Erhalten Sie Zugang zu diesem und mehr als 300000 Büchern ab EUR 5,99 monatlich.
"Er woedt een economische storm die de zanderige fundamenten onder ons monetaire systeem bedreigt." - Uit het voorwoord van Russell Okung, winnaar van de Super Bowl Geld is onderdeel van ons dagelijks leven. We verdienen het, we geven het uit en we sparen het. We zijn geneigd om het te aanbidden en er volledig op te vertrouwen, zodat we ons kunnen voorzien van alles wat we nodig hebben. Terwijl er veel is geschreven over de kracht, de gevaren en het rentmeesterschap van geld, is er maar weinig geschreven over wat geld eigenlijk is, en of geld op zichzelf wel moreel is. Deze informatiekloof wordt uitgebuit om een kleine groep bevoorrechten te verrijken, om van miljoenen mensen een slaaf te maken en om verwarring en verdeeldheid in de wereld te scheppen. Hoe kon dit zo gebeuren en wat kunnen we eraan doen? 'Dank God voor Bitcoin' onderzoekt de manieren waarop ons monetair systeem kapot is gegaan en wat we kunnen doen om het te herstellen. Het onderzoekt de creatie van geld, de corruptie en de mogelijke verlossing ervan. Het laat zien hoe Bitcoin ons verlost van de kwalen van ons corrupte monetaire systeem en hoe een transitie naar solide geld een bron van hoop is voor onze gebroken wereld.
Sie lesen das E-Book in den Legimi-Apps auf:
Seitenzahl: 209
Veröffentlichungsjahr: 2021
Das E-Book (TTS) können Sie hören im Abo „Legimi Premium” in Legimi-Apps auf:
Lyle Pratt, George Mekhail, Jimmy Song, Gabe Higgins, Julia Tourianski, Derek Waltchack, Robert Breedlove, J.M. Bush
De creatie, corruptie en verlossing van geld
Vertaling Arnold Hubach, Kris Rutten, Yvonne Schroeders & Michael V.
Editor Arnold Hubach
“Praktische mannen die denken dat ze volledig zijn vrijgesteld van intellectuele invloed, zijn meestal de slaven van een of andere overleden econoom.”
— John Maynard Keynes
Twee mannen bouwden een huis - de ene op een fundering van steen en de andere op zand. Beide huizen werden meesterlijk gebouwd om de elementen te weerstaan en om stevig en veilig te zijn. Van buitenaf gezien, straalden beide huizen kwaliteit uit, waren ze ontworpen met elegantie en met materialen van de hoogste kwaliteit. Vervaardigd tot in het kleinste detail waren beiden een toonbeeld van kunstzinnigheid. Deze twee woningen, vergelijkbaar in structuur, waren bijna replica’s van elkaar.
Toen kwam er een enorme regenbui. Er waren overstromingen. De rampspoed van harde wind en donderend gewicht sloeg op de woningen neer. Het huis dat op zand was gebouwd verschoof. Een kleine verschuiving van de borstwering. Het gebouw dat ooit ijzersterk leek, was nu gezonken en gebroken toen het zand werd weggespoeld door de overstroming. De fundering stortte in.
Het op een rots gebouwde huis stond daarentegen stevig in de storm die er tegenaan woedde. In tegenstelling tot zijn tegenhanger stond dit gebouw rechtop. Solide. De woning weerstond de kracht van de natuur. Hoe goed de ambachtslieden van beide constructies ook waren geweest, de duurzaamheid van het huis rustte niet op de buitenkant, maar op de diepte van de fundering. Het verschil was waar ze op gebouwd waren. Noch de luxueuze facade, noch de kwaliteit van de gebruikte materialen maakte een verschil. Het verschil werd alleen duidelijk toen er een storm kwam; want op dat moment werd de fundering beproefd.
Het verschil tussen de fundamenten waarop de huizen werden gebouwd, werd bepaald door de mannen die ze bouwden: de ene verstandig, de ander dwaas. Het resultaat van het inzicht van de verstandige man was een veerkrachtig huis dat de onvermijdelijke stormen van de tijd kon weerstaan. Het gevolg van de keuze van de dwaze man was een huis dat instortte. Het uiterlijk vertoon bleek irrelevant te zijn en ondanks dat beide huizen er hetzelfde uitzagen aan de buitenkant, was de basis zwak. Niemand van ons wil degene zijn wiens huis wordt vernietigd door de storm, maar toch gedragen velen van ons zich op manieren die hiertoe leiden.
Er zijn talloze analogieën in dit verhaal die synoniem zijn aan omstandigheden uit ons dagelijks leven. Huwelijken, persoonlijke en professionele relaties, en zelfs de wereldeconomie. Aan de basis van elke menselijke prestatie en zeker van elk ontzagwekkend bouwwerk dat de tand des tijds heeft doorstaan, ligt het principe ‘grondigheid’ en ‘gegrond zijn’. Ware perfectie wordt alleen bereikt door de intentie van iets dat wordt gebouwd om lang mee te gaan.
De originele gelijkenis gaat niet in op de eerdere ervaring van beide bouwers. Wat wel bekend is, is eenvoudigweg dat de één verstandig was en de ander dwaas. Als je ooit een huis gebouwd hebt of bekend bent met het proces, dan weet je dat er een hoop te doen is lang voordat de fundering kan worden gelegd. Eerst moet de bouwer bouwgrond vinden. Zodra een mogelijk perceel is geïdentificeerd, moeten de juiste experts worden ingehuurd, zoals landmeters en milieuspecialisten. Als deze fase succesvol is afgerond, moet de toekomstige bouwer vervolgens overleggen met een architect, een elektricien, een loodgieter en een groot aantal gespecialiseerde aannemers.
We maken elke dag keuzes over het fundament dat we gebruiken om ons eigen leven op te bouwen. Misschien kan het verschil tussen wijsheid en dwaasheid in onze moderne context het best begrepen worden door ons af te vragen of wij, als bouwers, onze eigen capaciteiten en, belangrijker nog, onze beperkingen kennen. Als je iets is opgevallen wat in onze samenleving niet klopt, kun je waarschijnlijk ook gemakkelijk erkennen hoe zinloos het zou zijn om alles wat er gebeurt te proberen te ontcijferen, als je alleen op je eigen inzichten vertrouwt.
Nog erger zou het zijn om te vertrouwen op ’de wereldse’ interpretatie van de huidige stand van zaken, interpretaties die ons gemakkelijk worden voorgeschoteld door de reguliere media, carrièrepolitici en zelfs leiders van kerken.
Vrienden, er woedt een economische storm die de fundamenten van zand onder ons monetaire systeem bedreigt. De samenlevingen die we hebben opgebouwd, zullen worden geconfronteerd met een stortbui die de aard van geld zelf fundamenteel zal veranderen. Deze gebeurtenissen zullen het handelen van mensen en de interactie en samenwerking tussen mensen opnieuw ordenen. De zondvloed - van seismische proporties - laat landen als Zimbabwe en Venezuela achter in zijn kielzog en berooft haar burgers van hun zuurverdiende middelen en tijd, die nooit zullen worden teruggewonnen.
Dit boek is een serie van openbaringen die de lezer zullen aanmoedigen om zijn leven niet op zand te bouwen. Jouw leven moet een sterk en stabiel fundament hebben wil het jouw dromen kunnen ondersteunen.
Voordat welke droom dan ook een solide bouwwerk kan worden, heeft deze een solide basis nodig. Het omarmen van Bitcoin is als het bouwen van een economie op een solide basis. Het is beter geld met een grenzeloos scala aan mogelijkheden.
Dank God voor Bitcoin is een openbaring van de toekomst. Mijn wens en gebed is dat iedereen de kennis van bevrijding die in dit boek wordt aangeboden, gaat begrijpen. Het leren en ervaren van Bitcoin kan een meeslepende belevenis zijn. Het rijk van mogelijkheden in het internetgeld is eindeloos.
Terwijl je je in dit boek gaat storten, moedig ik je aan om jezelf twee vragen te stellen: “Wat is geld?” en “Hoe kan het voor mij werken?” Niemand anders kan dit voor je beantwoorden, en na dit boek wil je dat ook niet meer.
— Russell Okung, November 2020
Geld is diep spiritueel.
Relaties zijn per definitie spiritueel en geld speelt een grote rol in relaties. Zakelijke relaties worden gedefinieerd door geld. Geld bindt zelfs vreemden aan elkaar door handel.
Er zijn maar weinig relaties waarin geld geen rol speelt, omdat geld een belangrijke rol speelt in hoe wij in de maatschappij staan. 1 Timotheüs 6:10 zegt: “Want geldzucht is een wortel van alle kwaad.” Liefde voor geld is het motief voor allerlei zonden: moord, diefstal, bedrog en wrok. Geld wordt door woekeraars gebruikt om mensen tot slaaf te maken. Daarentegen is geld ook een bron voor het goede. Het maakt naastenliefde, vriendelijkheid en andere uitingen van liefde mogelijk. Het bekrachtigt, motiveert en beloont het creëren van heilzame dingen. Geld is het instrument waarmee we de vruchten van onze arbeid kunnen bewaren voor slechtere tijden. Geld is van vitaal belang en aanwezig in bijna alles wat we doen.
Ondanks het spirituele belang van geld zien veel christenen het als banaal, ordinair, werelds of nog erger dan dat. Deze houding stemt niet overeen met wat de Bijbel ons leert. Hierin wordt namelijk benadrukt dat het belangrijk is om op een rechtvaardige en wijze manier met geld om te gaan.
De Bijbel staat vol met monetaire metaforen. Zelfs het verhaal over de verlossing dat door de hele Heilige Schrift is verweven, wordt beschreven in de taal van geld: betaling, schuld, vergeving, verlossing.
Omdat geld erg relationeel is, zijn de spirituele gevolgen van geld vergaand. Hebzucht, afgunst en machtswellust zijn slechts enkele van de vele negatieve gevolgen van het aanbidden van geld. Hoewel deze zonden terecht worden veroordeeld, wordt er maar weinig gesproken over het systeem dat ze verergert.
Dit boek gaat over het monetaire systeem waarin we leven en de morele en spirituele gevolgen hiervan. Het monetaire systeem is hetzelfde voor geld, als wat voedselproductie is voor voedsel. Er gebeurt veel achter de schermen wat het eindproduct beïnvloedt. Dit is geen boek over persoonlijke financiën en geldbeheer. Wat we in dit boek zullen beschrijven zijn de morele en spirituele gevolgen van dit proces. Met andere woorden, we gaan onderzoeken hoe de vork in de steel zit.
Het doel van dit boek is om de basis van wat geld precies is te ontrafelen, de verontrustende realiteit van ons moderne monetaire systeem te onderzoeken en een moreel gezond en hoopvol alternatief voor te stellen voor het economische water waarin we allemaal dagelijks zwemmen. De alomtegenwoordige invloed van geld is een gevolg van wie we collectief zijn, en de vrucht van ons monetaire systeem is een weerspiegeling van onze waarden. Met dit in gedachten, is het boek als volgt opgebouwd.
Hoofdstukken 1 en 2 beantwoorden de vraag: Wat is geld? Hoofdstuk 1 beschrijft geld vanuit een theologisch perspectief. In het bijzonder, behandelen we de rol van geld in ons leven en de daaruit volgende spirituele situatie waarin we ons bevinden. Hoofdstuk 2 beschrijft geld vanuit een historisch perspectief. Dit hoofdstuk behandelt de vele innovaties en de daaropvolgende morele tekortkomingen van geld, te beginnen met edelmetaal tot het moderne, op schulden gebaseerde fiatsysteem.
Hoofdstukken 3 en 4 beschrijven de instrumenten waarmee ons moderne monetaire systeem de rest van de samenleving heeft gecorrumpeerd. Hoofdstuk 3 analyseert de inflatie. We bekijken inflatie en zullen zien hoe dit vele landen heeft vernietigd. Hoofdstuk 4 analyseert fiatgeld. We leggen uit hoe fiatgeld werkt en hoe het wordt gebruikt als hulpmiddel bij diefstal.
Hoofdstukken 5, 6 en 7 onderzoeken de morele consequenties van het huidige systeem. Hoofdstuk 5 bekijkt hoe ons monetaire systeem politieke systemen heeft gecorrumpeerd. Hoofdstuk 6 richt zich op de individuele gevolgen hiervan, terwijl hoofdstuk 7 zich richt op de kerk in het algemeen.
Hoofdstukken 8 en 9 onderzoeken wat we aan deze problemen kunnen doen. Hoofdstuk 8 stelt Bitcoin voor als een moreel superieur alternatief. Hoofdstuk 9 sluit het boek af met manieren waarop Bitcoin ons geld op politiek, individueel en spiritueel niveau kan redden.
Het spirituele rijk is waar we betekenis vinden. Onze tijd, relaties en overtuigingen zijn onzichtbaar, maar toch altijd aanwezig in onze beleving. De toestand van de wereld is de optelsom van alle relaties, en relaties worden in hoge mate gevormd door ons monetaire systeem. Door het monetaire systeem te begrijpen, kunnen we werken aan een betere wereld. Deze verandering moet echter bij onszelf beginnen. De Bijbel noemt dit wijsheid, iets dat beter is dan geld:
“Hoeveel beter is het verwerven van wijsheid dan bewerkt goud, en het verwerven van inzicht is verkieslijker dan zilver!”
— Spreuken 16:16
Er zijn inzichten en wijsheden over geld die we hopen over te brengen in de hierop volgende pagina’s. Laten we dan nu beginnen met de fundamentele vraag: “Wat is Geld?”
“Mijn volk is uitgeroeid, omdat het zonder kennis is.”
— Hosea 4:6
Geld.
Waar denk jij aan als je dat woord hoort? Hoe voel jij je erbij? Ambitieus? Overweldigd? Gespannen? Waarom denk jij dat jij je zo voelt?
Jouw antwoorden onthullen de macht die geld over je heeft. En jij bent niet de enige. Voor miljoenen mensen van over de hele wereld brengt geld gevoelens van angst, vreugde, verdriet, stress en nederigheid teweeg. Geld heeft geleid tot zelfmoord en het heeft hele landen uit de armoede getild. Het heeft huwelijken verwoest en het heeft ervoor gezorgd dat grote gezinnen generaties lang hebben kunnen bloeien. Grote oorlogen zijn gefinancierd met en gevoerd om geld. De effecten van geld zijn een integraal onderdeel van de menselijke ervaring. In onze tijd zijn die effecten onontkoombaar, ongeacht welke levensstijl je kiest of welke persoonlijke kijk je op het huidige monetaire systeem hebt.
Het Nieuwe Testament staat vol met termen en analogieën die afkomstig zijn van geld, maar toch is het onderwerp vaak taboe onder christenen. Als er al over wordt gesproken, is het vaak een preek over het belang van tienden of een bijbelstudie over financieel rentmeesterschap. Maar deze onderwerpen gaan allemaal over het gebruik van geld en niet over het begrijpen van geld zelf.
We hebben de neiging om ons te concentreren op wat we met geld kunnen kopen, waar we meer geld kunnen verdienen of hoe we minder geld kunnen uitgeven. We hebben misschien bij economie geleerd dat geld een spaarmiddel, een ruilmiddel en een rekeneenheid is. We erkennen dat geld een vast onderdeel van ons leven is, maar denken er vrijwel nooit aan om onze basisaannames over geld in twijfel te trekken.
Mogelijk heb je jezelf deze vragen nog nooit gesteld: Wat is geld? Waarom bestaat het? Waar is het voor ontworpen? Hoe werkt het? Maar slechts een enkeling heeft tegenwoordig een duidelijk begrip van hoe geld ontstaat, de vele verschillende soorten ervan, of de verschillende manieren waarop het de sociale moraal beïnvloedt. Waarom?
Zou het niet logisch zijn om prioriteit te geven aan onderwijs over iets dat zo fundamenteel is voor menselijke relaties? Charles Munger, vice-voorzitter van Berkshire Hathaway, zei ooit: “Laat me de beweegredenen zien en ik zal je de uitkomst vertellen.” De reden voor het gebrek aan basisbegrip over de aard van geld is eenvoudig: enkelen zijn er enorm bij gebaat om geld obscuur, ingewikkeld en bijna onmogelijk om te begrijpen te houden.
De profeet Hosea, die namens God sprak, berispte de heersers van Israël omdat ze er niet in waren geslaagd om Zijn volk op de juiste manier te leiden en te onderwijzen. God legt uit dat waar basisbegrip in een samenleving ontbreekt, onderdrukking, onrecht en lijden niet ver achter zullen blijven. De machtige minderheid gebruikt het gebrek aan kennis om de meerderheid uit te buiten. Het algemene gebrek aan kennis over geld vandaag de dag is een symptoom van de uitbuiting die plaatsvindt. Deze wordt verborgen door een laag van obscuriteit die is gecreëerd door de machthebbers. Het doel van dit boek is om een licht te laten schijnen in die duisternis. Dit boek probeert uit te leggen wat geld is, hoe het vaak wordt gecorrumpeerd en wat er kan worden gedaan om de bestaande problemen op te lossen.
“Want waar uw schat is, daar zal ook uw hart zijn.”
— Mattheüs 6:21
Geld stelt ons in staat om te nemen wat we hebben en dit te ruilen voor wat we nodig hebben.
Geld is een bron van macht. Het kan helpen om tekortkomingen in het leven te verhelpen. Geen wonder dat velen het respecteren, ervan houden, ervoor leven en er alles aan doen om het te verkrijgen. De manier waarop we geld gebruiken, laat zien wat we geloven dat echt, goed, juist en belangrijk is. Als we ergens geld aan uitgeven, zeggen we eigenlijk: “Ik heb dit nodig en het is nuttig voor mij.” De manier waarop we geld uitgeven onthult waar we van houden en waar we bang voor zijn. Met andere woorden, geld weerspiegelt de waarden van de persoon die het uitgeeft.
Onze moderne Nederlandse samenleving waardeert geld op dezelfde manier als de meeste menselijke samenlevingen hun goden behandelen. We hebben de neiging om het te zien als een onbetwist goed dat vrede, veiligheid, vrijheid en vreugde zaait, waar het ook gevonden wordt. Zoals de meeste goden, is geld een god die opoffering vereist. En deze offers worden gebracht in de vorm van werk. Families, tijd en slaap worden ook opgeofferd in de zoektocht naar geld. Werken om geld te verdienen is niet inherent verkeerd of immoreel, maar we moeten ons bewust zijn van het gevaar om geldelijk gewin als de ultieme prijs te beschouwen.
Het is nuttig om enkele vaak over het hoofd geziene factoren in overweging te nemen.
Ten eerste is het soort werk dat iemand doet van belang. Huurmoordenaars kunnen veel geld verdienen, maar het feit dat we iets lucratief kunnen doen, betekent niet dat we dat moeten doen.
Ten tweede is onze motivatie om geld te verdienen van belang. Geld kan geen veiligheid, een lang leven of geluk garanderen. Veel rijke mensen worden ziek, worden gedood of plegen op tragische wijze zelfmoord. Veel van de meest miserabele mensen ter wereld zijn obsceen rijk. Met geld kun je huizen, privéjets en zelfs sportteams kopen, maar het kan geen vreugde kopen. Geld, als middel voor de ultieme bevrediging, maakt zijn beloften niet waar en presteert ondermaats. Integendeel, de apostel Paulus zei tegen Timotheüs dat “de godsvrucht een bron van grote winst, vergezeld van tevredenheid” is. Geld kan veel fysieke problemen oplossen waarmee we worden geconfronteerd, maar het is gemaakt als een hulpmiddel om ons te helpen God en anderen lief te hebben. Niet als een plek om eigenwaarde, identiteit en geluk in te zoeken.
Ten derde heeft het soort geld dat we aanhouden enorme gevolgen voor degenen die het gebruiken. Niet al het geld is gelijk geschapen. Geld is een hulpmiddel en hulpmiddelen worden pas ontworpen en gemaakt nadat een behoefte of doel is vastgesteld. Als een hulpmiddel slecht is ontworpen, of de doelen en doelstellingen van een hulpmiddel immoreel zijn, dan zullen degenen die het gebruiken hierdoor worden beïnvloed.
Deze derde factor zullen we in dit boek onderzoeken. Begrijpen hoe geld oorspronkelijk bedoeld was en hoe het werd gecorrumpeerd, zal de bestaande problemen ophelderen.
Hoe kan het dat geld angst en gêne veroorzaakt in gemeenschappen, en vooral in de christelijke gemeente? Hoe kunnen we, als gelovigen, omgaan met de gevaren van geld, of het potentieel van haar goedheid waarderen als we niet begrijpen wat geld is?
Geld is op het meest fundamentele niveau een geschenk van God.
“En God schiep de mens naar Zijn beeld; naar het beeld van God schiep Hij hem;”
— Genesis 1:27
Een van de voordelen van het gemaakt zijn naar het beeld van God, is dat we de door God gedelegeerde autoriteit hebben om nuttige dingen met onze handen te maken. Met dit vermogen kunnen we orde in de chaos scheppen, hetgeen een enorme verantwoordelijkheid is. Zoals G.K. Chesterton zei: “Dode dingen kunnen met de stroom meegaan, maar alleen een levend wezen kan er tegenin gaan.” We brengen dit principe – het dragen van Gods beeld – vooral tot uitdrukking in ons dagelijks werk en in vrijwillige activiteiten. Door handel met elkaar te drijven, kan een gemeenschap samenwerken om meer te produceren dan individuen afzonderlijk zouden kunnen. Door samen te werken, kunnen we meer creëren, door een gedeeld gevoel van doel, verbondenheid en gemeenschap. Dit heet het anti-entropische principe.
Geld is het gemakkelijkst verhandelbare goed in elke samenleving. Het is een primair instrument voor gezamenlijk menselijk handelen - een ruilmiddel dat de potentie heeft om de aard van ons werk uit te breiden en te verdiepen. Een instrument dat zo cruciaal is voor de bloei van de beschaving, moet duidelijk een geschenk van God zijn. De aloude verleiding om naar meer dan ons dagelijks brood te verlangen en het begeren van rijkdom, heeft ons echter voor een dilemma geplaatst over het onderwerp van onze aanbidding.
“Niemand kan twee heren dienen, want of hij zal de één haten en de ander liefhebben, of hij zal zich aan de één hechten en de ander minachten. U kunt niet God dienen en de mammon.”
— Mattheüs 6:24
We worden voortdurend geconfronteerd met de verleiding om de schepping te aanbidden in plaats van de Schepper. We worden verleid om ons meer te concentreren op de gaven dan op de Gever. Maar zoals Jezus zei, is dit een onhoudbaar conflict. We moeten de vorm aannemen van een dienaar, die of van God houdt of van geld.
Hoewel geld slecht wordt begrepen en zelden diepgaand wordt besproken, is onze toewijding eraan vaak open en ongegeneerd. Deze toewijding gaat verder dan het signaleren van rijkdom in de popcultuur of het bakkeleien met onze buren. We associëren geld met vrijheid, geluk en eigenwaarde. Hoeveel geld we hebben, heeft niet alleen directe invloed op de manier waarop anderen ons zien, maar vaak ook op hoe we onszelf zien.
Onze obsessie met geld maakt geen onderscheid tussen klassen. Rijk, arm of middenklasse, velen van ons lijken dezelfde obsessie te hebben: wat is de beste manier om ons geld te verdienen, te sparen, uit te geven en te beleggen. Zijn we gewoon van nature hebzuchtig? Waarom stellen zoveel mensen economisch gewin boven het welzijn van anderen of zelfs van zichzelf? De waarheid is dat eigenbelang verankerd is in ons wereldse bestaan. We kunnen alleen maar hopen systemen te creëren waarin eigenbelang niet in hebzucht verandert.
Echt begrijpen wat geld is, zal de macht die geld over ons heeft verminderen. Geld is verdorven en verergert ongure verleidingen en berooft ons van onze vrijheid. Helaas wordt er in kerken niet veel uitgelegd over wat geld is of hoe geld functioneert. Veel kerkleiders hebben te maken met dezelfde negatieve invloeden en misverstanden over geld, dus is het niet verrassend dat ze er niet over preken.
Geld hoeft ons leven niet te beheersen. Het hoeft geen obsessie te zijn en het hoeft geen bron van pijn in de wereld te zijn. Geld kan ontvangen worden met dankzegging en gezien worden als een goed geschenk dat ons dient, en niet andersom. Bedenk je wel dat niet al het geld gelijk is gemaakt. Door de geschiedenis heen heeft er zowel moreel als immoreel geld bestaan. Als we eenmaal de negatieve veranderingen van ons geld begrijpen, kunnen we de immorele drijfveren vermijden die ten grondslag liggen aan het onsolide geld dat we tegenwoordig hebben. Maar voordat we kunnen begrijpen hoe het huidige geld ons in de steek heeft gelaten, moeten we een stap terug zetten en begrijpen wat werk is en zijn relatie tot geld.
“Dwaal niet: God laat niet met Zich spotten, want wat de mens zaait, zal hij ook oogsten.”
— Galaten 6:7
God had elk soort wereld kunnen maken. God had een wereld kunnen maken waarin we alleen maar aan iets hoeven te denken om het onmiddellijk te ontvangen. God had een wereld kunnen stichten waar gebed de basis is om alles in de wereld te bereiken en elk verzoek dat aan Hem wordt gedaan, wordt ingewilligd.
God had als de butler van de mensheid kunnen dienen en direct alles kunnen creëren wat ooit zou worden gemaakt.
“Honger?” - poef - “Hier is een broodje.”
“Dorst?” – poef – “Hier is wat limonade.”
In plaats daarvan hebben we een God die deze inspirerende verantwoordelijkheid met de hele schepping wenst te delen. Hoewel God in het begin op wonderbaarlijke wijze dingen schiep, ontwierp Hij ons om medewerkers in de wereld te zijn en gaf Hij ons autonomie. Een continue opeenvolgende schepping houdt een natuurlijk voortbestaan in stand.
Dat wil zeggen, God geeft levende wezens de wil en het vermogen om zichzelf in stand te houden en te vermenigvuldigen. De grond waar het zaad moet worden geplant, moet worden uitgegraven en verzacht om het zaad de beste kans op vruchtvorming te geven. Zonder dit zaaien kan er niet worden geoogst. Zonder te planten kan er geen oogst zijn. Aan groei moet werk vooraf gaan.
Zoals Paulus in zijn brief aan de Galaten stelt, is de relatie tussen werk en beloning vast en onveranderlijk. Het principe van zaaien en oogsten is ingeworteld in onze wereld. Investeringen en de opbrengsten ervan maken deel uit van Gods ontwerp, waardoor werk een integraal onderdeel wordt van het mens-zijn.
“Wie gestolen heeft, moet niet meer stelen, maar zich liever inspannen om met de handen goed werk te doen, om iets te kunnen delen met wie gebrek heeft.”
— Efeze 4:28
We kunnen geld niet begrijpen zonder werk te begrijpen. Geld is een integraal onderdeel van het leven, omdat werk een integraal onderdeel van het leven is. Werk is wat we doen om iets van waarde te creëren voor onszelf en voor anderen. Diefstal is het tegenovergestelde; het is iets van waarde afnemen van anderen. Economen zouden zeggen dat stelen een nulsom is, dat wil zeggen dat er geen netto voordeel is voor het collectief. De dief wint alleen ten koste van anderen. Met andere woorden, werken is creatief, terwijl diefstal destructief is.
Het achtste gebod zegt dat stelen verkeerd is. Zelfs de seculiere wereld weet dat diefstal in strijd is met de wetten van de natuur, omdat stelen ons op een primair niveau beledigt. Door diefstal wordt het interpersoonlijke vertrouwen dat nodig is voor een vruchtbare samenwerking ontbonden. De emoties die gepaard gaan met het onrecht van diefstal zijn aangeboren en kunnen zelfs bij zeer jonge kinderen worden waargenomen. Soortgelijke gevoelens zijn opgemerkt bij primaten en andere zoogdieren. Zelfs de meest vurige communist, die misschien beweert niet in privébezit te geloven of geld te haten, zal overstuur zijn als iemand hem berooft.
Werk is zwaar. Het maakt iets uit het niets - de spreekwoordelijke ’vruchten van de arbeid’. Werk voegt waarde toe en komt ten goede aan mensen, gemeenschappen en landen door nieuwe goederen en diensten te creëren die het leven van mensen verbeteren. Werk dat waarde toevoegt, moet beloond worden. Diefstal moet bestraft worden omdat het waarde vernietigt. Diefstal schaadt de glorie van Gods beeld dat wij dragen en is daarom mensonterend en immoreel.
“En zoals u wilt dat de mensen u doen, doet u hun ook zo.”
— Lukas 6:31
Jezus zei dat we Gods ontwerp voor de mensheid in twee geboden kunnen samenvatten: heb God lief en heb uw naaste lief. Vanaf het begin was het Gods wens voor de mensheid om een wereld te creëren waarin wij vrijwillig van elkaar zouden houden.
