De verloren Duitse duikboot - Herman Mertens - E-Book

De verloren Duitse duikboot E-Book

Herman Mertens

0,0
12,99 €

-100%
Sammeln Sie Punkte in unserem Gutscheinprogramm und kaufen Sie E-Books und Hörbücher mit bis zu 100% Rabatt.

Mehr erfahren.
Beschreibung

Een Duitse, geheime missie met twee duikboten op weg naar Zuid-Amerika strandt op een onbewoond eiland in de Atlantische Oceaan. De ene boot, met een zeer waardevolle, geheime lading, wordt verstopt; de andere vertrekt weer, maar verongelukt onderweg. Vele jaren later besluiten dertien jonge, pas afgestudeerde vrienden een boot te kopen, die op te lappen en er een jaar op uit te trekken alvorens 'aan het echte leven te beginnen'. Onderweg sluit een aantal meisjes zich bij hen aan. Als zij, na een feestelijk avondje, zichzelf 's morgens terugvinden op het strand van een eiland gaan ze op onderzoek uit en stuiten ze op het wrak van de boot. Vanaf dat moment krijgt hun aanvankelijk ontspannende reis de kenmerken van een heuse oorlog.

Das E-Book können Sie in Legimi-Apps oder einer beliebigen App lesen, die das folgende Format unterstützen:

EPUB
MOBI

Seitenzahl: 144

Veröffentlichungsjahr: 2022

Bewertungen
0,0
0
0
0
0
0
Mehr Informationen
Mehr Informationen
Legimi prüft nicht, ob Rezensionen von Nutzern stammen, die den betreffenden Titel tatsächlich gekauft oder gelesen/gehört haben. Wir entfernen aber gefälschte Rezensionen.



Inhoud

Colofon 2

Inleiding 3

Drie jaar na het einde van de Tweede Wereldoorlog 16

Achttien jaar na het einde van de Tweede Wereldoorlog 18

Het vertrek op avontuur 33

De start naar het onbekende avontuur samen met de meisjes 46

De tocht door het Panamakanaal 74

Colofon

Alle rechten op verspreiding, met inbegrip van film, broadcast, fotomechanische weergave, geluidsopnames, electronische gegevensdragers, uittreksels & reproductie, zijn voorbehouden.

© 2022 novum publishing

ISBN drukuitgave:978-3-99131-103-4

ISBN e-book: 978-3-99131-104-1

Lectoraat:Ine van Gerwe

Vormgeving omslag:Carsten Medom Madsen, Chrisp543, Alinamd | Dreamstime.com

Omslagfoto, lay-out & zetting:novum publishing

www.novumpublishing.nl

Inleiding

Begin april 1943 liggen twee duikboten, U1001en U1002, in de basis van Brest.

Ze worden beide onderworpen aan een grondigeonderhoudsbeurt. Na twee weken worden deze boten vrijgegeven en komen ze terecht in een ander dok waar ze elk hun lading ontvangen.

Er is veel beweging rond deze twee duikboten, met veel toe- zicht van de SS en de Gestapo. Zelfs admiraal Dönitz was present.

De U1001 werd volop geladen door de SS’ers en matrozen; wat die lading was, wist niemand van de bemanning.

De U1002 werd ook geladen, maar met torpedo’s, munitieen proviand terwijl de U1001 geen torpedo’s bijkreeg en het moest doen met zesstuks.

Op dinsdag 20 april kwam het signaal ‘boten geladen enklaar voor vertrek’.

Dönitz ontving beide kapiteins voor een briefing op woensdag 21 april1943.

Hij deelde hen mee dat ze op 22 april om vier uur in de ochtend moesten vertrekken met een tijdsverschil van 45 minuten tussen beide boten.

De volgende ochtend:

Brest,donderdag 22 april 1943: om vier uur ‘s ochtends vertrekt een U-boot op een geheime missie opdirect bevel van Adolf Hitler; 45 minuten later vertrekt een tweede U-boot ter bescherming van de eerste, eveneens opdirect bevel van Hitler.

De eerste officier meldt aan de kapitein:

“Bootklaar om te vertrekken kapitein.”

Dan volgt het eerste order: “Motoren starten,” en de diesels komen tot leven met een rookwalm en proesten nog meer rook uit. Dan volgt het tweede order: “Trossen los.”

Langzaam kom de U-boot los vande kade en glijdt zacht door het water richting open zee.

De kapitein staat in de toren, kijkt rond, spreekt zijn eerste stuurman aan en zegt:

“Frits, we zijn vertrokken voor enkele maanden, ben benieuwd wat ons staat te wachten.”

Frits was in gedachten verzonken en hoorde de kapitein niet, hij staarde naar de horizon en zag hoe het ochtendgloren de nacht aan het verdrijven was.

Een zachte zuiderwind blies door hun haren terwijl de zee rustig kabbelde.

Samen staarden ze methun verrekijkers in alle richtingen op zoek naar de vijand.

Maar alles was rustig en ze genoten van het uitzicht.

De kapitein op deeerste duikboot U1001 is een militair die in de Eerste Wereldoorlog al op een duikboot zat.

Langzaam glijdtde U1001 verder door het water op weg naar een onbekend avontuur.

Eenmaalop volle zee heeft hij bevel om zijn orders teopenen. Karl Heinz Jung, de kapitein van U1001, verzamelt zijn officierenin de kombuis. Wanneer ze allen bijeen zijn, opent hij de bevelen van de Führer. En hij begint ze voor te lezen aan zijnofficieren:

Kapitein, deze missie is voor het goed van het Duitse volk en moet slagen.Hier zijn de coördinaten die u moet volgen. Die brengen ons richting Brazilië.

De U1001 is geladen met zeer belangrijke items die niet in handen van de vijand mogenvallen.

Ik verwacht dat u deze opdracht volledig zal uitvoeren volgens mijn wensen.

Ik wens u veel succes voor dezeopdracht.

SiegHeil.

Adolf Hitler

Na de eerste dag besluit de kapitein de bemanning te laten oefenen op een snelle duik.Hij laat het alarm klinken en geeft via de boordradio het bevel om te duiken.

Gelijktijdig neemt hijde tijd op. Na een tumultueuze 1 minuut 26 seconden is de duikboot onder water. De kapiteinroept zijn eerste officier bij zich en vertelt dat het duikenveel sneller moet gaan, dit moet gebeuren binnen 35 seconden, dat is de richtlijn. Hij licht de manschappen in en vertelt hen dat het een kwestie is van leven of dood.

De volgende dagen blijven ze diezelfde oefening herhalen en telkenszakt de tijd en kunnen ze sneller duiken. Tot opde dag dat ze duiken onder de 35 seconden.

“Kapitein, bij de duikoefening van vandaag hebben weeen tijd neergezet van 33 seconden.”

“Dank u, eerste officier.”

Enkele uren later doet de kapitein een mededelingvia de intercom van het schip:

“Dit is een bericht voor de ganse bemanning. Heren, aangezien wij de oefeningen om sneller en sneller te duiken steeds beter en beter doen en we bij een tijd van 33 seconden zijn gekomen, wens ik mijn dankbaarheid te tonen voor de inzet van jullie allen. En daarom, heren, gaan wij een onbewoond eiland uitzoeken waar we aan walgaan. Er blijft een wacht van vier man aan boord omde boot te bewaken. Onze koks zullen mee aan land gaanen samen met enkele matrozen zullen zij op jacht gaan naarvers vlees, dat zij dan zullen bereiden aan het spit.”

De kapiteinbegaf zich daarna naar de officier die instaat voor de navigatie.

“LuitenantWemmels.” “Jawohl, kapitein.”

“Toon mij op de kaart waar we zijn zodat we een eiland kunnen gaan zoeken.”

“Tot uw orders kapitein.”

De luitenant toonde de kapitein op kaartwaar ze zaten: “Kapitein, tussen Funchal en Santa Cruz ligt een nog onbekend eiland, daar kunnen we naartoe.”

“In orde, we gaan daarnaartoe. Welke koers moeten we varen en hoelang duurt het voordat we er zijn?”

“Ik zal alles inorde brengen, kapitein, maar na acht dagen zullen we ter plaatse zijn.”

“In orde,laat dit ook aan de bemanning weten.”

Na een rustige vaart van zeven dagen kwam de boodschap: “Land in zicht. Kapitein aan dek gevraagd.”

De kapitein begaf zichnaar de toren en ging aan dek. “Kapitein, kijk, daar is het eiland.”

Samen namen ze hun verrekijkers en aanschouwden het eiland.

“Zoek een plaats waar we de U-boot kunnen aanleggen zonder dat hij goed zichtbaar is vanop volle zee.”

“In orde kapitein.”

Na enkele uren hadden ze de geschikte plaats gevonden aan een grote inham en de U-boot werd daar gelegd. Een landingseenheid ging aan wal met de opdracht om takken en struiken mee terug te brengen zodat ze de duikboot konden camoufleren, en deze niet ontdekt kon worden.

Na enkele uren kwamen de Duitsers terug met het nodige materiaal om de boot te camoufleren.

“Kapitein voor marconist.”

“Marconist luistert, kapitein.”

“Zend bericht aan U1002 met onze locatie en dat ze langszij komen.”

“In orde, kapitein.”

Toen klonkvia het intercomsysteem van de duikboot: “Dit is de kapitein die spreekt. Mannen,we liggen aan een onbewoond eiland om enkele dagen te recupereren. We gaan van boord en er blijft éénwacht van vier man aan boord, deze vier worden morgenafgelost. Iedereen moet zijn wapen dragen, en voor de kok: jij gaat mee met twee matrozen om voor vers vlees te zorgen.” Zodoende vertrok de bemanning in rubberen boten naar het eiland.

Het eiland had afwisselend zand- en rotsstranden met een dichte begroeiing van planten.

Iedereen begon aan dehem opgedragen taak. De kok ging met twee matrozen op jacht naar vers vlees. Zij begonnen hun zoektocht langs het strand. Na een uur wandelen zei een matroos:

“Kijk hier: sporen inhet zand en ze gaan in de richting van het midden van het eiland. Oké, we volgen die sporen.”

Op hunweg passeerden ze allerlei soorten planten, waarop de kok zei:

“Mannen, wacht even, dit zijn wilde kruiden en die kan ik goed gebruiken bij het klaarmaken van het vlees.”

Samen begonnen ze de kruiden te plukken en stopten ze in een grote zak.

Al vlug kwamenze in het struikgewas en moesten ze met machetes hunweg vrijmaken. Het oerwoud werd dichter en dichter tot zeplots op een vlakte uitkwamen. Snel gingen ze liggen en kekenrond met hun verrekijkers. Tot de kok zei:

“Mannen, kijk daar,op 13.00 uur, daar beweegt wat.” De matrozen keken en zagende bewegingen.

“Kom, we gaan tegen de wind in, dan kunnen de dieren ons niet ruiken en kunnen we dicht genoeg bijkomen om te kijken wat voor beesten het zijn.”

Zo gezegd, zo gedaan. Ze gingen rond entegen de wind in naar de plaats. Op een goede dertig meter afstand konden ze de dieren horen. Die maakten een knorrendgeluid. Tot de kok zei: “Mannen, ik denk dat het wilde varkens zijn die daar zitten.” Ze slopen dichterbij en inderdaad; het waren varkens, maar geen wilde, wel verwilderde varkens diedaar zaten.

Een matroos nam zijn wapen, een mauser, en vroegaan de kok: “Welke moet ik afschieten?”

Die zei: “Ik zie daar enkele zeugen. Schiet één van die varkens af en laat die zeugen leven.”

De matroos legde aan en wat later klonk er een schot. Het varken zakte door zijn poten en bleef voor dood liggen. Door het lawaai waren de andere varkens allemaal gaan lopen. De matrozen hakten stevige takken af en maakte een gestel om het varken aan te hangen zodatze terug konden gaan naar het strand.

Ondertussen waren de manschappen eenvuur aan het voorbereiden achter een kleine heuvelrug zodat de vlammen niet zichtbaar waren vanop zee. Andere matrozen waren ook op verkenning gegaan, op zoek naar fruit en eetbare planten.

Zij hadden gevonden wat ze zochten en brachten bananen, ananas, kokosnoten en nog andere vruchten mee. Ook hadden ze een halfvergane hut gevonden waarlangs een verwilderde groentetuin lag, daar vonden zevan allerlei groenten zoals kolen, tomaten, aardappelen en nog veel meer,die in een verwilderde tuin groeiden.

Maar toen ze in de restanten van de hut gingen kijken, zagen ze een skelet liggen.

Zij besloten de onmiddellijke omgeving van de hut uit te kammen om te kijken of ze nog iets vonden. En ja hoor, een goede vijftig meter achter de hut waseen kleine berg volledig ingesloten door struikgewas. Nadat ze een deeldaarvan hadden weggekapt, kwam er een ingang van een grot tevoorschijn.

De mannen keken elkaar aan en gingen binnen nadat ze fakkels hadden gemaakt.

Eenmaal binnen, stonden ze versteld van wat ze zagen. Het was de voorraadkamer geweest van de piraat. Er stonden kisten in met allerlei spullen, kleding, tinnen bekers,pistolen, enkele vaatjes met buskruit en twee vaten rum.

Toen zei de onderofficier:

“We gaandit eerst melden aan de kapitein en die zal danzeggen wat we ermee moeten doen. Maar we nemen wel een vat rum mee.”

De mannen vertrokken terug richting strand en eenmaal daar aangekomen, werd de kapitein ingelicht. Deze zei: “Welaten dit nu voor wat het is, maar ik zal in mijndagboek alles noteren aangaande dit eiland zodat we later kunnen terugkomen om het allemaal uit te zoeken. Maar eerst wil ikmijn orders verder uitvoeren.”

Daarna ging de kok naar de kapiteinen vroeg: “Hoe wil je dat ik het varken bereid?”

De kapitein zei: “Kan dat aan het spit?” Waarop de kok zei:

“Jazeker, maar dan duurt het wel nog even voor we kunnen gaan eten.”

“Geen probleem,” zei de kapitein, “we hebben tijd en rum genoeg, begin er maar aan.”

Het varken werd geslacht en de ingewanden werden verwijderd. De kok nam de darmen van het varken en bereidde ze voor om worsten mee te maken.

Daarna werd het varken aan het spit geregen en gekruid, gelijktijdig werd het vuuraangestookt. Toen dat eenmaal in orde was, begon men het varkente grillen. De kok maakte ook van alle groenten en fruit die ze hadden meegebracht schotels klaar.

Gelijktijdig begon hij met het maken van worsten die hij later rookte, zodat ze lang bewaard kunnen worden.

Ondertussen was ook de U1002 langszij gekomen en zij hadden eveneens hun boot gecamoufleerd. De kapitein van de U1002 kwam aan landen werd getrakteerd op een beker rum. De beide kapiteins klonkenen genoten van hun drank.

Na enkele uren was het maalklaar en iedereen kreeg zijn deel van het voedsel.

De mannen genoten vanhun maaltijd en na het eten gingen zij kriskras door elkaar ergens een plaats zoeken om van de zon en het zicht te genieten.

De volgende dag werd de bemanning afgelost en ook deze kregen hetzelfde maal voorgeschoteld.

En ook zij genoten met volle teugen van hun drank en eten. Na vier dagen besloten beide kapiteins om verder te varen en hun orders uit te voeren. De bemanning was uitgerust en vol energie om hun opdracht uit te voeren.

De U1001 vertrok richting Little San Salvador en 45 minuten later vertrok ook de U1002 in dezelfde richting.

Opnieuw werd er geoefend op snel duiken en ze haalden telkens de vooropgezette tijd.

Daarna werdde tocht verdergezet boven water. De kapitein en enkele officieren hieldende uitkijk en speurden de horizon af naar vijandige schepen.

En alles was rustig tot …

Na eenreis van 28 dagen klinkt plots het alarm. “SONAR AAN KAPITEIN!!”

“Kapitein luistert.”

“Ik hoor schroeven van een schip.” “Hoever verwijderd van ons?”

“Kapitein,ongeveer duizend meter.”

“Duiken, duiken, duiken.”

Nu begrijpt de bemanning des te beterde vele oefeningen van de voorbije dagen en na 35 secondenzijn ze onder water verdwenen.

Aan boord heerst volledige stilte en de bemanning gaat in gevechtsmodus.

“Sonar, waar zit de vijand?”

“Kapitein, hij is gekeerd en heeft de achtervolging ingezet.”

“Duik naar 100 meter en zoek een koude waterlaag op, daaronder kan hun sonar ons niet waarnemen.”

Een totale stilte.

“Kapitein, we zitten onder een koude laag, maar deze ver- plaatst zich snel.”

“Probeerdeze te volgen zodat we uit beeld blijven.” “Kapitein, we verliezen de laag!”

Totale stilte nu!

“Kapitein, hij is naar ons aan het peilen.” (ping, ping, ping, ping, pong)

“Kapitein, hij heeft ons gevonden. En heeft dieptebommen gelanceerd. HOU U VAST, ze gaan ontploffen.”

En op enkele meters afstand van de U1001 ontploffen de dieptebommen, zonder ernstige schade aan te richten aan de U1001.

“Sonar, waar is de vijand?”

“Kapitein, hij komt terug en gooit dieptebommen.”

En weer kan de kapitein ontkomen aan de dieptebommen.

“Dan varen we verder,” was het bevel van de kapitein. En wederom werd er gepeild door de destroyer naar de duikboot. Maar dan maakt de kapitein een fout en laat de U-boot in de verkeerde richting draaien.

De destroyer van de geallieerden draait op dezelfde wijze en komt zo in een ideale positie om de U1001 uit het water te blazen.

Hijbegint met een regen van dieptebommen naar de U1001 te sturen. En deze wordt stevig door elkaargeschud.

Dan plots roept sonar:

“Kapitein, ik hoor torpedo’s richting vijand.”

“Hou me op de hoogte en vaar verder richting zuidzuidwest.” Sonar aankapitein:

“De torpedo’s gaan inslaan.” Sonar aan kapitein:

“De torpedo’s hebben het doel getroffen.Ik hoor explosies en brokstukken in het water vallen.”

Kapitein voor sonar:

“Heeft de vijand nog vaart?” Sonar aan kapitein:

“Nee, ze liggen zo goed als stil.”

“Eerste stuurman naar periscoopdiepte.” “Hai, hai kapitein.”

Even later:

“Kapitein, we zijn op diepte. Periscoop omhoog.”

Dekapitein kijkt door de periscoop en ziet hoe de vijandverslagen is en hun schip onder de golven verdwijnt. De bemanningsleden hebben zich in veiligheid kunnen brengen in dereddingsboten en helpen de anderen ook in hun boten.

“Periscoop omlaag, we varen verder.” Marconist neem contact op met de U1002. “Machinekamer, hebben wij schade?” Machinekamer aan kapitein:

“De elektromotoren zijn in orde, maar de diesels zijn beschadigd door de ontploffing van de dieptebommen.”

“Zijn er slachtoffers onder de bemanning?”

“Kapitein, meer dan de helft is gesneuveld door de diepte- bommen.”

“Kunnen wij nog varen op deze diesels?”

“Ja, op een vierde van de kracht. Eén motor is helemaal stuk en deandere heeft weinig of geen kracht meer, enkel voldoende vermogen om de batterijen op te laden. Dus kunnen we alleen verder op de elektromotoren. “

Kapitein aan marconist:

“Hebje al contact met U1002?” Marconist aan kapitein:

“Ja, we hebben contact, ze vragen of we schade hebben. Wat zal ik zeggen kapitein?”

“Vertel; motoren stuk, kunnen enkel nog op één vierde kracht varen en vraag assistentie aan U1002. Marconist, vertel me wanneer U1002 een antwoord heeft gegeven.”

“Oké kapitein.”

Enkele ogenblikken later:

“Kapitein, U1002 heeft geantwoord.Ze komen langszij om te helpen.”

Na meer dan een uur wachten komt plots de U1002 boven water langs de beschadigde duikboot.

U1002 gaat langs U1001 liggen ende kapitein komt aan boord van de U1001.

Kapitein: “Mag ik aan boordkomen?” “Toegestaan, kapitein Karl.”

Karl: “Nu man, ben ik blij dat jullie in de buurt waren, anders waren we gezonken, Hans.”

Hans: “Karl, welke schade heb jij opgelopen? En zijn er slachtoffers onder de bemanning?”

Karl: “Hier is het schaderapport. Kijk zelf maar, de dieselszijn zwaar beschadigd, eentje draait niet meer en de ander op een vierde van zijn vermogen, nog net genoeg om de batterijen tekunnen opladen. Wij kunnen zo niet verder varen; als we een vijand tegenkomen, zijn we verloren.”

“Karl, wat is het noodscenario in ons geval?”

“De voorschriften zijn nu gewijzigd gezien het belang van deze missie. Hitler heeft bevel gegeven dat wanneer dit gebeurt, wede boot en de lading in veiligheid moeten brengen.”

“En hoe gaan we dat doen?”

Karl: