij wilt mij doen dooden met hem?
Holofernes. Omdat je mij te brutaal bent. Ik liet het bevel uitvaardigen om jelui op de proef te stellen. Als ik jouwsgelijken toestond je hoplieden aan te klagen, wie zou dan mij beveiligen voor de klachten der hoplieden zelf?
De soldaat. Om uwentwil heb ik het meisje gespaard. Ik wilde haar ù geven.
Holofernes. Als een bedelaar een kroon vindt, weet hij heel goed dat zij den koning toekomt. De koning is er hem niet bijster dankbaar voor als hij haar brengt. Maar ik wil je goede bedoeling beloonen, want ik ben hedenmorgen goed geluimd. Je moogt je bedrinken aan mijn besten wijn, voor je gedood wordt. Voort! (De soldaat wordt door den ruiter weggeleid naar den achtergrond).
Holofernes (tot een der hoplieden). Laat de kameelen toomen!
Hopman. Het is reeds geschied.
Holofernes. Had ik het bevel dan al gegeven?
Hopman. Neen, maar ik kon verwachten dat ge het dadelijk geven zoudt.
Holofernes. Wie ben je dat je het waagt mij de gedachten uit het hoofd te stelen! Ik wil dat niet, dat voorkomende, opdringerige gedoe! Mijn wil is één en jullie daad twéé, niet omgekeerd. Onthoud dit!
Hopman. Vergeving! (af).
