0,00 €
Niedrigster Preis in 30 Tagen: 0,00 €
Koning Oedipus is een meesterwerk van de Griekse tragedie, geschreven door de playwright Sophocles rond 429 v.Chr. Het stuk volgt Oedipus, de koning van Thebe, die vastbesloten is de mysterieuze dood van zijn voorganger op te lossen, zonder te beseffen dat hij zelf de bron van de tragedie is. Sophocles combineert een alwetend perspectief met een ingenieuze plotstructuur, waarbij thema's als lot, waarheid en de beperkingen van de menselijke kennis op aangrijpende wijze worden verkend. De krachtige dialoog en emotionele diepgang zorgen ervoor dat het stuk zowel tijdloos als universeel aanspreekt, terwijl het een cruciale rol speelt binnen de context van de klassieke Griekse literatuur en de ontwikkeling van de tragedie als genre. Sophocles, een van de drie grote Griekse tragici, heeft meer dan 120 toneelstukken geschreven, waarvan er slechts een klein aantal bewaard is gebleven. Zijn leven in Athene, een centrum voor kunst en filosofie, heeft hem beïnvloed om kwesties van menselijke natuur en ethiek te onderzoeken. De ervaring als politieke en religieuze figuur, alsook de invloed van zijn tijdgenoten, waarin de ineenstorting van familiebanden en de zinloosheid van het bestaan steeds centraler komen te staan in de theaterwereld, hebben hem ertoe aangezet deze diepgravende thematiek te verkennen in Koning Oedipus. Koning Oedipus is een aanrader voor iedereen die geïnteresseerd is in de fundamenten van de westerse literatuur en theatrale tradities. De combinatie van krachtige personages, een complexe verhaallijn en diepgaande thema's maken het niet alleen tot een onmisbaar stuk in de canon van de wereldliteratuur, maar ook tot een uitdagende reflectie op de grenzen van de menselijke kennis en de rol van het lot. Dit werk biedt niet alleen inzichten voor literatuurstudies, maar zet ook aan tot nadenken over morele en existentiële vragen die nog steeds relevant zijn in de hedendaagse samenleving. In deze verrijkte editie hebben we zorgvuldig extra waarde gecreëerd voor uw leeservaring: - Een beknopte Inleiding plaatst de tijdloze aantrekkingskracht en thema's van het werk in perspectief. - De Synopsis schetst de centrale verhaallijn, waarbij belangrijke ontwikkelingen worden uitgelicht zonder cruciale wendingen te verklappen. - Een uitgebreide Historische context dompelt u onder in de gebeurtenissen en invloeden van die tijd, die de totstandkoming van het werk hebben gevormd. - Een Auteursbiografie onthult belangrijke mijlpalen uit het leven van de auteur en biedt persoonlijke inzichten achter de tekst. - Een grondige Analyse ontleedt symbolen, motieven en karakterontwikkeling om verborgen betekenissen bloot te leggen. - Reflectievragen nodigen u uit om persoonlijk in te gaan op de boodschappen van het werk en deze te verbinden met het hedendaagse leven. - Zorgvuldig geselecteerde Gedenkwaardige citaten benadrukken momenten van literaire genialiteit. - Interactieve voetnoten verduidelijken ongewone verwijzingen, historische allusies en archaïsche uitdrukkingen voor een soepelere en meer geïnformeerde leeservaring.
Das E-Book können Sie in Legimi-Apps oder einer beliebigen App lesen, die das folgende Format unterstützen:
Veröffentlichungsjahr: 2023
Oedipus
, de koning
Willem Royaards
.
Iokaste
, de koningin
Sofie de Vries
.
Kreon
, haar broeder
Co Balfoort
.
Teiresias
Jan Musch
.
De Priester
Herman Schwab
.
De bode uit Korinthe
Daan van Ollefen
.
De Herder
Elias van Praag
.
De Maagden
Jacqueline Royaards-Sandberg
e. a.
De Grijsaards
.
Het volk.
Ik vrees, dat deze naar het duitsch van Hugo von Hofmannsthal door mij in het nederlandsch overgebrachte bewerking van de tragedie van Sophocles „Koning Oedipus”, aan de meesten mijner klassiek-onderlegde landgenooten maar matig zal voldoen.
Vorm noch inhoud er van zullen genade vinden in de oogen van hen, die het geluk hebben, den griekschen treurspeldichter in het oorspronkelijke te kunnen lezen. Ik, die dat geluk niet heb, kende tot op vóór enkele weken, deze tragedie van Sophocles slechts uit de beide hollandsche vertalingen, die daarvan door Prof. Van Herwerden en door Prof. Burgersdijk zijn gemaakt en in den handel gebracht.
In hoeverre in deze beide vertalingen zuiverder dan in de bewerking van den duitschen dichter Von Hofmannsthal, vorm en inhoud van het grieksch van Sophocles zijn bewaard gebleven, waag ik niet te beoordeelen, maar aangezocht door het Arnhemsch Comité voor Plan 1913: „De Onafhankelijkheidsfeesten”, om in dezen zomer met de artisten der N. V. „Het Tooneel” eenige openluchtvoorstellingen te komen geven van deze tragedie van Sophocles in het park Sonsbeek te Arnhem,—gaf een hernieuwde lezing van die beide vertalingen mij de overtuiging, dat het hollandsch van deze beide Professoren, in de dramatische gedeelten der tragedie, de bewogenheid miste, die naar mijn meening als spelleider,—voor het welslagen eener vertooning in de openlucht, als een allereerste vereischte moet worden beschouwd, terwijl het mij verder voorkwam, dat noch Prof. Van Herwerden, noch ook Prof. Burgersdijk, hoe getrouw zij zich dan ook aan het grieksch mochten gehouden hebben, erin geslaagd waren, om in de zuiver lyrische gedeelten, die in de tragedie telkens weer den dramatischen dialoog komen onderbreken, die grootheid van visie vast te houden, en die klaarheid van expressie te bewaren, welke ongetwijfeld het grieksch van Sophocles eigen zullen zijn.
Op grond hiervan leken mij geen van beide vertalingen geschikt, om door mij bij de openluchtvoorstellingen in gebruik te worden genomen. Immers veel meer dan in de besloten ruimte van een Schouwburgzaal, dient bij eene vertooning in de openlucht de dramatische spanning van het begin tot het einde te worden vastgehouden; en dit niet alleen door middel van het gesproken woord, maar ook door middel van het breedere gebarenspel, daar toch de aandacht van de aldaar op zooveel grooteren afstand van de spelers geplaatste toehoorders, zooveel eerder dreigt te verslappen door het in het spel der onbetrouwbare elementen allicht teloor gaan van enkele der gesproken woorden. De bewerking nu van den duitschen dichter Von Hofmannsthal leek mij én door de bewogenheid van den dialoog in de ook bij Sophocles zuiver dramatisch gehouden gedeelten, én door het dramatiseeren van de bij Sophocles meer als lyrische ontboezemingen van het koor, tusschen den dramatischen dialoog ingevlochten gedeelten, bij uitstek geschikt, om dienst te doen bij de door mij te geven openluchtvoorstellingen.
En deze overwegingen hebben mij er toe geleid, om deze duitsche Oedipus-bewerking in het hollandsch te vertalen, allerminst dus met de bedoeling, deze als proeve eener litteraire vertaling van een grieksch treurspel dienst te laten doen—moge een onzer groote dichters, b.v. Boutens, zich nogeens opgewekt gevoelen, om nevens zijn vertaling van den „Agamemnon” van Aeschylus, ook eene zich zuiver aan het grieksch houdende vertaling van „Koning Oedipus” van Sophocles, aan de hollandsche litteratuur te schenken; maar eenvoudig door mij bedoeld als de door de met mij samenwerkende artisten der N. V. „Het Tooneel” te-spreken-tekst bij „onze” Oedipus-vertooningen in het park Sonsbeek te Arnhem. Voor den vorm, waarin deze vertaling is vervat, blijf ik alleen verantwoordelijk. De verzen van den dichter Von Hofmannsthal zijn—dit spreekt wel van zelf voor wie dezen dichter uit anderen arbeid kennen—veel regelmatiger en veel mooier. Ik heb evenwel voortdurend in het oog gehouden, dat deze verzen door de met mij samenwerkende artisten moesten worden gezegd, en met de bedoeling, om hen het natuurlijk zeggen dezer verzen zoo gemakkelijk mogelijk te maken, heb ik op willekeurige wijze de versregels afgekort en verlengd, zonder toch,—naar ik vertrouw—de metriek uit het gehoor te hebben verloren.
In hoeverre ik nu in mijn bedoeling met deze vertaling ben geslaagd, zullen de a.s. openluchtvoorstellingen van „Oedipus” aan mijne luisterende landgenooten hebben te bewijzen.
En zoo sluit ik dan dit Voorwoord met een welgemeend: peccavi! aan mijne klassiek-onderlegde vrienden, en aan de dichters van Nederland.
Amsterdam, 15 Juli 1913.
WILLEM ROYAARDS.
Vóór het paleis van Koning Oedipus.
Het is vroege ochtend. Gegrom van stemmen, luider en luider wordend. Mannen, jonge en oude, schuiven nader; van beide zijden schuiven zij aan, naderend door de orchestra de terrassen, die naar de trappen voeren van het paleis. Regelmatig als in litanei prevelen de lippen:
Oedipus—Oedipus—help ons—Oedipus!
Een enkele stem
(
daarboven uit
):
Help ons—Oedipus. Koning—help ons!
(Plotseling gaan de bronzen deuren van het paleis wijd open en Oedipus treedt de trappen af—haastig, alleen.
Aller oogen richten zich op Oedipus: aller armen strekken zich naar hem uit).
Oedipus
:
Mijn kind'ren, nieuw gesproot'nen aan d'ouden
Kadmosstam, wat wil dat knielen hier
vóór mijn paleis? Waarom strekt gij uw armen
naar uw koning uit, om hulpe smeekend,
terwijl de stad vol wierookgeuren is en steunt,
en klaagt? Niet uit vreemden mond wild' ik dat
hooren. Daarom kwam 'k zelf—
ik
—Oedipus.—
Spreekt dus!—wat voert u hier?
Een stem
:
De pest, o Koning!
Een andere stem
:
De pest is over ons! De pest! van huis tot huis
schuift hij zich voort; van lijf op lijf plant hij zich over;
de zwarte gruw'bre dood! Wij sterven allen.
Stemmen
:
Sterven!—Allen!—Sterven!—
Een stem
:
Als uitgemoorde holen zijn de huizen;
Een andere stem
:
De markten en de straten zijn vol dooden;
Wéér een andere stem
:
Met lijken volgestopt zijn de rivieren,
De eerste stem
:
Het vuur verbrandt ze niet meer.
Stemmen
:
Wij sterven!
De tweede stem
:
Wagg'lend schrijden wij van doode tot doode;
De derde stem
:
En waar wij langs gaan, hoopen zich de lijken;
Eenige stemmen
:
En wij zijn jong nóg.—Koning, help ons!
Andere stemmen
:
Help ons, Oedipus! O, koning, help ons!
Oedipus
:
Laat hèm, dien oude spreken. Hèm komt 't toe,
te zeggen, wat gij hoopt, verlangt, en wacht
van uwen koning. Ik wil u helpen, 'k wil;
hartloos waar 'k, zoo 'k ongeroerd kon blijven
bij uw smeeken.
De priester
:
Hoor dan, groote koning,
die éénmaal reeds deez' stad van Kadmos redde,
O, Oedipus, die hoog zich boven allen
verheft, geweldig hoofd van kennis,—help ons!
Vind iets tot redding,—dring gij met uw denken
de nacht door van ons leed en vind 'n uitkomst, vorst!
Zeg ons, wij moeten hier of ginder heen,
en ga, gij, die van ons de grootste zijt, ga gij,
als 'n huisvader gaat en richt de stad,
die in de knie gebroken, zwaar van adem,
met verstijfde leden, stervend terneerligt,
weer op!—O richt haar op! 't Is úw stad, koning!
Een goed gesternt' schonk eenmaal ons 't geluk
van uwe komst, nu—toon haar redder u ten
tweedemaal!
Oedipus
:
Mijn arme, árme kind'ren! wèl
weet 'k de reden van uw komst, en welbekend
is mij uw leed. O, wèlbekend!—ja, met uw leed
leg ik mij neer, en met uw leed sta 'k op;
'k draag 't in mijn hart en hoofd en beî mijn ooren
zijn vol van zijnen adem, en mijn tong
smaakt slechts uw leed. Daarom hebt ge me⁀ook niet
uit sluimerrust gewekt. Ik waakte, en zat,
en weende,—weende⁀om de stad, om u—om mij.
