Bewijs het - Meinema Eduard - E-Book

Bewijs het E-Book

Meinema Eduard

0,0
2,99 €

oder
-100%
Sammeln Sie Punkte in unserem Gutscheinprogramm und kaufen Sie E-Books und Hörbücher mit bis zu 100% Rabatt.

Mehr erfahren.
Beschreibung

Agent Hamill onderzoekt een melding over vandalisme. Hij hoopt dat hij nog op tijd thuis is voor de belangrijkste wedstrijd van het jaar. Maar deze uitzonderlijke vandalen eisen het uiterste van hem. Hij moet vechten voor zijn leven om aan te tonen dat hij de badge waard is. Zou jij het aankunnen? Zou jij de badge waard zijn?

Das E-Book können Sie in Legimi-Apps oder einer beliebigen App lesen, die das folgende Format unterstützen:

EPUB

Veröffentlichungsjahr: 2020

Bewertungen
0,0
0
0
0
0
0
Mehr Informationen
Mehr Informationen
Legimi prüft nicht, ob Rezensionen von Nutzern stammen, die den betreffenden Titel tatsächlich gekauft oder gelesen/gehört haben. Wir entfernen aber gefälschte Rezensionen.



Eduard Meinema

Bewijs het

Copyright © 2020 by Eduard Meinema

All rights reserved. No part of this publication may be reproduced, stored or transmitted in any form or by any means, electronic, mechanical, photocopying, recording, scanning, or otherwise without written permission from the publisher. It is illegal to copy this book, post it to a website, or distribute it by any other means without permission.

First edition

This book was professionally typeset on Reedsy Find out more at reedsy.com

Contents

Bewijs het

About the Author

Bewijs het

‘Bewijs maar dat je het kan; bewijs me maar dat je die penning waard bent,’ had Trudeau tegen hem gezegd. ‘Be the badge,’ had hij hem zelfs nog grappig nageroepen. De lul.

Nu stond hij hier. Alleen. Bij de villa van de weduwe Cummings. ‘Kom op, even doorbijten, des te eerder ben je er vanaf,’ sprak hij zichzelf moed in. ‘Ben ik misschien nog net op tijd thuis; voor de wedstrijd begint…’

De villa lag er verlaten bij. Agent Hamill baande zich een weg door het kniehoge onkruid dat de ooit zo geroemde tuin van meneer Cummings in slechts enkele jaren tot in de kleinste hoekjes had overwoekerd. De hand van de meester werd hier duidelijk gemist; maar niet zo hard als de weduwe Cummings de meester zelf nu al tien jaar moest missen.

Met tegenzin belde hij aan. De weduwe had eerder die avond naar het bureau gebeld en melding gemaakt van een groepje vandalen dat haar lastig viel. Jongeren die het spannend en stoer vonden de villa binnen te sluipen. De woning zag er dan ook onbewoond en verlaten uit. Over haar bewoonster deden de meest vreemde en enge verhalen de ronde. Dat prikkelde de fantasie van kinderen. Ze hitsten elkaar op, maakten elkaar gek. Wie is er stoer genoeg? Wie durft de villa binnen te gaan? Als Hamill ergens een pesthekel aan had waren het kinderen. Vooral dit soort etterletters die gewoon voor de lol andermans bezittingen naar de klote hielpen.

Er werd niet opengedaan, maar binnen klonk wel gestommel. Agent Hamill belde nog een keer aan. ‘Be the badge,’ echode het door zijn hoofd. De sarcastische lul. Alsof hij bang was voor die kleine lamstralen. Hij haatte ze. Zijn baas wist dat hij de pest had aan kinderen; en toch had hij Hamill alleen op pad gestuurd om deze melding te controleren.

Agent Hamill deed een stap naar achteren. Keek of hij ergens licht zag branden. Het imposante huis leek donker. En stil. Het gestommel dat hij net dacht te horen, was nu weg. Hij stond in tweestrijd; zou hij gewoon weggaan? Hamill was nog maar net vijftig geworden, maar had er toch al dertig dienstjaren op zitten. Hij was er de man niet naar om zomaar weg te lopen; deed wat er van hem verwacht werd. Nam contact op met het bureau, de kleine politiepost van Olcape, meldde de situatie die hij had aangetroffen en vroeg wat hij moest doen.

‘Helemaal donker? Weet je het zeker?’ vroeg zijn chef, Trudeau. ‘Kom op Hamill, grijp die kids bij de kladden, stel de weduwe gerust en dan mag je naar huis. Akkoord?’

‘Luister nou eens Trudeau. Er is hier niemand. Als er kinderen waren, zijn ze waarschijnlijk allang naar huis. Binnen is alles pikkedonker Trudeau; geloof mij nou maar, die pikkies doen het in hun broek in dit spookhuis.’

‘Ja, het is de laatste jaren wel een beetje in verval geraakt he? ‘ zei Trudeau. ‘De weduwe kan het onderhoud niet alleen aan. Misschien moeten we die rotjongens een taakstraf geven. Hen het huis op laten knappen.’

‘Ik zou beginnen met de tuin,’ zuchtte Hamill. ‘Man er is bijna geen doorkomen aan. Ik kan vanaf hier niet eens mijn auto zien staan.’

‘Hmm, oké,’ sprak Trudeau afwezig. ‘Toch vreemd.’

‘Wat is er vreemd?’ vroeg Hamill. Hij liep inmiddels rond het huis; controleerde nauwkeurig of één van de ramen of deuren braakschade vertoonde.

‘Dat ze niet opendoet. De weduwe.’

Het bleef stil.

‘Hamill? Wat doe je?’ vroeg Trudeau.

‘Ik heb een kapot raam gevonden,’ sprak Hamill fluisterend. Hij pakte zijn zaklamp, bekeek de grond onder het raam en scheen daarna naar binnen. ‘Het glas is naar binnen geslagen. Ik denk dat die kids hier naar binnen zijn gegaan.’

‘Voorzichtig Hamill,’ zei Trudeau tot Hamill’s verbazing. ‘Moet ik nog iemand sturen?’

Weer bleef het stil.

‘Hamill? Heb je ondersteuning nodig?’ Trudeau luisterde gespannen, maar kreeg geen antwoord. ‘Verdomme Hamill. Je bent toch niet naar binnen gegaan he? We hebben geen bevel voor huiszoeking!’

‘Reageert hij niet?’ vroeg agent Rianne Gondrov.

Trudeau haalde zwaar adem. ‘Nee,’ gromde hij. ‘Die is natuurlijk beledigd over wat ik zei toen ik hem op pad stuurde. Die ouwe zak kan niet tegen een geintje.’

‘Nee, nee, Trudeau. Hamill kan best tegen een stootje. Maar hij heeft wel iets tegen kinderen. En dat weet je!’ zei Rianne. ‘Zal ik anders even gaan kijken?’ In een soepele beweging bond ze haar losse, kastanjebruine haren alvast samen in een paardenstaart.

Trudeau besloot eerst Hamill nog een keer op te roepen. Opnieuw kreeg hij geen gehoor. ‘Blijf maar hier. Ik ga zelf even kijken,’ mopperde hij. ‘Verdomme, uitgerekend vanavond…’

‘Moet je maar niet proberen grappig te doen; je weet dat je dat niet bent…,’ grinnikte Rianne.

‘Bedankt Gondrov…,’ zei Trudeau. ‘Weet je… Roep voor de zekerheid Tex maar op. Ik wil vanavond eigenlijk niemand missen.’

‘Hij zal je eeuwig dankbaar zijn. Volgens mij heeft hij al een jaar geleden vrij gevraagd om de finale te kunnen zien.’

‘Ja, nou, wij zien er ook niets van. Bel hem nou maar!’

‘Ohhh, dus dat is het? Je wilde zelf tv kijken…,’ zei Rianne grijnzend.

Trudeau had niet de moeite genomen op haar te reageren. Hij baalde ervan. Vanavond werd de finale gespeeld. Beide teams hadden de afgelopen maanden de competitie beheerst; waren vrijwel even sterk en allebei belust op de overwinning. De ultieme winst. Dit werd de spannendste wedstrijd sinds mensen heugenis. Maar ja. De kleine politiepost moest bemand blijven. Alleen Tex had vrij gekregen. Nou, jammer dan. Hij had Tex lekker op laten roepen. Gedeelde smart is halve smart, dacht Trudeau.

Onderweg naar de villa van Cummings probeerde hij via de intercom en via zijn smartphone contact te krijgen met Hamill. Tevergeefs. Hamill reageerde op geen enkele manier. Bij de villa aangekomen, parkeerde hij zijn wagen achter die van Hamill. Trudeau verbaasde zich over de staat waarin de woning verkeerde. Hij reed regelmatig voorbij, maar had nooit de moeite genomen de villa aandachtig te bekijken. De oude Cummings had de villa een jaar of tien geleden, net voor zijn dood, laten bouwen. Nu Trudeau de villa van dichtbij zag, leek het wel of de woning al eeuwenoud was. Het onkruid stond kniehoog. De verf was gebladderd. Een deel van de dakgoot hing los; hij zag dat er zelfs enkele dakpannen ontbraken. Het leek wel een leegstaand huis. Precies zoals Hamill zei, voor jongeren een uitdaging om dit spookhuis eens van binnen te bekijken. Maar ja. Het huis was nog bewoond.

Voor de oprit stond de wagen van Hamill. De oprit zelf was leeg. Mevrouw Cummings had haar auto blijkbaar binnengezet, in de dubbele garage. Terwijl hij naar de voordeur liep, vroeg Trudeau zich af wanneer hij haar voor het laatst had gezien. Hij kon zich alleen nog maar herinneren dat hij haar in de kerk had gezien. Op de dag dat haar man werd begraven. Godallemachtig. Alweer tien jaar geleden, dacht Trudeau. Tijd vliegt.

De ooit witte verf hing bladderend aan de voordeur. Naast de voordeur lag een stapel post en vergeelde kranten. Het melkwitte glas naast de deur verhinderde hem naar binnen te gluren maar Trudeau was ervan overtuigd dat er in de gang nog meer post lag. Hij belde aan, maar hoorde niets. Trudeau besloot dan maar op de deur te kloppen. Heel even dacht hij iets te horen. Hij luisterde aandachtig, het leek op het geluid van giechelende kinderen. Verdomme, dacht hij. Die rotjongens zullen de weduwe toch niets hebben aangedaan? Of Hamill… Waar was die vent toch?

Nog één keer klopte hij op de voordeur. Hard. Zelfs al was de weduwe inmiddels doof, dan zou ze dit zeker moeten horen. Trouwens, doof? Ze had vanavond zelf gebeld om een aanklacht in te dienen. Nee, doof was ze absoluut niet. Die kinderen hadden haar iets aangedaan. Dat moest wel.

‘Rianne?’ sprak Trudeau via zijn portofoon. ‘Is Tex er al?’

‘Hoor je hem niet lachen dan?’ zei agent Gondrov gevat. ‘Het is hier één groot feest.’

‘Ja, dat geloof ik. Luister, er wordt niet opengedaan en ik heb nog steeds geen contact met Hamill. Ik loop een rondje om het huis. Hamill zei dat er een ruit was ingegooid. Ik ben bang dat hij naar binnen is gegaan.’

‘Ja? En wat wil je dat ik doe?’

‘Vraag even bij dominee Rutherford na wanneer hij de weduwe voor het laatst heeft gezien. Of gesproken. Het huis ziet er niet uit, ik denk dat we als gemeenschap de handen ineen moeten slaan om de boel hier op te knappen.’

‘Ik bel hem wel even,’ zei Rianne. ‘Doe je voorzichtig?’

‘Eh… ja,’ stamelde Trudeau verbaasd. Gondrov die bezorgd was? Over hem? Het moest niet zotter worden. ‘Wacht eens…’ Trudeau was aan de achterkant van de villa aangekomen. Daar zag hij de ingeslagen ruit. En bloedsporen. ‘Rianne? Ik… Ik zie Hamill nergens, maar ik zie wel bloedsporen bij een ingeslagen raam. Stuur Tex ook maar hierheen. Achterzijde woning. Ik wacht buiten op hem.’

‘Echt waar? Moet ik daar naartoe?’ zei Tex teleurgesteld. Zijn verlof was abrupt ingetrokken; juist nu de finale werd gespeeld. De finale waar hij zich al maanden op had verheugd. ‘En dat allemaal voor een paar kinderen?’ zuchtte Tex.

‘Sorry Tex,’ zei Rianne. ‘Ik zeg alleen maar wat Trudeau mij opdraagt.’