Geluk is wat je bent! - Frans Langenkamp - E-Book

Geluk is wat je bent! E-Book

Frans Langenkamp

0,0

Beschreibung

Volgens de oeroude vedische wijsheid is geluk een essentiële eigenschap van bewustzijn als zodanig. Om gelukkig te zijn, hoeven we alleen maar bewust te worden van de gelukzalige aard van ons eigen bewustzijn - ons ware Zelf! Naast een diepgaande filosofische beschouwing over wat geluk is, waar we het kunnen vinden en hoe we het kunnen stabiliseren, behandelt dit boek twaalf praktische strategieën om het geluk in ons leven te vergroten.

Sie lesen das E-Book in den Legimi-Apps auf:

Android
iOS
von Legimi
zertifizierten E-Readern

Seitenzahl: 338

Veröffentlichungsjahr: 2019

Das E-Book (TTS) können Sie hören im Abo „Legimi Premium” in Legimi-Apps auf:

Android
iOS
Bewertungen
0,0
0
0
0
0
0
Mehr Informationen
Mehr Informationen
Legimi prüft nicht, ob Rezensionen von Nutzern stammen, die den betreffenden Titel tatsächlich gekauft oder gelesen/gehört haben. Wir entfernen aber gefälschte Rezensionen.



Inhoudsopgave

Introductie

Over de inhoud

Het eerste vers van de

Rig Veda

Filosofische beschouwingen over geluk

De vedische zienswijze

Ramayana

Rig Veda

Namasté

De cyclische beweging van de tijd

De huidige wereldperiode

Individuele “mini-chaturyugas”

Bewustzijn is één en tegelijkertijd vele

Een kosmische cocon

Rishi, Devata en Chandas

De ultieme diagnose

Geluk in Ayurveda

Geluk is Goddelijk

Geluk transcendeert alle tegenstellingen

Hogere bewustzijnstoestanden

Slaapbewustzijn

Droombewustzijn

Waakbewustzijn

Transcendentaal bewustzijn

Kosmisch bewustzijn

Godsbewustzijn

Eenheidsbewustzijn

De Heelheid van het Zelf

Ontwaken uit een droom

Geluk is natuurlijk en eenvoudig

Ongelukkig zijn is een misverstand

Geluk is geen luxe

Zelfkennis – Atmavidya

Het grote misverstand

Gelukkig zijn en blij(ven

)

Het nieuwe paradigma van geluk

Het Zelf is onsterfelijk

De weg van Samyama

Axioma’s van Geluk

Praktische toepassingen

Astrologische achtergrond

Twaalf aspecten van de weg naar vervulling

Jouw unieke aard

Herprogrammering van de kosmische computer

Ware en complete kennis

Onze geestelijke energiehuishouding

Van Zoeker naar Ziener

Werken aan onszelf

Er is niets verkeerds aan verlangens

Voorbij de oppervlakte leren zien

Eerbied voor Wijsheid

Dharma: moeiteloze creativiteit

De techniek voor het vervullen van verlangens

Wie ben ik? Waarmee identificeer ik mezelf?

Samenvatting

Verklarende woordenlijst

De laatste drie verzen van de Rig Veda

Betekenis der gebruikte afkortingen

Over de schrijver

Praktische gegevens

Agyasya duhkau ghamyam Gyasya ananda mayam jagat

Voor de onwetende mens is de wereld vol lijden.

Voor de verlichte mens is zij vol vreugde.

~ Varaha Upanishad 2.22

Introductie

Gelukkig zijn is het belangrijkste wat er bestaat in het leven, al het andere is secundair.

Iedereen voelt spontaan de waarheid van deze zin aan. Zij reflecteert eenvoudig de ingeboren aard van de ziel die er in alle omstandigheden op gericht is het geluk in ons leven te vergroten. Of we er nu van bewust zijn of niet, al onze handelingen zijn erop gericht ons geluk te vergroten of te bestendigen. Al ons doen en laten reflecteert de natuurlijke tendens van het leven om zich te manifesteren in alsmaar toenemende niveaus van geluk en vervulling. Door ons bewust te zijn van deze eeuwige en onoverwinnelijke tendens van het leven komen we meer in harmonie met deze kosmische stroom van evolutie die alles en iedereen in zijn liefdevolle zorg omvat. De kennis van deze alomvattende evolutionaire aard van het leven vormt de essentie van alle levenswijsheid.

Door de eeuwen heen hebben wijze mannen en vrouwen geprobeerd ons de weg te wijzen naar meer geluk en vervulling, zowel op individuele als op collectieve schaal. Wijze mensen hebben ons altijd voorgehouden dat het ware levensgeluk primair afhankelijk is van onze eigen subjectieve bewustzijnstoestand. Gunstige materiële omstandigheden dragen zeker bij tot ons geluk, maar in laatste instantie komt het erop aan hoe wij de materiële omstandigheden evalueren en appreciëren. In laatste instantie dus is ons levensgeluk afhankelijk van de conditie van ons eigen bewustzijn! De grootste schat schijnt gelegen te zijn in ons eigen bewustzijn!

Tot deze conclusie waren ook de aloude Indiase zieners gekomen. Hun inzichten werden vastgelegd in de oudste tekstboeken van menselijke ervaringen ter wereld – de Veda. De Veda en de vedische literatuur hebben slechts één doel: ons bewust maken van de glorie die vervat is in ons eigen bewustzijn!

Volgens de inzichten van de vedische zieners bestaat bewustzijn onafhankelijk van de schepping. Het is de oorsprong en essentie van de schepping! Bewustzijn dienen we volgens de vedische wijsheid te begrijpen als het Zijn dat zichzelf bewust is. Daar het Zijn alomtegenwoordig is, is ook het Bewustzijn de alomtegenwoordige en aldoordringende essentie van alles en iedereen. Een inwonende, inherente eigenschap van Bewustzijn is volgens de vedische zieners Ananda, ofwel gelukzaligheid! Goed beschouwd is het alomtegenwoordige Bewustzijn dus een eeuwige en onbegrensde oceaan van gelukzaligheid. Om gelukkig te worden en te blijven, hoeven we het dus helemaal niet ver buiten onszelf te zoeken… We hoeven alleen maar bewust te worden van ons eigen bewustzijn! Alle adviezen van de vedische zieners komen er daarom op neer dat we worden aangeraden de aard van ons eigen bewustzijn nader onder de loep te nemen.

De essentiële boodschap van de Veda’s en de vedische literatuur kan en één woord worden samengevat: ‘Nivartadhvam.’ Naar zijn geest vertaald betekent dit: “Transcendeer, ga voorbij aan alle begrenzingen van je ziel-geest-lichaam-systeem. Exploreer de onbegrensde aard van je eigen bewustzijn. Ontdek steeds grotere niveaus van heelheid in je eigen bewustzijn. Wees ervan bewust dat je bewustzijn alomtegenwoordig en eeuwig is. Besef dat de hele schepping zich afspeelt binnen in je eigen bewustzijn. Wil je een blijvende toestand van geluk ervaren, exploreer dan de gelukzalige aard van je eigen onbegrensde bewustzijn.”

Elke geestelijk volwassen weldoener van de mensheid echoot op de een of andere manier dit fundamentele vedische principe. Door de eeuwen heen hebben de wijzen ons aangespoord tot zelfkennis:

“Gnothi Seauton” – “Ken Uzelf,” is het duizenden jaren oude motto van de Griekse wijsbegeerte, in marmer gebeiteld boven de ingang van de tempel van Delphi en door Socrates verkozen als zijn lijfspreuk.

“Het koninkrijk der hemelen is in u” was de beeldspraak die Jezus gebruikte om ons aan te sporen het geluk in onszelf te zoeken.

Vandaag de dag zijn er veel vormen van meditatie en Yoga beschikbaar waarmee we het ‘koninkrijk der hemelen’ in ons eigen bewustzijn direct kunnen gaan ervaren.

Gelukkig zijn is geen luxe! Het is van levensbelang. Onze gezondheid hangt af van ons geluk. Het succes van onze relaties hangt voor een groot deel af van hoe gelukkig we zijn. Ons maatschappelijk succes hangt af van ons geluk. Het bereiken van ons levensdoel hangt af van ons geluk! Daarom geloof ik dat we er goed aan doen om te denken, te spreken, te lezen en te schrijven over geluk! Waar we onze aandacht op richten, daar vindt immers een versnelde ontwikkeling plaats. Door onze aandacht te richten op geluk, manifesteren we het in ons dagelijks leven.

Over de inhoud

Het eerste deel van dit boek biedt een algemene maar uiterst diepgaande beschouwing over wat geluk is, waar we het kunnen vinden en hoe we het kunnen bestendigen. Het geeft een beschrijving van de zeven bewustzijnstoestanden van de mens en laat zien dat het tot de natuurlijke vermogens van de mens behoort om in alle omstandigheden gelukkig te zijn. Als zodanig biedt het een min of meer compleet en nieuw paradigma voor geluk, gebaseerd op de inzichten en ervaringen van de aloude vedische zieners, de zgn. rishis, die hun inzichten onder andere weergaven in de Yoga en Vedanta tekstboeken.

Het tweede deel is praktischer van aard. Hier krijgt de filosofische kennis van het eerste deel een praktische toepassing. Het laat zien dat de abstracte filosofische kennis van grote waarde is voor ons alledaagse bestaan. Het behandelt twaalf aspecten van de groei naar hogere bewustzijnstoestanden en laat zien dat hogere bewustzijnstoestanden in wezen neerkomen op hogere toestanden van geluk. Deze twaalf invalshoeken naar grotere niveaus van vervulling worden besproken in de context van de twaalf huizen van een horoscoop en de twaalf tekens van de dierenriem.

Dit boek is bedoeld om enkele fundamentele en universele mechanismen aan het licht te brengen, die ten grondslag liggen aan de ervaring van een duurzame toestand van geluk. Indien het lezen ervan inderdaad uw gelukservaringen bevordert, dan heeft het zijn kosmische doel bereikt.

Moge dit boekje een remedie zijn tegen de talloze vormen van informatie die op ons afstormen en die ons willen doen geloven dat het leven zo’n pretje nog niet is. Geachte lezer, laten we ons niets op de mouw spelden ... schijn bedriegt. Al deze gebrekkige en negatieve informatie is enkel de manifestatie van de algemeen heersende onwetendheid omtrent de ware aard van het leven.

Zodra meer en meer mensen inzicht krijgen in de essentie van het leven – die uit zuiver geluk bestaat – zullen deze manifestaties van onwetendheid verdwijnen als sneeuw voor de zon. De zuivere kennis van de vedische literatuur staat er garant voor dat gelukzaligheid de essentie van het leven is en dat geluk daarom het geboorterecht van de mens is.

Frans Langenkamp

12 juli 2014

“Expansion of happiness is the purpose of creation and we are all here to enjoy and radiate happiness everywhere.”

“Uitbreiding van geluk is het doel van de schepping en we zijn allen hier om van het leven te genieten en om overal geluk uit te stralen.”

~ Maharishi Mahesh Yogi

Agnim ile purohitam yagyasya devam ritvijam hotaram ratna dhatamam

Naar zijn geest vertaald: “Ik identificeer mezelf met de alomtegenwoordige creatieve intelligentie die alle activiteiten in het universum inspireert en coördineert. Zij is de innerlijke drijfveer van alle evolutionaire processen. Zij is tegelijkertijd de uitvoerder en de getuige van alle activiteiten in de gehele kosmos. Deze intelligentie leidt ons spontaan naar het hoogste goed – een leven in geestelijke volwassenheid in een hemel op aarde.”

Het eerste vers van de Rig Veda, volgens velen het oudste tekstboek ter wereld.

Filosofische beschouwingen over Geluk

Wat is geluk?

Waar kunnen we het vinden?

Hoe kunnen we het stabiliseren?

Tarati shokam atmavit

Hij die het Zelf kent, overwint het lijden

~ Chandogya Upanishad 7.13

De vedische zienswijze

Sarve bhavantu sukhinah

Sarve santu niramayah

Sarve bhadrani pashyantu

Ma kashchit duhkha bhag bhavet

Moge iedereen gelukkig zijn

Moge iedereen vrij zijn van ziekte

Moge iedereen enkel het goede ervaren

Laat niemand enig probleem ontmoeten!

Dit vedische vers suggereert dat de mens het vermogen in zich heeft om in alle omstandigheden gelukkig te zijn. Het gaat over geluk, gezondheid en dat we niets dan goeds behoren te ervaren. Als de wens van dit vers ingewilligd zou worden, zouden we hier een hemel op aarde gaan genieten.

Waar komt dit vers vandaan? Is het een soort wishful thinking, of niet meer dan een uiting van goodwill? Wil het enkel een troost bieden voor onze ziel die te kampen heeft met de harde werkelijkheid? Of is het wellicht een uiting van een sprookjesachtige gemoedstoestand die ons als kinderen wil doen geloven dat het leven op aarde als bij toverslag een hemelse kleur kan gaan aannemen?

Of zou het kunnen zijn dat het gebaseerd is op kennis van het volledige vermogen van de mens? Zou het kunnen dat het een uitdrukking is van een diep inzicht in het mysterie van de werkelijkheid? Zou het kunnen dat het zich baseert op kennis van het oneindige vermogen dat tot nu toe sluimerend aanwezig is in de mens? Zou het kunnen zijn dat het een situatie beschrijft die wij mensen zelf in het leven kunnen roepen door ons volledige vermogen van hart en verstand te ontwikkelen?

Het vers krijgt de steun van vele andere passages die we in de vedische literatuur tegenkomen. In deze oudste tekstboeken van menselijke ervaringen ter wereld wordt een periode beschreven waarin alle mensen gelukkig waren en een volkomen gezondheid genoten. Er heerste harmonie in de samenleving en er was geen sprake van armoe, misdaad of geweld.

Ramayana

In de Ramayana, een oeroude vedische tekst waarin het leven en de werken van een zekere koning Rama wordt beschreven, staat vermeld hoe de samenleving er toen uitzag, hoe de mensen zich voelden en waar ze zich mee bezighielden, hoe de communicatie was, en hoe de regering gevoerd werd, wat de taak van de politie en van het leger was, etc. Laten we de Ramayana even zelf aan het woord laten. We vinden er onder meer de volgende passage:

“Mensen stierven niet vroegtijdig en er was zelfs geen ziekte. Iedereen was welgevormd en gezond van lijf en leden. Niemand leefde in armoe, verdriet of angst. Niemand was onwetend of onfortuinlijk. Zowel mannen als vrouwen waren van nature goed en vroom, intelligent en schrander. Iedereen apprecieerde de verdiensten van zijn nabuur en men was geleerd en wijs. Alom was men dankbaar voor getoonde vriendelijkheid en men ging argeloos op een verstandige manier met elkaar om.

De vier pilaren van Dharma (zuiverheid, soberheid, vrijgevigheid en waarachtigheid) waren overal ter wereld stevig gevestigd. De gedachte aan zonde kwam niet eens bij de mensen op. Zowel mannen als vrouwen waren gevestigd in zelfrefererend bewustzijn en allen genoten de zegeningen van de hoogste hemel.” (Ram. 20.1-4)

Dergelijke passages uit de vedische literatuur geven aan dat een hemels leven op aarde ooit bestaan heeft en dat het dus ook in de toekomst tot de mogelijkheden behoort.

Rig Veda

Ook in de Rig Veda wordt de mogelijkheid geschetst van een harmonieuze en vreedzame wereld. De Rig Veda zegt dat harmonie in de samenleving mogelijk is zodra wij mensen onze gemeenschappelijke bron gaan ervaren.

De laatste drie verzen van de Rig Veda spreken over “samiti samani,” hetgeen duidt op een ideale samenleving waarin alle mensen de hoogste vorm van bewustzijn genieten (zie pag. 215).

Samiti samani staat voor een alomtegenwoordige harmonie die de oneindige diversiteit van het relatieve leven doordringt. Waar we ons ook maar zouden begeven op deze prachtige planeet, we zouden mensen ontmoeten die oog hebben voor het gemeenschappelijke element dat ons allen doordringt en dat onze gemeenschappelijke oorsprong is. In deze op ware kennis gebaseerde beschaving wordt zuiver bewustzijn door iedereen ervaren aan de bron van zijn gedachten, woorden en daden, terwijl men zich ervan rekenschap geeft dat alle anderen eveneens functioneren vanuit dit gemeenschappelijke, universele en kwantummechanische veld van zuiver bewustzijn.

Namasté

Een overblijfsel van zo’n vedische beschaving op aarde vinden we in de manier waarop de mensen zich tot op heden in India begroeten. Bij elke ontmoeting en bij elk afscheid zegt men tot elkaar: “Namasté.” De meest complete beschrijving van de betekenis van deze uitdrukking heb ik gehoord uit de mond van Maharishi:

“I know the place in you

where the whole universe abides.

I know the place in you of love,

truth and peace.

I know the place in you, where,

if you are in that place in you,

and I am in that place in me,

we both are one.”

“Ik ken een plaats in jou

waar het hele universum verblijft.

Ik ken de plaats in jou van liefde,

waarheid en vrede.

Ik ken de plaats in jou, waar,

wanneer jij in die plaats bent in jezelf,

en ik in die plaats ben in mijzelf,

wij beiden één zijn.”

Wanneer deze eenheidservaring verlevendigd zou kunnen worden in de harten van de mensen, dan kunnen we ons gemakkelijk voorstellen dat een harmonische samenleving en een vreedzame wereld tot de mogelijkheden gaat behoren.

De cyclische beweging van de tijd

De tijd waarin alle mensen in eenheidsbewustzijn verkeren, wordt Satyuga genoemd – de Tijd van de waarheid. In deze periode zou er niet eens sprake zijn van een georganiseerde godsdienst, aangezien ieder individu spontaan de Godheid in zichzelf ervaart. In Satyuga hebben de mensen de beschikking over hun volledige ingeboren vermogen om te weten, te scheppen en te genieten. De gemiddelde mens benut 75% tot 100% van zijn ingeboren vermogen en leeft de bewustzijnstoestand die we het best kunnen beschrijven als ‘ geestelijke volwassenheid’.

Wanneer deze eenheidservaring wat afzwakt, ontstaat er een periode die Tretayuga wordt genoemd. De mensen richten zich nu wat meer op uiterlijke ontwikkelingen en gebruiken daarvoor vedische rituelen – yagya’s. In Tretayuga beschikt de gemiddelde mens over zo’n 50% tot 75% van zijn volledige vermogen.

Wanneer het intuïtieve vermogen van de mens nóg verder afneemt, en men minder in staat is de transcendentale essentie van alles en iedereen in te zien (satyuga), en men ook minder in staat is de subtiele natuurwetten voor zich te laten werken (tretayuga), ontstaat er een periode die Dwaparayuga wordt genoemd. De mensen beschikken dan gemiddeld over 25% tot 50% van hun ingeboren capaciteiten. Verschillen en geschillen beginnen een belangrijke rol te spelen in de dagelijkse ervaring van de mens.

Wanneer het intuïtieve vermogen van de mens nóg verder afneemt en de gemiddelde mens hooguit 25% van zijn ingeboren capaciteiten weet te benutten, dan krijgen de uiterlijke verschillen de overhand. Deze tijd wordt Kaliyuga genoemd, de donkere tijd van onwetendheid. De kans op botsingen en conflicten op alle niveaus van het bestaan zijn dan legio geworden. Het individu wordt innerlijk verdeeld en dit leidt tot verdeeldheid en spanningen in zijn relaties en in zijn gezin, in zijn steden, in zijn landen en zelfs op wereldschaal. Al deze conflicten zijn het spontane en automatische gevolg van het feit dat de gemiddelde mens in Kaliyuga slechts over een fractie van zijn volledige vermogen beschikt en de gemeenschappelijke oorsprong van alle verschijnselen uit het oog heeft verloren.

Maar zoals de nacht niet voor eeuwig kan duren, zo breekt ook op het niveau van de menselijke intuïtie de dageraad weer aan. Na het dieptepunt van Kaliyuga begint men van lieverlee weer inzicht te krijgen in de alomvattende en universele eenheid die het bestaan doordringt. De neergaande boog van Satyuga naar Kaliyuga gaat dan spontaan over in een opgaande boog van Kaliyuga naar Satyuga. Tijdens de opgaande Kaliyuga worden de mensen geleidelijk aan weer intelligenter, creatiever en daardoor gelukkiger en gezonder.

De opgaande Kaliyuga gaat geleidelijk aan over in een opgaande Dwaparayuga. Innerlijke en uiterlijke harmonie nemen weer toe in het leven van de mensen, en men gaat gemiddeld tot zo’n 50% van zijn talenten ontplooien.

Na deze dageraad van kennis neemt de intensiteit van het menselijk inzicht in het mysterie van de schepping nog meer toe en er ontstaat een opgaande Tretayuga, waar de mensen gemiddeld zo’n 50% tot 75% van hun vermogens tot ontplooiing brengen.

De volle zonneschijn breekt geleidelijk aan door en dit mondt uit in een opgaande Satyuga – de volle zonneschijn van een vedische beschaving op aarde, waarin de mensen zo’n 75% tot 100% van hun ingeboren vermogen weten te manifesteren en daardoor een hemel op aarde genieten.

Deze cyclus van de tijd wordt in verschillende aspecten van de vedische literatuur vermeld. We vinden hem in Jyotish of vedische astrologie, en in de Purana’s, maar ook in Ayurveda. Charaka vermeldt bijvoorbeeld dat de mensen in Satyuga een volmaakte gezondheid genieten en zo’n vierhonderd jaar oud worden.

De huidige wereldperiode

De spirituele leraar van Yogananda, Swami Shri Yukteshwar heeft deze yuga’s beschreven in zijn boek The Holy Science – De Heilige Wetenschap (Beschikbaar in het Nederlands, bij AnkhHermes). In dit boek geeft Shri Yukteshwar aan wat de huidige positie van de mensheid in deze cyclus is. Hij corrigeert daarmee de meer gangbare mening die in India heerst, die ervan uitgaat dat zo’n 3000 jaar geleden de Kaliyuga begonnen is en dat deze in totaal 432.000 jaren duurt. Shri Yukteshwar toont op overtuigende wijze aan dat deze mening onhoudbaar is en hij legt uit hoe deze foutieve mening is ontstaan. Zonder daar verder op in te willen gaan, sluit ik me hierbij aan bij de uiteenzetting van Shri Yukteshwar, daar deze logisch en overtuigend is. De lengte van Kaliyuga bedraagt in werkelijkheid slechts 1200 jaar en de andere yuga’s duren dus respectievelijk 2400, 3600 en 4800 jaar. Een hele cyclus van vier paren beslaat dan ongeveer 24.000 jaar. Yuga betekent letterlijk ‘paar’, hetgeen erop wijst dat de yuga’s in paren voorkomen. Van elke Yuga is er een dalende en een stijgende versie.

Volgens dit gezichtspunt zou rond 700 voor Chr. de dalende Kaliyuga zijn begonnen, en aangezien zij 1200 jaar duurt, zou ze dus tot ongeveer 500 na Chr. geheerst hebben. Daarna volgde de opgaande Kaliyuga van eveneens 1200 jaar. Deze zou dus geheerst hebben van 500 na Chr. tot het jaar 1700 na Chr., waarna de mensheid in een opgaande Dwaparayuga terecht is gekomen. In mijn boek “Inzicht is Alles” (deel 2), ga ik dieper in op deze Yuga-kwestie. Hier volstaat wellicht het volgende:

Deze zienswijze werpt een interessant licht op de geschiedenis van de mensheid. Volgens haar zou de recente opgaande Kaliyuga (van 500 tot 1700 na Chr.) samenvallen met de zogenaamde Middeleeuwen (in het Engels de Dark Ages – Donkere Jaren genoemd). Dit is op zich al een voltreffer daar Kali ‘nacht’ betekent. In de Purana’s (Indiase geschiedenisboeken) wordt vermeld dat Krishna leefde aan het eind van de laatste Dwaparayuga. Dit zou dus rond 700 voor Chr. zijn geweest. De Purana’s vermelden ook dat de bovengenoemde koning Rama in de neergaande Tretayuga leefde. Dit moet dan de periode van 6700 voor Chr. tot 3100 voor Chr. zijn geweest. Deze tijdsbepaling is veel aannemelijker dan de gangbare Indiase opvatting die Krishna’s verblijf op aarde rond 3000 voor Christus situeert. Volgens deze gangbare Indiase opvatting zou Tretayuga, en daarmee Rama’s leven, gesitueerd zijn tussen 2.163.000 jaar voor Chr. en 867.000 jaar voor Chr. Iets wat mijns inziens onmogelijk is daar het menselijke geheugen niet zo ver terug reikt!

Volgens de geestelijke vader van Yogananda, Shri Yoekteshwar, bevindt de mensheid zich dus momenteel in het Dwapara-tijdperk, dat rond het jaar 1700 na Chr. begon en zich uitstrekt tot rond het jaar 4100 na Chr. Dit zou verklaren waarom de gemiddelde levensduur van de mens sedert de laatste eeuwen langzaam maar zeker toegenomen is. Ook de formatie van nationale staten en de ontwikkelingen van wetenschap en techniek kunnen in het licht van dit ‘Yuga-model’ verklaard worden.

De kennis van de verschillende kwaliteiten van de yuga’s of tijdperken, en hun cyclische opeenvolging, vormt een geïntegreerd onderdeel van de vedische zienswijze. Indien je hier meer over wilt weten, kan ik je verwijzen naar mijn boek “Inzicht is Alles” (deel 1 en 2), waar ik het Yuga-model van Shri Yoekteshwar uitvoerig behandel. Elk van de Yugas wordt gekenmerkt door een bepaald niveau van geestelijke ontwikkeling van de mensheid. In de Kaliyuga is het bewustzijn van de mensheid het laagst: onwetendheid en materialisme heerst alom. In de Satyuga is het bewustzijn van de mensen het hoogst: Het Sat-Chit-Ananda wordt door iedereen spontaan ervaren en geleefd! Het ‘ABC van het Leven’ wordt door iedereen gekend!

Alles en iedereen is voor eeuwig onderworpen aan deze golfslag van de Tijd. Het relatieve bestaan is nu eenmaal de uitdrukking van de eeuwigheid. Wil de eeuwigheid zich uitdrukken in relatieve niveaus van het bestaan, dan móet zij zich wel in cirkels bewegen. De oneindigheid kan zich alleen maar uitdrukken in cirkels. Wil iets voor altijd en eeuwig voort kunnen gaan, dan moet het zich wel in cirkels bewegen.

Hoe is deze golfbeweging van het bewustzijn te rijmen met het vedische beginsel dat zegt dat wij mensen het vermogen in ons hebben om in alle omstandigheden gelukkig te zijn? Kunnen we dan toch in alle yuga’s gelukkig zijn? Deze vraag zullen we gaan beantwoorden in het hierna volgende.

Volgens de Veda’s zijn de mensen geboren voor het geluk. Praktisch gezien betekent dit dat mensen het vermogen hebben om gelukkig te zijn in alle omstandigheden. Het menselijk zenuwstelsel is niet bedoeld omalleen overdag geluk te ervaren, maar ook ’s nachts. Niet alleen in de zomer, maar ook in de winter. Niet alleen bij volle maan, maar ook bij nieuwe maan. Niet alleen tijdens spel, maar ook tijdens werk. Niet alleen in de jeugd, maar ook in de ouderdom. Niet alleen in de Satyuga, maar ook in de Kaliyuga!

In vedische tekstboeken vindt men herhaaldelijk de bewering dat iemand die gelukkig is altijd in Satyuga leeft en dat iemand die ongelukkig is altijd in Kaliyuga leeft!

Welk tijdperk er momenteel heerst, doet eigenlijk niet zo veel ter zake. Waar het om gaat, is dat we hier en nu gelukkig kunnen zijn. Ook al is het donker in de nacht, de moderne mens is daar niet zozeer van afhankelijk, aangezien hij geleerd heeft de natuurwetten te gebruiken waarmee hij voor zichzelf een verlichte kamer en een verlicht huis kan scheppen. Zo ook kunnen we als mens onafhankelijk zijn van de heersende tijdperken. We kunnen het ‘licht’ in onszelf ontsteken en mocht het buiten donker zijn, dan kunnen we de omgeving verlichten met ons innerlijk licht.

We kunnen inderdaad pas spreken van een duurzame toestand van geluk wanneer we begrijpen dat de cycli van dag en nacht, zomer en winter, Satyuga en Kaliyuga, etc. relatieve verschijnselen zijn en daarom per definitie geen vat hebben op ons ware Zelf dat uit absoluut gelukszaligheidsbewustzijn bestaat!

Wanneer we ons eenmaal bewust worden van ons eigen bewustzijn – de essentie van onze ziel – dan zien we automatisch in dat we eeuwig en absoluut zijn. De cycli van de tijd kunnen dan ervaren worden als zich afspelend ín onszelf. Wij zíjn de eeuwigheid en de cycli van de tijd zijn de alsmaar bewegende golven op de onbegrensde oceaan van ons bewustzijn.

Individuele mini-chaturyuga’s

In deze korte verhandeling over de yuga’s hebben we gezien dat het leven zich in cycli beweegt. De vier Yugas (Sanskriet: Chaturyugas) volgen elkaar automatisch op! Deze golfslag geldt voor alle aspecten van het leven. Ook geluk ontwikkelt zich in golven. Uit ervaring weten we immers dat we niet in één rechte lijn doorstoten naar het eeuwige en absolute gelukzaligheidsbewustzijn. Wij mensen zijn nu eenmaal niet zoals een raket die zich in één ruk bevrijdt van de aantrekkingskracht van de aarde!

Ons geluk ontwikkelt zich in een cyclische beweging. Wanneer we aandacht besteden aan onze persoonlijke groei, wanneer we aandacht besteden aan onze zelfrealisatie, dan manifesteert ons geluk zich in alsmaar grotere en alsmaar kosmischer golven van bewustzijn. Telkens opnieuw bereikt ons geluksbesef een climax – het hoogste punt dat op dat moment in ons leven geestelijke en lichamelijk mogelijk is. Daarna gaat het weer bergafwaarts, om even later weer omhoog te gaan. Net als golven op een oceaan.

Je kunt je afvragen waarom het nodig is om alsmaar weer af te dalen naar een niveau van minder geluk. Waarom is het nodig om na de hemel ervaren te hebben toch weer de hel te moeten betreden? Waarom gaan we niet spontaan alsmaar hoger en hoger, zoals het Latijnse gezegde: “semper sursum” – “alsmaar hoger,” suggereert? Godzijdank drukt dit oude gezegde toch wel een grote waarheid uit, al vermeldt het er niet bij dat die alsmaar grotere hoogten bereikt worden via (nee, niet via alsmaar diepere dalen ) cyclisch wederkerende perioden van inkeer en consolidatie.

Tijdens deze perioden van inkeer kunnen we ervaren dat we in een soort mineurstemming komen omdat we zien dat het verworven geluk ons uit handen glijdt. We kunnen ervaren dat het vloerkleed onder ons wordt weggetrokken. Of we ervaren eenvoudigweg dat er bewolking optreedt na een periode van zorgeloze zonneschijn. Na een tijd van ongekende en onverwachte expansie worden we plotseling gedwongen in te krimpen en ons koest te houden. Na een tijd van lachen is het weer even sip kijken geblazen. Na een periode van succes worden we geconfronteerd met mislukking. Na een periode van vriendschap en liefde staan we plotseling weer oog in oog met een tegenstander. Na een hele poos een blakende gezondheid genoten te hebben, treffen we onszelf plotseling aan in bed met een verkoudheid. Na een lange periode van lichamelijke kracht en fitheid genoten te hebben, merken we in onze laatste jaren op aarde, dat we steeds minder fit en sterk zijn.

Deze golfbeweging van het leven is nu eenmaal een onderdeel van het mechanisme van de schepping. Zelfrealisatie houdt onder meer in dat we deze ups en downs moeten leren waarderen, en zelfs het nut en de schoonheid ervan moeten leren inzien. Wanneer we deze ervaringen leren nemen zoals het komt – wanneer we deze ups en downs leren waarnemen vanaf een niet-oordelend en niet-betrokken standpunt in onszelf dan gaan we intuïtief aanvoelen dat zelfs de bewolkte perioden een kosmisch doel dienen. We ervaren namelijk telkens weer dat we er stabieler en wijzer uit tevoorschijn komen.

Elke sombere periode is bedoeld om het verworven geluk te stabiliseren. De erna volgende periode van zonneschijn blijkt altijd weer holistischer en diepgaander te zijn dan de vorige. Zo benaderen we langs wegen van geleidelijkheid de transcendentale niveaus van ons leven, waar geluk niet langer gedefinieerd wordt in relatieve termen. In zijn boekje Love and God beschrijft Maharishi deze levenservaring in de volgende woorden:

“The sun shines and it shines forever in fullness.

It may be, that the clouds are gathering.

Let them come and go, they go as they come.

Take no notice of their coming, you go your way.

Make your way through the clouds if they lie on the way.

Do not try to dispel them, do not be held by them either,

they will go the way they have come.

They are never found stationary,

but if you like to pause to see them wither away,

wait for a while. The wind is blowing anyway,

it is to clear the clouds from your way.

Just wait to see the clouds wither away,

and the sun, the same old sun of love,

will shine in fullness of its glory.”

“De zon schijnt en hij schijnt altijd in zijn volheid.

Het kan zijn dat er wolken verschijnen aan het firmament.

Laat deze komen en gaan. Zij gaan zoals ze komen.

Let niet eens op hun komst. Vervolg gewoon je eigen weg.

Begeef je gewoon door de wolken heen, indien deze zich op je pad mochten bevinden.

Probeer niet eens ze te verjagen, maar laat je ook niet door hen tegenhouden.

Zij zullen verdwijnen zoals ze gekomen zijn.

Ze worden nooit stilstaand aangetroffen, maar als je wil pauzeren om ze te zien wegtrekken, wacht gewoon even. De wind waait overal, en zij zal de wolken van je pad verdrijven.

Wacht gewoon even om de wolken te zien optrekken, en de zon, dezelfde oude zon van liefde zal wederom schijnen in de volheid van zijn glorie.”

(Love and God, p. 23)

Zo wisselen perioden van zonneschijn en bewolking zich van nature af in ieders leven hier op aarde. Alle belichaamde zielen, of het nu mensen, dieren, of planten betreft, zijn onderworpen aan deze natuurlijke cyclus. We kunnen stellen dat ons leven zich kenmerkt door talloze mini-chaturyuga’s: periodes van vier yugaatjes die elkaar automatisch opvolgen – periodetjes van Satyuga, die via periodetjes van Tretayuga en Dwaparayuga afdalen tot kaliyugaatjes, waarna we weer met nieuwe inspiratie opstijgen tot het volgende satyugaatje, enzovoorts.

Het bemoedigende hierbij is niet alleen dat het gemiddelde niveau van de cycli steeds hoger wordt, maar ook dat de kaliyugaatjes van nature veel korter duren dan de satyugaatjes. Zo functioneert althans de natuur op grote schaal. In de bovengenoemde wereld-chaturyuga’s neemt de Kaliyuga slechts 10% van de gehele cyclus in beslag! De Satyuga beslaat maar liefst 40% van de totale cyclus. Tretayuga neemt 30% voor zijn rekening, terwijl Dwaparayuga 20% omvat. Dus de “Tijd van Verlichting” duurt véél langer dan de tijd van duisternis. Vroeg of laat komen we er achter dat dit in ons individuele leven ook het geval is!

Dit natuurlijke gegeven, dat de perioden met zonneschijn veel langer duren dan de perioden met regen, is beslist de reden waarom de religieuze mensen, uit alle delen van de wereld, God bezingen als genadig, barmhartig en goedertieren. Slechts 10% van de tijd hebben wij mensen het moeilijk! Daar valt nog mee te leven, nietwaar? Bovendien is het zo dat die moeilijke periode niets anders is dan een zuiveringsproces. Een soort schoonmaakprocedure. Telkens als we ons down of negatief voelen, betekent dat dat ons zenuwstelsel wordt gezuiverd. Dit te weten doet ons met wijsheid en liefde reageren op negativiteit. Het leven is nu eenmaal alomvattend. We kunnen niet zeggen dat we het leven geheel geleefd hebben, als we niets van zijn schaduwkant ervaren hebben.

Gelukkig zijn in alle omstandigheden betekent ook niet dat er in het geheel geen problemen meer zijn, of geen negativiteit of complicaties, of geen verschil van mening etc. Het betekent eerder dat we hebben leren omgaan met negativiteit en problemen. We kunnen onze moeilijkheden managen. We worden niet meer geheel overschaduwd door de moeilijkheden waar het leven ons mee confronteert. De dagelijkse problemen brengen ons niet langer van slag. We hebben geleerd er creatief en intelligent mee om te gaan.

Wanneer we eenmaal de weg naar geluk, de weg naar een holistisch inzicht in de werkelijkheid, de weg van zelfrealisatie, zijn ingeslagen, dan moeten we er niet vreemd van staan kijken wanneer Moeder Natuur ons nu en dan cadeautjes toestopt die precies blijken te passen in het stadium van onze ontwikkeling. Een verrassing die mij zo overkomen is, wil ik graag met je delen.

Precies op de dag dat ik bezig was de cyclische beweging van de tijd te beschrijven, kreeg ik ‘per vergissing’ een mij onbekende audiotape met een live-concert van Donovan in handen gestopt. De gever dacht dat hij een bepaalde tape, die hij van mij geleend had, aan mij retourneerde. Het wonderlijke hierbij was dat twee van Donovans songs betrekking hadden op het hier besprokene. Tijdens het concert vertelt Donovan aan het publiek een voorval uit de tijd dat de Beatles en hij te gast waren bij Maharishi in Rishikesh, India.

Eens, toen ze ’s avonds op het dak van hun bungalow zaten te genieten van de subtropische sterrenhemel, was Donovan een nieuw lied gaan zingen, zichzelf begeleidend op gitaar. George Harrison wendde zich tot hem en zei: “I could write a verse for that song, Don.” – “Ik zou een vers voor dat lied kunnen schrijven, Don.”. Donovan vraagt het publiek: “Would you like to hear the long lost verse of George?” – “Zouden jullie dat lang vergeten vers van George willen horen?”. Hier is het:

“When Truth gets buried deep

beneath a thousand years of sleep,

Time demands a turnaround,

and once again the Truth is found.”

“Wanneer de Waarheid bedolven raakt

onder een duizendjarige slaap,

dan vereist de Tijd een ommekeer

en ziet men de Waarheid weer.”

Ongetwijfeld had Maharishi hen even daarvoor het cyclische mechanisme van de tijd uitgelegd. Ook in een ander lied op deze tape had Donovan zich laten inspireren door deze vedische kennis. In hetzelfde concert spreekt hij op een allegorische manier over de ‘individuele mini-chaturyugaatjes’ waar we in ons leven mee te maken krijgen, waarbij hij de mensen de volgende raad toestopt:

“Make up your mind to be happy.

Life is a merry-go-round.

Even if you miss out this time,

don’t let it fret your mind.

Love will come ‘round in the end.”

“Neem het besluit om gelukkig te zijn.

Het leven is een vrolijke draaimolen.

Zelfs als het je nu even niet zou lukken,

bekommer je er niet om. Na enig geduld

lacht de liefde je toch weer toe.”

Het is prachtig om deze grote artiesten bezig te zien op het gebied van eeuwige vedische wijsheid.

Bewustzijn is één en tegelijkertijd vele

Zodra we de individuele en collectieve chaturyuga’s leren waarnemen vanuit het absolute en onbeweeglijke standpunt in ons eigen bewustzijn, gaan we inzien dat alle tijdelijke opgaande en neergaande golven de uitdrukking zijn van onze eigen oceaan van bewustzijn. Het ontwikkelen van dit alomvattende, universele inzicht in de aard van de altijd veranderende verschijnselen is het doel van het leven. Alle takken van vedische kennis zijn erop gericht ons dit inzicht in de kosmische aard van ons eigen bewustzijn bij te brengen. Dit is de essentie van de hele vedische leer: wij zijn de onbegrensde oceaan én wij zijn de tijdelijke golven op de oceaan. Bewustzijn is EEN, en tegelijkertijd VELE! Dat is de super-kwantummechanische aard van het Bewustzijn, zou ik willen zeggen.

De Nyaya filosofie - één van de 27 takken van vedische kennis - vergelijkt deze universele aard van bewustzijn met een lamp in een deuropening (‘dehali-dipa’). Een lamp die bevestigd is in een deuropening schijnt tegelijkertijd naar binnen en naar buiten. Bewustzijn schijnt tegelijkertijd naar ‘binnen’ en naar ‘buiten.’ Bewustzijn belicht zowel de subjectiviteit als de objectiviteit. Bewustzijn omvat zowel zijn zuivere enkelvoudige aard als zijn ontelbare objectieve manifestaties. Bewustzijn is tegelijkertijd ondeelbaar én opgedeeld in ontelbare tijdelijke verschijnselen! Elke poging om de ene kant van bewustzijn te benadrukken ten koste van de andere kant van bewustzijn, is een teken van een gebrek aan het ware kosmische inzicht en leidt tot een psychologische (én fysiologische, én sociale, én ecologische) onevenwichtigheid.

Deze wonderbaarlijke - kosmische - aard van bewustzijn is het hoofdthema van de Veda en van alle takken van vedische literatuur! De Taittiriya Upanishad drukt deze aard van ons bewustzijn het meest bondig uit: “Aham vishvam” – “Ik ben het universum” (Tai.Up 3.10). Let wel, hier is bewustzijn zelf aan het woord. Het is nooit het lichaam dat kan zeggen: “Ik ben het universum.” Wanneer we een lichaam horen spreken, dan is het in wezen het bewustzijn dat spreekt en dat zichzelf via dat lichaam uitdrukt! Het is het bewustzijn dat van zichzelf weet: “Ik ben het universum!” En zodra wij ons volledig geïdentificeerd hebben met ons bewustzijn – dat per definitie tegelijkertijd enkelvoudig en veelvoudig is – kunnen we spontaan en van binnenuit de vedische uitdrukking “Aham vishvam” van harte onderschrijven.

Een bijna even bondige uitdrukking, die echter exact dezelfde betekenis heeft, vinden we in de Brihadaranyaka Upanishad. Daar zegt het bewustzijn van zichzelf: “Aham Brahmasmi” – “Ik ben de totaliteit van al wat bestaat; ik ben alles” (Br.Up. 1.4.10).

Deze kosmische aard van (ons) bewustzijn is ook het hoofdthema van de hele Yoga filosofie. De totaliteit van de filosofie van yoga komt reeds tot uiting in de eerste vier soetra’s van Patanjali’s Yoga Soetra’s. Na de aankondiging van de eerste soetra: “Atha yoga anushasanam” – “Nu volgt de uiteenzetting over Yoga,” vatten de tweede, derde en vierde soetra het hele thema van yoga (vereniging, integratie) bondig samen:

Yogah chitta vritti nirodhah

Tada drashtu svarupe avasthanam

Vritti sarupyam itah atra

Yoga is het tot rust laten komen van de gedachtengolven.

Dan is de ziener gevestigd in zijn ware zelf.

Gedachtengolven die opkomen in deze zelfrefererende toestand blijven in deze zelfrefererende toestand van bewustzijn.

(Yoga Soetra 1.2-4)

Deze drie soetra’s vormen de essentie van de vedische wijsheid, en daardoor de essentie van de filosofie van geluk. In eenvoudige woorden kunnen we ze als volgt interpreteren: Gedachten en gevoelens zijn fluctuaties van ons bewustzijn, van bewustzijn als zodanig. Slagen we erin de gedachtegolven en onze gevoelens tot bedaren te laten komen, dan zijn we automatisch gevestigd in bewustzijn als zodanig. Daar bewustzijn van nature gelukzalig is, zijn we dan ook automatisch gevestigd in gelukzaligheid! Wanneer we eenmaal gevestigd zijn in zelfrefererend (op ons ware zelf betrokken) bewustzijn, dan worden alle gedachten, gevoelens en waarnemingen ervaren als zich afspelend binnen de oceaan van ons absolute gelukzaligheidsbewustzijn. Met andere woorden, dan zijn we onder alle omstandigheden gelukkig.

Een kosmische cocon

We kunnen de essentie van alle vedische kennis nog eenvoudiger verwoorden met behulp van drie axioma’s:

Onze essentie (zuiver bewustzijn) bestaat uit zuiver geluk.

Zuiver bewustzijn is alomtegenwoordig en eeuwig.

Daarom kunnen we overal en altijd gelukkig zijn, wanneer we onze essentie hebben leren ervaren.

Let wel, deze logica treedt pas in werking zodra we bewust worden van de bron van onze gedachten en gevoelens. Dit betekent immers dat we ons bewust worden van ons eigen bewustzijn. Je kunt ook zeggen dat ons bewustzijn dan ‘zelfrefererend’ wordt. Wanneer ons bewustzijn zich bewust wordt van zichzelf - wanneer wij ons ware zelf leren kennen - worden we ons bewust van de zelfrefererende aard van ons bewustzijn.

Om blijvend gelukkig te worden hoeven we slechts de ‘cocon’ van ons zelfrefererende bewustzijn te ervaren. Als gevolg van de wonderbaarlijke, kwantummechanische aard van ons bewustzijn, waardoor het tegelijkertijd één en alomtegenwoordig is, zal de cocon van ons bewustzijn weldra een kosmische cocon blijken te zijn!

Hiermee hebben we de eeuwige en universele zoektocht van de mens naar blijvend geluk gereduceerd tot het uiterst eenvoudige proces van onszelf worden! Het mooie daarbij is dat we natuurlijk al ons zelf zijn! Dus beter gezegd, komt de zoektocht naar geluk neer op het ons bewust worden van ons ware zelf, dat van nature absoluut en gelukzalig is. Zodra we werkelijk onszelf worden - zodra we bewust worden van ons ware zelf - zijn we volmaakt gelukkig. De Rig Veda en alle takken van vedische literatuur beschrijven de aard van bewustzijn, hetgeen het zelf van alle wezens is (Atma) als Sat-Chit-Ananda – Absoluut gelukzaligheidsbewustzijn!

Laten we op dit natuurlijke gegeven voortdurend mediteren en contempleren: Ons ware zelf – de kern van onze ziel – bestaat uit Sat, Chit en Ananda – Absoluut Gelukzaligheids Bewustzijn!