Hete dromen - Rose Winter - E-Book

Hete dromen E-Book

Rose Winter

0,0
1,99 €

oder
-100%
Sammeln Sie Punkte in unserem Gutscheinprogramm und kaufen Sie E-Books und Hörbücher mit bis zu 100% Rabatt.

Mehr erfahren.
Beschreibung

Gina van Wijk komt voor een dilemma te staan als haar collega Russel een spannend voorstel heeft. Het zou de perfecte oplossing zijn voor haar: niet de verplichtingen die een relatie met zich meebrengt, maar wel de spanning en het plezier van ‘onderonsjes’ op kantoor. Dat Russel nog advocaat-stagiair is op het kantoor waar ze werkt, en zij als het ware zijn vervangende patroon is, zorgt ervoor dat ze haar bedenkingen heeft.

Das E-Book können Sie in Legimi-Apps oder einer beliebigen App lesen, die das folgende Format unterstützen:

EPUB

Veröffentlichungsjahr: 2017

Bewertungen
0,0
0
0
0
0
0
Mehr Informationen
Mehr Informationen
Legimi prüft nicht, ob Rezensionen von Nutzern stammen, die den betreffenden Titel tatsächlich gekauft oder gelesen/gehört haben. Wir entfernen aber gefälschte Rezensionen.



 

 

Hete dromen

 

In je dromen, boek 2

 

Rose Winter

 

 

 

 

Copyright: ©Rose Winter 2017

Cover ontwerp: Rose Winter

 

 

 

 

 

De serie ‘In je dromen’ bestaat uit de volgende delen:

 

 

Boek 1: Wilde dromen

 

Boek 2: Hete dromen

 

Boek 3: Stoute dromen

1

‘Ik wil stoute dingen met je doen.’ Zijn woorden galmen na in mijn hoofd en resoneren door de rest van mijn lichaam. Hoe moet ik vanmiddag werk gedaan krijgen? Van der Velden ontslaat me als hij zou weten dat ik al meer dan twee uur niets anders doe dan naar de knipperende cursor op mijn beeldscherm staren.

Met een zucht buig ik mijn hoofd naar het dossier dat naast mijn toetsenbord ligt. Ik blader wat door de losse papieren.

‘Concentreer je, Gina,’ spreek ik mezelf hardop toe. Groot voordeel van een kantoor voor jezelf: niemand hoort je als je tijdens eenzame uurtjes tegen jezelf loopt te raaskallen. Ik staar naar de lettertjes op het intakeformulier. Het bedrijf ‘Keukens en zo’ wil een medewerker ontslaan en ik moet een vaststellingsovereenkomst opstellen. Niet zo heel lastig, maar het lukt me niet om een zinnig woord op papier te krijgen.

‘Verdomme, Russel.’ Ik zucht nog eens en sta dan op om een kop koffie te halen. Zorgvuldig vermijd ik de bedrijfskantine op de tweede verdieping en vlucht naar de keuken op de bovenste, de verdieping van Damon en Senior van der Velden. Misschien kom ik Kiki tegen, die heeft altijd wel een grappige anekdote over zichzelf of over Damon. Afleiding is het enige dat helpt tegen de hitte die de hele middag al in mijn onderlijf brandt.

Het begon vrij onschuldig. Toen Russel bij ons kwam werken ging hij meteen over de tong. Omdat zijn uiterlijk gewoon niet past bij een advocaat. Net iets te ruig. Russel is meer het robuuste en ongeschoren type. Hij komt ermee weg. Het past bij hem.

Natuurlijk was ik stiekem wel onder de indruk. Behalve onweerstaanbaar knap, was hij ook nog eens heel aardig en geïnteresseerd. Hij vroeg altijd braaf hoe het met me ging. Maar dat had ook iets verplichts. Alsof het hem niet écht interesseerde. Hij vroeg het omdat het zo hoorde. Mij maakte het niets uit. Ik kom niet op mijn werk om te socializen met collega’s. Behalve dan met Julia en Kiki, maar voor de rest wil ik gewoon mijn werk doen en een zo goed mogelijke advocaat worden.

Na een tijdje vielen de secretaresses niet meer meteen in katzwijm als Russel langsliep, ze sprongen niet direct voor hem op om te informeren wat ze voor hem konden doen en zo nu en dan kreeg hij een gevat weerwoord als hij een flauw grapje maakte. Kortom, hij raakte steeds meer ingeburgerd.

Toen ging zijn patroon vier weken met vakantie. Ongebruikelijk, dat wel. De meeste advocaten hier nemen hoogstens twee weken aaneengesloten vrij. Het zijn workaholics. Stuk voor stuk. Doodsbenauwd dat de tent instort als ze een paar dagen niet op kantoor verschijnen. Russels patroon was een ander verhaal. Hij heeft jaren geleden prostaatkanker gehad en overwonnen. Sindsdien zet hij zich voor de volle honderd procent in op zijn werk, met uitsluiting van die vier weken vakantie per jaar. Iedereen begrijpt dit. Het wordt getolereerd. Ik zou er niet mee aan hoeven komen, hoor. Vier weken vakantie. De gedachte lijkt me heerlijk, maar als ik hier echt hogerop wil komen, dan kan ik me maar beter aan de stilzwijgende regels houden.

In die eerste vakantieweek van zijn patroon kwam Russel meerdere keren bij mij voor advies. Hij vroeg zoals altijd hoe het met me ging en deze keer voelde het oprecht. Alsof ik hem ineens goed was opgevallen ofzo. Ik moest een paar processtukken nakijken, hij wilde sparren over een aantal zaken en hij liet terloops vallen dat hij vond dat ik zulke mooie krullen had. Een dag later had hij een loshangende pluk om zijn wijsvinger laten kronkelen. Die pluk haar van mij was niet het enige dat kronkelde. Mijn hele wezen deed het. In stilte, dat dan weer wel. Vanaf dat moment speelt hij de hoofdrol in al mijn hete dromen.

Gisteren zat hij naast me. Heel dicht. Ik probeerde me te concentreren op het beeldscherm, maar dat lukte van geen kant met hem zo dicht op mijn huid. Letterlijk, want zijn blote onderarm lag naast die van mij. Uit het niets was daar zijn stem in mijn oor. Die diepe, hese stem die zei dat hij stoute dingen met me wilde doen.

Ik viel nog net niet van mijn stoel.

‘Waarom?’ vroeg ik, nogal dommig.

Hij verblikte of verbloosde niet. ‘Omdat ik je lekker vind.’

‘Val je soms op oudere vrouwen?’

‘Zoveel ouder dan ik ben jij niet, volgens mij.’

‘We schelen iets van acht jaar.’

‘Nou en.’ Hij streelde met zijn wijsvinger over mijn arm en ik liet hem begaan. Toen ging de telefoon. Ik maakte een wegwerpgebaar terwijl ik opnam. Senior. Het schaamrood steeg me meteen naar de kaken en ik gebaarde Russel dat hij weg moest gaan. Ik had het gevoel alsof die oude Senior me door de telefoon kon zien flirten met een man die, naast het feit dat hij veel jonger was dan ik, ook nog eens advocaat-stagiair was bij ons kantoor. Iemand die in principe al wel advocaat is, maar nog een praktijkopleiding van drie jaar moet volgen terwijl hij werkzaam is op een advocatenkantoor, waar hij wordt begeleid door een patroon. Op een vreemde manier voelde ik me verantwoordelijk voor hem nu zijn patroon er niet was.

Toen Senior het telefoongesprek had beëindigd, was Russel verdwenen. Ik staarde een paar uur lang alleen maar naar mijn beeldscherm.

‘Gina?’ Iemand knipt met zijn vingers vlak voor mijn neus. Van schrik laat ik bijna de koffiemok uit mijn handen vallen.

‘Zo, jij was ver weg. Alles oké?’ Julia kijkt me vragend aan.

‘Ja hoor prima. Ik was met mijn hoofd bij een zaak. Ingewikkeld en zo. Ik had even een koffiepauze nodig.’ Ik doe een stap achteruit zodat Julia bij de machine kan.

‘Oké, gelukkig. Ik dacht dat er iets ernstigers aan de hand was. Je keek zo serieus.’

‘Niets aan de hand hoor.’ Behalve dan dat ik die verdomde Russel Zwarts niet meer uit mijn hoofd kan krijgen. Waarom moest hij dat nou zeggen gistermiddag? Alsof die man aanvoelt dat ik al meer dan een jaar geen seks heb gehad.

Julia leunt tegen het aanrecht en kijkt me afwachtend aan. Ze nipt van haar koffie en ze lijkt te verwachten dat ik de zaak uit de doeken ga doen waar ik het net over had. Ik veeg mijn krullen uit mijn gezicht en zet mijn mok in de wasbak.

‘Ik moet weer verder anders heb ik straks Senior op mijn dak.’ Voordat Julia iets kan zeggen, loop ik de keuken uit.

‘Maar je hebt je koffie niet eens opgedronken,’ roept ze me achterna. Ik loop snel door naar de lift. Hij komt vanaf de derde. Een voor een lichten de knopjes boven de dichte deuren op. Er klinkt een duur, maar zacht plinggeluid voordat de lift openschuift. Als ik zie wie erin staat, blijf ik aarzelend staan. Hij doet hetzelfde. Twee collega’s stappen uit en vervolgen hun weg.

‘Naar beneden?’ vraagt Russel en hij maakt een uitnodigend gebaar.

Zo voorzichtig mogelijk adem ik uit. Ik moet dit niet doen. Hij is gevaarlijk. Alles aan hem straalt opstandigheid uit. De stropdas die vaak net iets te los zit, het stoppelbaardje van een paar dagen, de blik in zijn ogen. Hij is zo’n type die de grens opzoekt. En hij moet aanvoelen dat die grens bij mij nog lang niet is bereikt.

‘Ja,’ zeg ik en ik stap in de lift. ‘Moet jij er hier niet uit?’ vraag ik terwijl de deuren voor ons dichtglijden. Een moment voelt het alsof alle lucht uit de kleine ruimte wordt weggezogen. In plaats van antwoord te geven, kijkt hij me aan.

‘Ik dacht, ik blijf nog even.’ In twee stappen overbrugt hij de kleine afstand tussen ons en hij plaatst zijn handen naast mijn lichaam, zodat ik gevangen sta met mijn rug tegen de muur. Een aangename, maar zeer gevaarlijke positie. Het wordt op deze manier wel heel makkelijk om hem te zoenen. Ik hoef alleen maar mijn lippen iets van elkaar te doen en-.

‘Je ziet er mooi uit vandaag. Had ik dat al gezegd?’

‘Wil je nog steeds stoute dingen met mij doen?’ Ik kan er niets aan doen, het is eruit voor ik er erg in heb. Mijn hoofd weet dat het het meest verstandige is om uit de lift te stappen, zodra dat kan en alles te negeren wat iedere vezel in mijn lichaam me bijna dwingt om te doen. Het is zo lang geleden dat ik niet eens meer weet hoe een naakt mannenlichaam eruit ziet. Bij wijze van spreken dan.

In zijn ogen zie ik een soort overwinningstwinkeling. ‘Je hebt geen idee wat ik allemaal met je wil doen.’ Zijn hand reikt naar de stopknop.

‘En dat wil je me nu zeker graag laten zien.’ Ik pak zijn hand om hem tegen te houden. Hij knikt bijna onmerkbaar. Die blik in zijn ogen, de arrogantie die eruit lijkt te druipen, staat me niet aan. Zo gemakkelijk ben ik nou ook weer niet, jochie. ‘Misschien een andere keer,’ zeg ik.

Hij knippert een paar keer met zijn ogen. Het lijkt erop dat hij bijna niet kan geloven wat ik net heb gezegd. Het zachte plinggeluid vult de lift. Dan glijden de liftdeuren geruisloos open. Ik wurm me onder zijn arm door en stap uit. Ik draai me om en zie hem nog net speels naar me glimlachen voordat de liftdeuren voor mijn neus sluiten.

Ik blijf even staan. Ik knijp mijn ogen stijf dicht en merk dat ik gewoon op adem moet komen. Alsof ik net een marathon heb gerend of zo. Maar de lach die ik net op zijn gezicht zag, zegt me genoeg. Die gaat niet opgeven.

En stiekem vind ik dat niet erg.

Helemaal niet erg.

 

2

De rest van de dag komt er weinig werk uit mijn vingers. Om half zes zit ik nog steeds naar mijn beeldscherm te staren. Mijn gedachten dwalen iedere keer af naar Russel. De blik in zijn ogen toen de liftdeuren dichtgleden. Die lichte verontwaardiging met tegelijkertijd een bepaalde twinkeling.

Onweerstaanbaar.

Het gaat er niet op lijken dat er nog werk uit mijn handen komt dus stuur ik Kiki een appje met de vraag of alles goed met haar gaat. Ik heb haar de laatste twee dagen niet op kantoor gezien. Ze zal toch niet ziek zijn? Zo langzaam mogelijk sluit ik mijn computer af. Zo veel mogelijk tijd rekken. Overwerken is hier standaard. Iedere advocaat, medewerker, stagiair, leidinggevende wordt geacht vanaf een uur of acht ’s ochtends aanwezig te zijn en in ieder geval na zevenen ‘s avonds weer te vertrekken. Ik breek een ongeschreven regel door nu af te nokken, maar ik moet gewoon naar huis. Met een zak chips op de bank ploffen en kijken naar een of andere comedyserie. Als ik iemand tegenkom, zeg ik gewoon dat ik me niet lekker voel.

Op de gang is het rustig. De meeste kamerdeuren zijn gesloten. Ik houd mijn adem in als ik de kamer van Russel passeer. Zal hij er nog zijn? Vast. De ongeschreven regel geldt ook voor hem. Juist voor hem. Hij moet zich bewijzen. Ik sluip bijna langs zijn kantoor. Het liefst kom ik hem nu niet tegen. Ik moet nog steeds herstellen van onze ontmoeting van vandaag.

Zijn deur blijft gesloten. Als ik de gang uitloop, merk ik stom genoeg dat ik dat jammer vind. Hoofdschuddend druk ik op de liftknop. Mijn hoofd is sterk in het huisvesten van tegenstrijdigheden. Als de liftdeuren zich openen, verwacht ik zelfs dat hij erin staat, net als vanmiddag. Dat hij me uitnodigend wenkt en zijn lichaam tegen het mijne drukt.

De lift is leeg.

Jammer.

Pas als ik thuis onderuitgezakt voor de televisie zit met een grote zak naturel chips als avondeten reageert Kiki op mijn appje. Niets voor haar. Ze reageert altijd onmiddellijk, hoe druk ze het ook heeft.

Alles dik in orde!

Er volgt een smiley die knipoogt en zijn tong uitsteekt.

Naughty spelletjes aan het spelen? typ ik.

Ik druk op verzenden. Ik staar naar het schermpje in de hoop dat ze reageert. Alle afleiding is prima, ook al gaat het over het seksleven van Kiki. Mijn telefoon piept. Ik open whatsapp en een selfie van Kiki en Damon straalt me tegenmoet. Ik moet even slikken. Ik zie Damon bijna nooit lachen. Hij kijkt altijd serieus, soms op het norse af. De gedachte dat Kiki, mijn ontzettende lieve, maar o zo mutserige vriendinnetje meer seks krijgt dan ze aan kan en ik het moet doen met nul komma nul is bijna niet te verteren.

Sinds het vertrek van Josh, is er niemand op mijn pad gekomen die zijn plaats kon vervullen. Ik stel geen hoge eisen. Echt niet. Iedere man die mij niet probeert geld af te troggelen, zoals Josh, is van harte welkom om te proberen mijn hart te veroveren.

De aanblik van de halflege zak chips is wel wat deprimerend. Of misschien was het de stralende verliefdheid van Kiki en Damon waar ik zo terneergeslagen van raak. Ik leun verder achterover in de kussens van de bank. Mijn lichaam heeft gewoon iets nodig. En snel ook. Ik verfrommel de zak chips in mijn handen en kom overeind. De zak gooi ik in de prullenbak. In mijn slaapkamer rommel ik wat in de laden van het dressoir. De meeste ondergoedsetjes passen niet bij elkaar. Ik ben een slons wat dat betreft. Ik hou van mooie, kanten bh’s. Waar ik niet van hou zijn die ongemakkelijke en veel te dure slipjes die erbij horen. Dus meestal koop ik een zwarte bh, met extreem veel kant, ik heb een zwak voor kant, en dan draag ik daar een zwarte, strakke boxershort bij.

Maar voor wat ik van plan ben, is zo’n boxer niet geschikt. Ik graai verder. Hoog tijd dat ik eens opruim en alles bij elkaar zoek. Dit lijkt natuurlijk nergens op. Mijn vingers voelen tussen al het kant een wat gladdere stof.

Hebbes! Ik pak de lingerie uit de lade en steek mijn neus in het satijn. Het ligt al zo lang op de bodem dat het er gewoon muffig van is gaan ruiken. Ik neurie zachtjes bad to the bone van George Thorogood. Ondertussen loop ik naar de wasmachine waar ik mijn sexy pakje instop voor een verfrissend badje.

De lingerie brandt onderin mijn tas. Ik durfde het setje niet onder mijn werkkleren aan te doen. Bang dat het niet lekker zou zitten. Bang dat ik me de hele dag opgelaten zou voelen. Bang dat Russel op mijn kamer zou verschijnen, midden op de dag terwijl ik nog bergen werk moet verzetten – en dat ik me niet langer in zou kunnen houden.

Vanochtend staat Russels kamerdeur wel open en ik kan het niet laten naar binnen te kijken als ik erlangs loop. In een flits zie ik hem keurig recht op aan zijn bureau zitten. Vanmiddag ben je van mij, denk ik terwijl ik snel doorloop zonder dat hij me ziet. Nu ik een beslissing heb genomen, lukt het me zonder problemen de hele berg dossiers op mijn kamer af te werken. Mijn concentratievermogen is weer als vanouds. Verfrissend. Ik werk door, zelfs in de pauze. Om twee uur klopt er iemand op mijn deur.

‘Binnen,’ roep ik, zonder op te kijken van mijn beeldscherm.

‘Zeg het maar.’ Ik kijk nog steeds niet op. Het is va [...]