5,99 €
Als Tessa Gibson wordt ontslagen als kleuterjuf in het rustige stadje Tenterden is ze blij dat haar oudere nicht Shanna haar direct een vacature in Londen doorgeeft. Shanna is bijlesjuf Engels voor een Chinese familie en heeft via hen vernomen dat het echtpaar Wong, dat een restaurant in Chinatown runt, een nanny zoekt voor hun twee kinderen.
Tessa is meteen dol op de kleuters waar ze op zal gaan passen. Daisy en Charlie zijn lief, leergierig en enthousiast en ze kan niet wachten om de kinderen beter Engels te leren, maar al snel wordt er een schaduw op haar nieuwe baan geworpen als ze het vermoeden krijgt dat de familie Wong wordt bedreigd door de Chinese maffia...
Haoran Zhang, een van de handhavers van de Wo Shing Wo-triade, hangt voortdurend in het restaurant rond. Het allerliefste zou Tessa volledig van zijn radar blijven, al kan ze de spanning die er tussen hen hangt niet ontkennen. Haar plan om onopgemerkt te blijven mislukt echter volkomen als ze op een avond op straat bedreigd wordt en Haoran haar te hulp schiet door een van haar belagers voorgoed uit te schakelen. Hoewel ze niets met de Chinese maffia te maken wil hebben, maakt Haoran haar heel duidelijk dat ze vanaf dat moment niet zomaar door kan gaan met haar zorgeloze leven. Ze staat bij hem in het krijt... en zal noodgedwongen deel van zijn leven moeten uitmaken.
Al snel wordt Tessa ondergeld in de grimmige wereld van de Wo Shing Wo, waarin Haoran Zhang met zijn duistere verleden, genadeloze reputatie en vele tatoeages haar langzaam maar zeker steeds meer begint te fascineren. En als hij haar tienduizend pond voor haar maagdelijkheid biedt, weet ze het zdompeeker: ze zit diep in de problemen... maar is tegelijkertijd reddeloos verloren.
Trigger warnings: milde dubcon & DS
Das E-Book können Sie in Legimi-Apps oder einer beliebigen App lesen, die das folgende Format unterstützen:
Seitenzahl: 356
Veröffentlichungsjahr: 2024
In het krijt
is een uitgave van
Dutch Venture Publishing
Copyright © 2024 Dutch Venture Publishing
Auteur: L Z Hammond
Omslagontwerp: Jen Minkman
Tekstredactie: Jen Minkman
Eerste uitgave augustus 2024
NUR 343
Alle rechten voorbehouden. Niets uit deze uitgave mag worden verveelvoudigd en/of openbaar gemaakt door middel van druk, fotokopie, microfilm of op welke wijze dan ook, hetzij elektronisch, mechanisch, door fotokopieën, opnamen, of enige andere manier, zonder voorafgaande schriftelijke toestemming van de uitgever.
Titelpagina
Copyright Pagina
Proloog
Hoofdstuk 1
Hoofdstuk 2
Hoofdstuk 3
Hoofdstuk 4
Hoofdstuk 5
Hoofdstuk 6
Hoofdstuk 7
Hoofdstuk 8
Hoofdstuk 9
Hoofdstuk 10
Hoofdstuk 11
Hoofdstuk 12
Hoofdstuk 13
Hoofdstuk 14
Hoofdstuk 15
Hoofdstuk 16
Hoofdstuk 17
Hoofdstuk 18
Hoofdstuk 19
Hoofdstuk 20
Hoofdstuk 21
Hoofdstuk 22
Hoofdstuk 23
Hoofdstuk 24
Epiloog
Tessa Gibson keek haar ogen uit toen ze het bekende plein Leicester Square in Londen achter zich liet en prompt in de drukte van Wardour Street terechtkwam. Het was in de metro al monsterlijk druk geweest, maar dit sloeg alles.
‘Gerrard Street,’ mompelde ze, terwijl ze naar het briefje staarde dat ze half verfrommeld in haar hand hield. Er stond een adres en plattegrondje op voor The Golden Dragon, een Chinees restaurant in het hartje van Chinatown. Dat had haar nichtje Shanna voor haar opgeschreven op haar eigen verzoek. Ze vond het gewoon niet prettig om in een grote stad als Londen met haar telefoon open en bloot rond te lopen alleen maar omdat ze Google Maps nodig had.
Wat moet jij nou in Londen? Blijf toch lekker in Tenterden, schat.
Tessa hoorde nog de stem van haar behoudende moeder, die het liefst wilde dat ze de rest van haar leven op het platteland van Kent zou slijten. Dat zou op zich niet eens zo erg zijn geweest, maar de kleuterschool waar ze tot voor kort met veel plezier had gewerkt had haar laten weten dat er werd bezuinigd en zij er als nieuwkomer als eerste uit zou vliegen.
Het was eind juni en ze had over een paar weken geen werk meer. Het feit dat Shanna haar met deze tip had geappt toen ze eenmaal hoorde over het plotselinge ontslag van Tessa, was een enorme meevaller geweest.
De eigenaren van The Golden Dragon waren nog niet zo lang in Engeland en spraken de taal gebrekkig. Ze zochten een Engelse nanny voor hun twee kinderen van vier en vijf, een jongen en een meisje. Die gingen naar een Chinese én een Engelse school, dus daar kwam een hoop logistiek bij kijken. Bovendien moest er ’s avonds voor de kinderen gekookt worden op dagen dat hun vader en moeder allebei in het restaurant werkten. De baan betaalde belachelijk goed, en hoewel Tessa niet per se de voorkeur gaf aan nanny zijn voor kleuters, was het wel een taak die haar op het lijf geschreven was. Uit de beschrijving was ook gebleken dat ze verder geen huishoudelijke dingen hoefde te doen zoals de kinderkamers opruimen of de was draaien. Het ging de ouders vooral om blootstelling aan de Engelse taal en cultuur.
‘Ik ken die mensen via de ouders van mijn eigen bijlesleerlingen,’ had Shanna uitgelegd. ‘Die runnen restaurant “Gerrard’s Corner” in dezelfde straat. Ik geef hun tweeling al twee jaar bijles, maar toen ze me vroegen of ik soms geïnteresseerd was in nóg een baan ernaast heb ik vriendelijk bedankt. Dat wordt me echt te druk. Bovendien verdient m’n huisgenootje Rowan toch al genoeg geld om ons appartement ruim te betalen én heb ik helemaal niks met kleuters.’
Tessa gelukkig wel. Ze was net eenentwintig en had dus nog niet veel werkervaring. Ze hoopte maar dat het gesprek goed zou gaan. Ze had eigenlijk ook geen idee of er nog andere kandidaten waren uitgenodigd.
Schichtig keek ze om zich heen toen ze Gerrard Street insloeg. Hoewel de straat er geweldig uitzag met de mooi gedecoreerde Chinese drakenpoort bij de ingang en de vele rood-met-gouden lampionnen die aan draden boven de straat gespannen waren, kon ze alleen maar denken aan de terloopse opmerking van Shanna over de Chinese triades die hier ook zaten.
‘Elke derde persoon die je daar op straat ziet rondhangen, zit bij de Wo Shing Wo of de 14K,’ had ze verklaard. ‘Het gekke is dat ze witte mensen nooit iets doen. Het gaat allemaal om onderlinge strijd.’
Zouden alle toeristen die hier vrolijk rondliepen en foto’s maakten weten dat de Chinese maffia hier ook opereerde? Vast niet. Zo zagen ze er niet uit. Tessa wist eigenlijk niet precies waarom Shanna dat allemaal zo goed wist. Wie weet had die weleens vage zaakjes zien gebeuren tijdens haar werk als bijlesjuf; wie zou het zeggen?
Ze slikte toen ze het restaurant in het oog kreeg. The Golden Dragon zat op ongeveer honderd meter van de hoek en zag er chique en luxueus uit. Ze snapte wel waarom die ouders een royaal salaris konden neertellen voor hun kinderoppas.
Toen Tessa naar binnen stapte, klingelde er een belletje boven haar hoofd. Het meisje bij de ontvangstbalie glimlachte vriendelijk naar haar toen ze zei dat ze kwam voor meneer en mevrouw Wong en was gestuurd door Shanna Gibson. Ze werd gevraagd plaats te nemen aan een tafel links bij het raam en te wachten. Er werd een potje jasmijnthee voor haar neergezet en daarna verdween het meisje naar achteren.
Tessa bond haar lange, blonde haar in een hoge staart en probeerde zich te ontspannen. Haar blik gleed rond en ze nam de gouden lambrizering op de muren en de decoratie van een rode draak in zich op. Overal was netjes gedekt met rode, als een pauwenstaart gevouwen servetten, maar er zaten vrijwel geen mensen. De lunchdrukte was vast net voorbij en de avondgasten moesten nog komen. Alleen achterin zaten nog wat klanten. Wie weet hadden ze haar daarom om halfvier uitgenodigd voor dit gesprek.
Haar blik viel op een Chinees jochie van een jaar of vier dat met een stuiterbal liep te spelen in het restaurant. Ze volgde hem met haar ogen toen hij de stuiterbal achterna rende en naar de deur afboog die naar de straat leidde. Onrustig keek ze om zich heen. Wie paste er op dit kind? Straks liep hij nog naar buiten en raakte hij verdwaald.
‘Hallo?’ riep ze door de lege ruimte.
Niemand.
Ze stond op en begon te rennen toen ze zag dat het jongetje inmiddels in de hal stond waar de gasten hun jas konden ophangen. ‘Hé lieverd,’ riep ze naar hem. ‘Waar zijn je papa en mama?’
De kleuter keek naar haar om. Hij zei niets en keek haar met grote, bruine ogen aan. Wat een schatje, dacht Tessa bij zichzelf.
‘Kom,’ gebaarde ze. ‘Kom naar binnen. Je moet niet in je eentje naar buiten lopen, hoor.’
Nog steeds keek hij haar aan zonder iets te zeggen. Verstond hij eigenlijk wel Engels? Tessa beet op haar lip en gebaarde wederom naar hem ten teken dat hij terug moest komen.
Ineens leek de jongen compleet te begrijpen wat ze bedoelde. Hij glimlachte stralend en liep weer naar binnen, het op een lopen zettend toen hij blijkbaar iemand in het oog kreeg die hij kende. Tessa keek op en staarde het restaurant in. In een flits zag ze iemand achter de counter staan die naar de keuken leidde en normaal vast werd gebruikt voor het uitserveren van verse wokgerechten. Het was een Chinese man in een wit overhemd en zwarte broek met een gezicht dat wel uit marmer gehouwen leek. Scherpe gelaatstrekken, een bijna keizerlijke uitstraling en ogen die haar intens opnamen, waar ze de kriebels van kreeg. Was dat soms meneer Wong?
Nee, dat zou wel niet. Deze man had getatoeëerde handen, zag ze in een flits. Ze kreeg meer een working class vibe van hem dan “ik ben een rijke restauranteigenaar”. Hij was vast de kok.
Toen haar blik terugflitste naar waar ze de jongen net nog had zien lopen, was hij verdwenen. Misschien de keuken in?
Ze snapte er niet veel meer van toen ze terugkeek naar de vermoedelijke kok en hij óók verdwenen bleek te zijn. Ging iemand haar nou nog te woord staan of was ze hier voor niets gekomen?
Schoorvoetend liep ze terug naar haar tafeltje bij het raam. Ze dronk van haar jasmijnthee, die al lauw was, en wachtte geduldig af.
Toen ze na nog eens vijf minuten werd benaderd door een man en een vrouw van een jaar of dertig die zich in gebroken Engels met een sterk Chinees accent voorstelden als meneer en mevrouw Wong én twee kinderen met zich meeloodsten waarvan er eentje het jochie met de stuiterbal was, was bij haar de verwarring compleet. Ze keek van het jongetje dat ze al kende naar het meisje dat ze nog niet had gezien.
‘Dit zijn Daisy en Charlie,’ zei mevrouw Wong met een gebaar naar de twee kleuters. Haar ogen waren vriendelijk achter de hippe bril die ze droeg. ‘We willen graag dat jij hun nanny wordt.’
Tessa keek de vrouw verbaasd aan. Ten eerste omdat ze die westerse namen totaal niet bij deze kinderen had verwacht, en ten tweede omdat ze nog niet eens echt een sollicitatie had gedaan. Ze had alleen haar CV maar opgestuurd en zelfs dat was via Shanna gelopen.
‘Dat klinkt niet erg Chinees,’ zei ze aarzelend.
Meneer Wong glimlachte beleefd. Hij zag er netjes uit in een blazer en neutraal wit overhemd, maar leek op de een of andere manier meer op een kantoormedewerker dan een restauranteigenaar. ‘Veel Chinese mensen gebruiken westerse namen als ze in Europa zijn,’ legde hij uit. ‘Dat is gemakkelijker.’
Voor ons westerlingen, ja. De gedachte kwam bij haar naar boven voordat ze er iets aan kon doen. ‘Is dat niet vervelend voor u?’ flapte ze eruit.
‘Het is vervelender als onze namen steeds verkeerd worden uitgesproken,’ antwoordde hij. Het klonk als droge humor, maar de serieuze blik die hij erbij had maakte Tessa duidelijk dat het niet grappig bedoeld was. Ze knikte beleefd en deed er verder het zwijgen toe terwijl de ouders van Daisy en Charlie haar uitlegden wat de bedoeling was. Ze zou de kinderen ’s ochtends vroeg naar school brengen, in de lunchpauze ophalen om ze mee te nemen naar een goede lunchplek of naar het park in de buurt voor een picknick, ’s middags weer terugbrengen naar school en dan naderhand ophalen en naar huis begeleiden. Daar moest ze voor ze koken als niemand anders dat kon doen. Na een vroeg diner moesten de kinderen vervolgens naar Chinese les, waar ze karakters leerden lezen. Op dat moment zat Tessa’s dag erop, want na die laatste les werden de twee kleuters naar huis begeleid door een van de Chinese leraren.
In het weekend waren haar diensten meestal niet nodig, maar er werd haar vriendelijk gevraagd of ze soms op zondagmiddagen kon bijspringen als dat nodig was.
Hoewel het logistiek een hoop gedoe was, had Tessa ook al snel door dat ze tussendoor veel vrije tijd had. Ze kon in principe de hele ochtend en een deel van de middag in de buurt van de school dingen voor zichzelf doen. Ze had ook tijd om boodschappen te doen als ze die avond moest koken.
‘Waar breng ik de kinderen naartoe na school?’ vroeg ze. ‘Woont u boven het restaurant?’
Meneer en mevrouw Wong wisselden even een blik met elkaar en overlegden in het Chinees. Wat vreemd... hadden ze daar nog niet eens over nagedacht? Of woonden ze soms heel ver weg?
‘Ja, breng ze maar hier naartoe,’ zei mevrouw Wong toen. ‘We laten zo zien hoe je bij het huis boven ons restaurant komt.’
Oké, dat was gelukkig niet zo ingewikkeld als ze had gevreesd.
Er werd haar nog meer verteld. Hoe ze het op prijs stelden als de kinderen een heel Engelse opvoeding zouden krijgen. Dat ze zich geen zorgen hoefde te maken om Chinese culturele dingen omdat het niet haar taak was om zich daarmee bezig te houden. In feite werd haar de vrije hand gegeven omdat deze ouders blijkbaar heel graag wilden dat hun kinderen zo snel mogelijk integreerden... maar tegelijkertijd ook op kleuterleeftijd al leerden om Chinese karakters te schrijven en lezen. Zo slecht spraken deze mensen het Engels niet eens, maar ze hadden wel een heel sterk accent en hun zinsconstructie was soms vreemd.
Aan het eind van het gesprek duizelde het Tessa helemaal. Ze werd vriendelijk uitgezwaaid en liep de deur uit met de belofte dat ze zich hier over twee weken weer zou melden. Dan zou ze beginnen. Een gemakkelijker sollicitatie had ze nog nooit gehad.
In het halletje keek ze peinzend nog even achterom. In een flits zag ze die grimmige kok weer staan, die haar met een indringende blik in zijn duistere ogen nastaarde, een vaag lachje om zijn lippen. En ineens kreeg ze bizar genoeg het idee dat het moment met de stuiterbal van eerder een soort test was geweest. Dat deze mensen hadden willen zien of ze Charlie achterna zou rennen en hem zou gaan helpen, of dat ze volgens de regels zou blijven zitten. Was het soms een Chinese test van loyaliteit? Of maakte ze zichzelf nou gewoon helemaal gek?
Ze wist het niet. Het enige wat ze wél wist, was dat ze binnen twee weken woonruimte in Londen nodig had; dat ze Tenterden, haar moeder en de kleuterschool achter zich zou laten om hier aan de slag te gaan als nanny voor een superrijke Chinese familie.
Het was hoog tijd om Shanna in te schakelen, want zonder haar nichtje zou ze dat nooit binnen zo’n korte tijd voor elkaar gaan krijgen.
‘Doei!’ riep Shanna enthousiast. ‘Heel veel succes met je eerste werkdag.’ Ze stond met haar pyjama aan en een theedoek in haar hand in de deuropening van de keuken en zwaaide Tessa uit alsof de theedoek een soort nationale vlag was.
‘Dank je wel,’ riep Tessa terug.
Ze stapte de deur uit van haar nieuwe huis in Clapham. Het was een aardige, nette buurt in Zuid-Londen met een groot park in de buurt, genaamd Clapham Common. Shanna was zo lief geweest om haar zolang een kamer in het huis aan te bieden. Zij en haar huisgenoot Rowan Spencer hadden de derde, kleinste slaapkamer tot nu toe steeds gebruikt voor gasten... of rommel die ze zo snel nergens anders kwijt konden. Inmiddels had Tessa er haar eigen knusse plekje van gemaakt.
Met een grote glimlach op haar gezicht liep ze naar de metro. Het was nu al bloedheet en in de metro zou het vast helemaal niet uit te houden zijn, maar dat maakte haar niets uit. Het feit dat ze vandaag ook net ongesteld was geworden, boeide haar evenmin. Niets kon haar vandaag stuk krijgen. Ze ging aan de slag voor de familie Wong en keek ernaar uit om met de kinderen te werken.
In feite zou ze al snel niet veel meer hoeven reizen omdat de Engelse school natuurlijk in augustus helemaal geen lessen draaide. Ze zou Daisy en Charlie aankomende week en de week erop nog naar hun gewone school moeten begeleiden; daarna zou het vooral gaan om opvang thuis en hen naar Chinese les brengen, want dat liep wél door. Er was ook een zomerkamp waar meneer Wong het over had gehad, waarbij de kinderen hele dagen werden vermaakt en met andere kinderen van hun leeftijd zouden spelen.
Het was letterlijk het eenvoudigste werk dat ze had gedaan met het beste salaris. Althans, dat dacht ze nu. Ze was natuurlijk nog niet écht begonnen. Wel had ze vorige week al even een Zoom-gesprek gedaan met de twee kinderen. Charlie van vier was een superleuk joch dat haar de oren van het hoofd kletste in redelijk goed Engels. Zijn zusje Daisy van vijf was wat stiller, maar ook heel nieuwsgierig naar Tessa en haar leven in het “echte” Engeland. Beide kinderen waren ervan overtuigd dat Londen niet “het echte Engeland” was. Zij kenden het land vooral uit kinderboekjes en series waarbij iedereen op het platteland leek te wonen en door de modder kloste. Tessa had zich heel even afgevraagd of iemand ze soms nu al Pride and Prejudice had laten lezen.
Ze had bedacht dat ze de kinderen een keer zou meenemen naar Hampstead Heath, want dat was in feite een stukje platteland in het midden van Londen. Misschien kreeg ze zelfs toestemming om Charlie en Daisy een dagje mee te nemen naar Kent. Dan zou ze de kinderen Tenterden laten zien.
Gelukkig was het ritje met de metro om bij haar nieuwe werk te komen niet heel ingewikkeld: ze stapte in station Clapham Common op de Northern Line en stapte er in Leicester Square weer uit. Die keer dat ze op sollicitatie was geweest, had ze moeten overstappen omdat deze lijn halverwege de route ineens splitste. Toen was ze bijna verdwaald.
Tessa keek op haar horloge toen ze bij Leicester Square de trap naar de straat op liep. Halfacht; ze had ruim de tijd, want ze hoefde pas om kwart voor acht bij het restaurant van de familie Wong te zijn.
Inmiddels had ze gehoord waar de kinderen naar school gingen. Dat was Wandsworth Preparatory School, een prestigieuze lagere school voor jongens en meisjes van vier tot en met elf. De school lag met de bus maar twintig minuten van Tessa’s huis in Clapham vandaan, dus die hele tocht die ze in de ochtend moest ondernemen om de kinderen te halen voelde wat omslachtig. Aan de andere kant: ze had veel vrije tijd tussendoor, die ze dan net zo goed thuis kon doorbrengen als ze niet per se de hele dag de deur uit wilde zijn.
Toen ze bij de deur van The Golden Dragon aankwam, had ze nog vijf minuten over. Aarzelend blikte Tessa om zich heen. Het restaurant was natuurlijk nog niet open, dus ze kon niet zomaar naar binnen. Het was rond deze tijd nog heel stil op straat en ze wist niet zo goed wat ze moest doen; een buurman om raad vragen zat er duidelijk niet in. De ingang die naar het huis boven het restaurant leidde, had wel een bel, maar niemand deed open toen ze erop drukte. De sleutel had ze nog niet gekregen.
Net toen ze haar telefoon wilde pakken om het nummer van mevrouw Wong te proberen, zag ze iemand de hoek om komen die haar bekend voorkwam. Was dat niet die kok die ze al eerder had gezien..?
Tessa ging iets rechter staan toen de man op de voordeur van het restaurant af kwam. Op de een of andere manier had ze het gevoel dat zij onder hem stond; waarom wist ze ook niet. Door zijn manier van doen en de onaangedane blik in die donkere ogen van hem, misschien.
‘Ehm, goeiemorgen,’ begon ze op onzekere toon, toen hij naast haar tot stilstand kwam en op haar neerblikte. Ze had eigenlijk geen idee of hij Engels verstond.
Een nauwelijks waarneembaar lachje trok aan zijn ene mondhoek. ‘Goedemorgen, juffrouw Gibson,’ antwoordde hij in vlekkeloos Engels. ‘Ik zal de deur voor u opendoen. Stond u al lang te wachten?’
Tessa staarde hem aan. Hij kwam uit Manchester, realiseerde ze zich. Hij klonk verdorie net als David Beckham. En hij zag er met al zijn tattoos ook nogal uit als David Beckham, schoot het door haar heen. Haar blik gleed zenuwachtig naar zijn gespierde onderarmen, die aan beide kanten bedekt waren met tattoos. Dat kon ze nu pas zien omdat hij vandaag korte mouwen droeg. Eerder had ze al gezien dat zijn handen waren getatoeëerd – er stonden links en rechts twee rode bloemen op die Tessa aan spinnen deden denken. Geen lotusbloemen, maar wat dan wel?
‘Nee. Nee hoor,’ zei ze. Ze hoopte maar dat hij haar niet had zien gluren naar zijn tatoeages. Aan de andere kant... als niemand ernaar mocht kijken, waarom had hij ze dan? ‘Ik wist alleen niet hoe ik naar binnen moest. Daar was nog niets over afgesproken.’
Hij knikte en haalde een sleutelbos uit zijn broekzak tevoorschijn. Zonder nog iets te zeggen draaide hij de deur voor haar open en gebaarde dat ze aan het tafeltje mocht plaatsnemen waar ze twee weken geleden ook al had gezeten. Daarna verdween hij de keuken in en kwam er niet meer uit.
Dat was een opvallend vroege start voor een kok van een restaurant dat pas rond lunchtijd open ging, vond ze. Ach, wist zij veel. Wie weet kostte het wel uren voorbereidingstijd om goed Chinees eten klaar te maken. Zelf kon ze nog net een ei bakken, maar dat was het dan wel. Ze was dan ook behoorlijk zenuwachtig over het feit dat ze straks hele maaltijden voor de kinderen moest bereiden. Ze hoopte maar dat dat niet al te vaak zou voorkomen. Of dat meneer en mevrouw Wong het haar zouden vergeven als ze magnetronmaaltijden bij Asda haalde. Tenslotte hadden ze gezegd dat Charlie en Daisy een zo Brits mogelijke opvoeding moesten krijgen, en wat was er nu Engelser dan bangers and mash uit een pakje? Inwendig moest ze grinniken.
Om stipt kwart voor acht kwamen de twee kinderen binnen via een deur achterin het restaurant. Er zou daar wel een trap naar boven lopen die Tessa nog niet had gezien. Zij had in elk geval instructies gekregen om ’s middags de reguliere ingang van het bovenhuis te gebruiken.
‘Hallo, juffrouw Tessa,’ zei Charlie vrolijk. Hij en zijn zusje hadden hun schooluniform aan. Het jasje was lichtbruin met donkerblauwe strepen en de broek of rok die eronder werd gedragen, was dezelfde kleur donkerblauw. Het stond ze goed, vond Tessa. Zelf had ze als uniform altijd iets met een Schotse ruit moeten dragen in een kleur die haar helemaal niet stond. Ze had mooi, lichtblond haar en een licht gebruinde huid, maar op de een of andere manier deed burgundy rood helemaal niets voor haar.
‘Hallo juf Tessa,’ murmelde Daisy ook. ‘Gaan we met de bus?’
‘Ehm, nee.’ Tessa keek het meisje wat onzeker aan. ‘Jullie ouders laten elke ochtend een Uber komen.’ Hetgeen vaak een stuk langer duurde, maar wel veel luxer was, natuurlijk.
Daisy trok een pruillip. ‘Maar ik wil een keer in zo’n dubbeldekkerbus. Net als in de film.’
‘Welke film?’
‘Harry Potter.’
Tessa grinnikte. Dat Daisy die al had mogen kijken! Ze wist over welke scène het ging en aaide het meisje over haar hoofd. ‘Misschien op een vrije dag, oké? Nu moeten we naar school. Kom.’ De taxi zou om tien voor acht voorrijden op de hoek van Gerrard Street en Wardour Street. Gerrard Street zelf was vrijwel alleen toegankelijk voor voetgangers.
Ze loodste de kinderen de deur uit en keek nog even achterom om te zien of ze de kok ergens zag, maar dat was niet het geval. Nou ja, meneer en mevrouw Wong zouden wel snappen dat alles was gelukt vanochtend als ze de kinderen later niet meer beneden aantroffen...
––––––––
De rit met de taxi duurde langer dan haar metrorit naar Gerrard Street, maar Tessa was blij met deze suggestie van de familie Wong. Ze zag zichzelf bij nader inzien nog niet door het metrostelsel navigeren met twee kleine kinderen op sleeptouw. The London Tube bestond al meer dan anderhalve eeuw en dat was te zien aan het ingewikkelde netwerk van metrolijnen die kriskras door elkaar, over en onder elkaar doorliepen. Bovendien zag ze nu tenminste iets van de stad. Daar had ze nog niet veel gelegenheid voor gehad, want de meeste afstand had ze onder de grond afgelegd.
Toen ze om stipt halfnegen bij de poort van Wandsworth Prep werden afgezet, stonden er nog meer mensen met kleine kinderen op het plein. Jongens en meisjes werden uitgezwaaid door enthousiaste ouders. Heel even had Tessa medelijden met Daisy en Charlie, die nu gewoon werden afgezet door een nanny in plaats van door hun eigen ouders. Waarom zouden mensen kinderen nemen als ze die vervolgens door hun drukke werk toch nooit zagen? Ze kon zich er niets bij voorstellen.
‘Nou, heel veel plezier straks,’ zei ze met een stralende glimlach. ‘Ik ben om halftwaalf weer hier, dan gaan we met zijn drietjes lunchen. Denk maar alvast na over wat jullie graag willen eten.’
‘Fish and chips,’ zei Charlie op pedante toon.
Tessa schoot in de lach. ‘Ik zal zien wat ik kan regelen.’ Er zat vast wel een local chippy in deze buurt, maar ze had al gezien hoeveel lunchgeld ze op haar rekening gestort had gekregen om de kinderen Wong mee uit eten te nemen en dat was niet mis. Met dat bedrag kon ze waarschijnlijk de hele school meenemen naar de snackbar.
Toen Daisy en Charlie eenmaal naar binnen waren verdwenen, keek Tessa wat besluiteloos om zich heen. Wilde ze hier in de buurt koffie drinken en ontbijten, of ging ze liever naar huis?
Ze besloot voor een tussenoplossing te gaan en via een omweg over Wandsworth Common en haar eigen lokale park naar haar nieuwe huis op Meteor Street te lopen. Dat kostte een halfuurtje. Onderweg haalde ze ergens een grote cappuccino om mee te nemen en vlak bij huis haalde ze een versgebakken croissant van een of ander klein, Frans bakkertje. Toegegeven, er was wel veel meer keuze in een grote stad als Londen.
Eenmaal thuis bekeek ze het schema dat mevrouw Wong voor deze week had opgesteld. Het was de bedoeling dat ze tijdens de lunchpauzes die ze de komende vijf dagen zou hebben, het boek The Secret Garden met de kinderen zou lezen. Wauw, dat was best pittige kost voor kinderen van vier en vijf. Moest ze echt de officiële versie lezen of mocht een ingekorte versie ook?
Tessa aarzelde. Het was natuurlijk het allergemakkelijkst om een eboek te kopen en dat meteen op haar telefoon te downloaden, maar daar was niets aan. Voorlezen aan kinderen uit een boek was het leukst als je dat boek echt in je handen had.
Ze had net haar croissant op en de laatste slok van haar cappuccino achterover geslagen, toen ze de voordeur hoorde opengaan. Nieuwsgierig keek ze op, in de volle overtuiging Shanna of Rowan te zien binnenkomen, maar ze waren het allebei niet. In plaats daarvan stond er een boomlange, Japanse man in de gang, die haar net zo verbaasd aankeek als zij hem, waarschijnlijk.
‘Eh... hallo?’ zei ze aarzelend.
Hij glimlachte. ‘Jij moet Tessa zijn. Rowan heeft me over je verteld.’
Tessa kleurde. ‘Helaas heeft Rowan mij niets over jou verteld. Wie ben jij?’ Dat deze man de vriend van Rowan was, lag voor de hand, want waarom zou hij anders een eigen sleutel hebben?
Hij stak een hartelijke hand uit. ‘Kye Suzuki. Ik ben Rowans vriend.’
‘Woon je ook in Londen?’ vroeg ze nieuwsgierig.
Een ietwat verdrietige blik kwam in zijn ogen. ‘Niet meer. Ik woon nu in Birmingham. Meestal komt Rowan bij mij langs.’ Hij toverde snel een glimlach op zijn gezicht. ‘Maar heel af en toe kan ik hierheen komen, dus ik dacht: laat ik haar eens verrassen.’
‘Nou, dat zal ze vast leuk vinden,’ zei Tessa. ‘Als het goed is, zou ze rond lunchtijd klaar moeten zijn met werken. Ze heeft vandaag een bijlesleerling.’
‘En wat doe jij hier?’ vroeg Kye, terwijl hij aan de keukentafel ging zitten. ‘Ik dacht dat je als nanny werkte?’
‘Ja, maar de kinderen zijn momenteel op school. Ik hoef ze pas om halftwaalf weer op te halen.’ Ze zuchtte. ‘Het is wel een gezin met hoge ambities, geloof ik. Ik moet straks The Secret Garden met ze lezen en ze zijn pas vier en vijf! Geloof jij dat nou?’
Kye schoot in de lach. ‘Ja, helaas kan ik daar over meepraten. Zowel Chinezen als Japanners hebben héél hoge idealen als het gaat om hun kinderen opvoeden.’
‘Ja, dat blijkt.’ Tessa pakte haar mobiel en opende Google Maps. ‘Ik wil eigenlijk even naar een boekwinkel om een echt boek te kopen. Dat is leuker met voorlezen. Ben jij bekend in deze buurt?’
Kye schudde zijn hoofd. ‘Ik kom hier niet zo vaak. Maar volgens mij gaat Rowan graag winkelen bij Clapham Books; dat is vlak bij het metrostation.’
‘Serieus? Clapham Books?’ Tessa schoot in de lach. ‘Dat is niet bepaald de meest originele naam ooit.’
Kye grijnsde. ‘Stop een briefje met de suggestie voor een nieuwe naam in de ideeënbus, zou ik zeggen.’
Ze kletsten nog even verder voordat Tessa opstond en haar tas pakte om naar de boekwinkel te lopen. Kye leek haar een aardige man, al zag hij er voor een net meisje als Rowan wel tamelijk ruig uit, vond ze. Hij had tatoeages over zijn beide bovenarmen, die onder de mouwen van zijn T-shirt vandaan piepten, en hij miste aan een hand bijna zijn hele pink. Geen idee waarom, en ze durfde het ook niet te vragen. Dan was Yuki, de vriendin van Shanna, toch een stuk netter.
Terwijl ze via de hoofdweg in de richting van het metrostation liep, bedacht ze zich dat haar beide huisgenoten een relatie hadden met een Japans persoon. Zou het een vereiste zijn om in dat huis te mogen blijven wonen? Ze moest lachen om de gedachte. Stiekem moest ze toegeven dat ze Aziatische mannen lang niet vervelend vond om naar te kijken, maar of ze echt een relatie kon hebben met iemand uit een andere cultuur wist ze niet zo goed. De twee vriendjes die ze in haar leven had gehad, waren allebei zo Brits als een rode telefooncel geweest.
Met een blik op haar horloge ging ze iets sneller lopen. Eerst maar eens dat boek op de kop tikken en dan weer terug naar Wandsworth Prep. Anders was ze straks nog te laat tijdens haar eerste werkdag.
Tessa was helemaal in haar nopjes met het boek dat ze had aangeschaft. Het was een luxe hardcover met een prachtige, linnen voorkant en illustraties in het boek zelf.
Zowel Charlie als Daisy hingen aan haar lippen toen ze eruit voorlas. Af en toe legde ze dingen uit en liet ze de ouderwetse tekeningen zien. Ze had dit boek zelf ook als kind gelezen en was zich er destijds niet zo bewust van dat er best een anti-koloniale boodschap in zat, maar die was er wel degelijk. De manier waarop Mary zich gedroeg tegenover bedienden was met opzet enorm onsympathiek om een kritisch licht te laten schijnen op de aanwezigheid van Britse mensen in het India van begin vorige eeuw.
Tegen de tijd dat ze samen met de kinderen terugliep naar school vanaf het restaurant waar ze vrij luxe fish and chips gegeten hadden, was ze vastbesloten om het boek nog vanavond uit te lezen, of anders morgen. Ze zat er weer helemaal in.
‘Tot vanmiddag dan maar,’ zei ze, toen ze de twee kleuters naar de voordeur van de school had begeleid.
‘Dag juf Tessa!’ riepen ze in koor.
Haar hart smolt een beetje toen ze haar allebei stralend aankeken en daarna naar binnen renden. Deze kinderen waren zo schattig dat ze zelfs zonder dat riante salaris met veel plezier op ze zou hebben gepast.
Ze had er geen zin in om opnieuw naar huis te gaan. Trouwens, ze wilde Rowan en Kye wat privacy gunnen. Als Kye helemaal uit Birmingham was gekomen om Rowan te verrassen, kon ze wel raden wat die momenteel aan het doen waren. In plaats daarvan zocht ze een leuke tearoom op, waar ze buiten in het zonnetje ging zitten met haar net gekochte boek.
Rond een uur of drie kreeg ze een bericht binnen op haar telefoon. Het was van mevrouw Wong. Hoi Tessa! Je bent het boek voor de kinderen vanochtend op tafel vergeten. Wat heb je met ze gedaan tijdens de lunch?
Nietbegrijpend staarde ze naar het bericht. Had er een boek op tafel gelegen in het restaurant waar ze compleet overheen had gekeken? Dat moest dan wel. Was wel handig geweest als die grimmige kok haar even op het boek gewezen had. Of een van de twee kinderen. Of nou ja, wie dan ook. Oh, ik heb het zelf gekocht! appte ze terug. Ik heb de eerste drie hoofdstukken met ze gelezen.
Ach, dat had niet gehoeven, kreeg ze terug. Stuur ons maar een foto van de bon, dan vergoeden wij het.
Het kostte Tessa de volgende vijf minuten om mevrouw Wong ervan te overtuigen dat ze écht geen geld terug wilde. Ze las het nu tenslotte zelf voor haar plezier en vond deze editie bovendien heel mooi.
De laatste vraag van mevrouw Wong was geweest of ze vanavond kon koken, dus momenteel liep ze door de lokale Asda met een groeiend gevoel van paniek. Ze kon het eigenlijk niet maken om magnetronmaaltijden te kopen, vond ze. Maar wat voor veilige maaltijd kon ze dán in vredesnaam bereiden?
Uiteindelijk koos ze voor een zak wokgroente, blokjes kippendij, een of ander potje teriyakisaus en snelkookrijst.
Met een tevreden gevoel liep ze met de tas vol boodschappen naar de school van de kinderen toe. Daar stond de bestelde Uber al te wachten en even later kwamen Daisy en Charlie naar buiten. Ze zaten boordevol verhalen over wat ze die dag gedaan hadden en Tessa verbeterde ze geduldig als ze een van de kinderen een grammaticafout hoorde maken.
Daisy leerde haar ook iets dat ze zelf nog niet had geweten: de Chinezen hadden de oeroude traditie om verhalen uit te beelden met schaduwpoppen op een verlicht scherm. Daisy was van plan zelf zo’n pop te maken als deel van een cultuurproject, maar dan een vereenvoudigde versie. Tessa had altijd gedacht dat die traditie uit Java stamde – ze had weleens wajang kulit-poppen gezien in een museum en had geen idee dat China ook zoiets had.
‘En welk verhaal zou je dan willen spelen?’ vroeg ze aan het meisje.
‘Mulan!’ zei Daisy trots. ‘Want die vecht voor haar familie. Dat wil ik ook.’
Tessa keek haar opmerkzaam aan. Zo had ze Daisy helemaal niet ingeschat; ze leek zo stil en verlegen. ‘Ja, denk je dat dat nodig is?’
Daisy opende haar mond en leek toen plotseling alsnog verlegen te worden. Ze beet op haar lip. ‘Misschien, juf Tessa.’
Charlie keek strak voor zich uit en deed er het zwijgen toe. De sfeer in de auto was plotseling heel anders en Tessa snapte niet waarom. Was er iets aan de hand met de familie Wong? Werden ze soms bedreigd? Het zou wel raar zijn als dat zo was én als de kinderen daarvan op de hoogte waren.
Tessa zette het vreemde gevoel resoluut van zich af toen ze eenmaal weer terug waren in Chinatown. Daisy bleek van haar moeder de sleutel van de voordeur te hebben gekregen en die overhandigde ze met een plechtig gebaar aan Tessa.
‘Dankjewel, Daisy,’ zei ze. Ze nam zich voor om ook Daisy’s echte naam te leren, en die van Charlie. Hoe moeilijk kon het zijn om twee Chinese namen uit te spreken als ze deze kinderen dagelijks zag?
Ze liepen met zijn drieën de trap op naar een mooi appartement boven het restaurant. De vage lucht van oestersaus en gefrituurde etenswaren kwam door de vloer naar boven, maar het was geen heel penetrante lucht. Tessa keek nieuwsgierig om zich heen en nam de ruimte in zich op toen ze eenmaal de hal door was en haar schoenen had uitgetrokken. Er was een ruime woonkamer met mooie, Chinese meubels en lichte gordijnen, een eethoek vlak bij het raam en een aantal deuren die ongetwijfeld naar slaap- en badkamers leidden. Charlie ging haar voor naar de meest rechtse deur om te laten zien dat daar de keuken was.
‘Dank je wel,’ zei Tessa. ‘Zal ik wat limonade voor jullie inschenken? Dan ga ik aan de slag.’
Ze klonk dapperder dan ze zich voelde, want toen ze eenmaal de boodschappen had uitgepakt en het tijd was om de keukenkastjes te inspecteren, kwam ze tot de conclusie dat er alleen maar pannen stonden waar ze werkelijk nog nooit mee had gewerkt. De rijstkoker wees zich vanzelf, maar wat moest ze met die enorme wok, die niet eens een anti-aanbaklaag leek te hebben? En was die fles pinda-olie net zo te gebruiken als zonnebloemolie? Ze had geen idee.
Een beetje verloren staarde Tessa naar de wok. Ze besloot dat Google vandaag haar beste vriend was en zocht op hoe je met zo’n ding moest roerbakken. Hoog vuur – oké, dat kon ze wel. Dingen een klein beetje laten aanbranden of karameliseren – check.
Met rode wangen zette ze de wok op de grootste pit en het hoogste vuur. Volgens de aanwijzingen die ze had gevonden, moest de olie er pas bij als de pan heel heet was. En daarna de kip. En dáárna pas de groente.
Helaas ging het bij het toevoegen van de olie en vlak daarna de eerste stukjes kip helemaal fout. Er ontstond kortstondig een soort steekvlam en boven haar hoofd begon het brandalarm te krijsen.
‘Shit,’ riep ze uit. ‘Fuck!’ In paniek keek ze om zich heen. De vlammen waren weer enigszins gezakt, maar de rook was niet te harden en het snerpende geluid van het alarm was meer dan ze kon verdragen. Snel rende ze naar het raam om dat open te zetten.
Op dat moment stak Daisy haar hoofd om de hoek van de keuken. ‘Gaat het wel, juf Tessa?’ vroeg ze met grote, onschuldige ogen.
‘Ja... ja, ga maar weer zitten, hoor,’ zei ze hakkelend. ‘Ik moet even, ehm...’ Ze wilde een krukje pakken om bij het brandalarm te kunnen komen. Dat ding moest nú zijn kop houden. Ze had het raam al opengezet, wat wilde het nog meer?
Met een zwaai ging de deur plotseling helemaal open. Daisy stapte aan de kant. Op de drempel stond de barse kok van eerder. Zijn ogen leken nog meer vuur te schieten dan de wok van zonet. Met grote passen beende hij de keuken in, zette het vuur onder de wok helemaal uit, de afzuiger aan (oh ja, dat had ze natuurlijk al meteen moeten doen) en daarna greep hij van achter een of andere kast een keukentrapje, dat hij uitklapte en besteeg om het brandalarm uit te schakelen.
‘Zo sai,’ hoorde ze hem mompelen, terwijl hij het trapje afsprong.
Tessa hoefde geen Kantonees te verstaan om te begrijpen dat het vast iets betekende in de trant van “sukkel”.
Ze beet op haar lip. ‘Sorry,’ mompelde ze beschaamd. Nu had hij zijn eigen keuken uit moeten rennen om háár te komen helpen.
De Chinese man keek haar zwijgend aan. Van achter zijn brede rug hoorde ze plotseling Daisy’s stemmetje iets zeggen in het Kantonees. De blik in de ogen van de man verzachtte wat en hij zei iets terug. Daisy gaf daar weer antwoord op en de man zuchtte even. Hij wuifde het vijfjarige meisje weg en staarde Tessa aan.
‘Wil je leren hoe je met een wok moet koken?’ vroeg hij scherp.
Aarzelend knikte ze.
Hij wees naar de afzuigkap. ‘Voordat je überhaupt begint, zet je eerst dat ding aan. Begrepen?’
‘Ja, meneer.’
Zijn bruine ogen boorden zich in de hare. Plotseling vroeg ze zich af of ze niet wat te onderdanig was in haar doen en laten. Hij zou toch niet denken dat ze de draak met hem stak? Ze werd langzaam rood toen hij haar blik niet losliet.
‘Goed zo.’ Een minzaam glimlachje trok aan zijn mondhoek. Datzelfde nauwelijks waarneembare lachje dat ze eerder ook al had gezien. ‘Was eerst die pan maar af. Geen zeep gebruiken graag. Alleen een sponsje en water.’
Zwijgend deed Tessa wat hij zei. Daarna kreeg ze nieuwe aanwijzingen: Wrijf de kip met zout in. Dep het vlees droog met keukenrol. Geef de olie tijd om echt heet te worden voor je er dingen in gooit. Inmiddels begreep Tessa waarom die kip een soort raketlancering in de pan had veroorzaakt: er had nog veel te veel vocht in gezeten.
Toen de groente eenmaal samen met de kip in de pan lag te sissen en Tessa naar het flesje met teriyakisaus reikte, hoorde ze hem zachtjes lachen.
‘Dat gaan we niet doen,’ zei hij op bijna waarschuwende toon.
Tessa keek schichtig opzij. ‘Nee? Wat zou u er dan bij gooien?’
Hij trok een wenkbrauw op en zette een stap naar haar toe. Toen nog een. Verdomme, wat was die man lang. Tessa slikte toen hij zo dichtbij kwam staan dat ze even bang was dat hij haar door elkaar zou gaan rammelen.
Of kussen.
Ze wist niet waarom dat ineens bij haar opkwam, maar de gedachte joeg een vuurrode blos naar haar wangen. Ze keek hem ademloos aan toen hij een hand optilde en het keukenkastje achter haar hoofd langzaam opentrok terwijl hij zwijgend op haar neerkeek. ‘Ve tsin en oestersaus,’ zei hij zacht, vlak bij haar gezicht.
‘Oh... oké,’ hakkelde ze bijna onhoorbaar.
Hij zette met een klap twee potjes op het aanrecht naast haar hand. ‘Doe jij het maar.’ Er glinsterde iets gevaarlijks in zijn ogen. ‘Je bent tot nu toe héél gehoorzaam geweest,’ voegde hij eraan toe met een klein grijnsje.
Tessa sloeg haar blik neer en schuifelde iets bij hem vandaan. Met trillende handen voegde ze met zijn aanwijzingen de laatste ingrediënten toe aan het wokgerecht met haar ogen strak op de pan gevestigd, terwijl ze zich vertwijfeld afvroeg waarom ze zich zo idioot onderdanig gedroeg. En waarom het haar op de een of andere manier opwond om door deze volgetatoeëerde vent gecommandeerd te worden.
Want dat was zo. Deze kant van zichzelf kende ze helemaal niet. Toen hij net zo dichtbij had gestaan, was er echt niet alleen een huivering van angst door haar heen gegaan. Er hing iets om deze man heen... iets waar ze de vinger niet op kon leggen. Iets ongrijpbaars wat haar aantrok en afstootte tegelijk. Ze wist dat ze keihard moest wegrennen, maar ze wilde ook blijven. Zou het liggen aan haar hormonen, die tijdens haar ongesteldheid altijd helemaal op tilt sloegen..?
Toen ze de deur hoorde dichtslaan, besefte ze pas dat hij was weggelopen.
Een enorme zucht van opluchting ontsnapte haar en ze zette een stap bij het fornuis vandaan. Een zenuwachtige lach ontglipte haar.
Ze had een heerlijk kipgerecht bereid in een Chinese wok, ze had een pak slaag van een duistere, dominante Chinees weten te ontwijken, en ze hadden nog twintig minuten voor ze weer op weg moesten naar de Chinese les van de kinderen.
In de hoek sloeg de rijstkoker met een droge klik af. Het enige deel van de maaltijd dat géén problemen had veroorzaakt.
Nadat Tessa de twee kinderen hun eten had voorgeschoteld en zelf had geprobeerd om wat happen door haar keel te krijgen, vertrokken ze naar de Hua Hsia School in Edgware, wederom in een Uber.
