Seks in Laken - Alain Leclercq - E-Book

Seks in Laken E-Book

Alain Leclercq

0,0

Beschreibung

De pikante geschiedenis van onze koningen.




Wat weten we eigenlijk echt over het liefdesleven van onze eerste twee koningen? Wat is het echte verhaal zodra we de geschiedenisboeken dichtklappen? Welke relatie had Leopold I echt met zijn eerste echtgenote Charlotte, kroonprinses van Groot-Brittannië? Vergeet het sprookje dat Leopold graag ophing en dat alle geschiedschrijvers overgenomen hebben. Charlotte was een verwend en moeilijk kind, een heuse lastpost, en niet de lieve, charmante vrouw die Leopold tot zijn laatste snik van haar maakte. Leopold I was niet alleen de stichter van onze dynastie, maar ook een rokkenjager, een donjuan voor wie plezier minstens even belangrijk was als politiek succes. Maar Leopold II zou zijn vader ruimschoots overtreffen als het over seksuele escapades gaat. Het ziekelijke roofdier gebruikte zijn geld om al zijn grillen te bevredigen en werd de risee van heel Europa. Ook de harde realiteit van het leven van onze eerste twee koninginnen blijft niet onbesproken. Iedere dag opnieuw werden ze aan hun lot overgelaten en vernederd, iedere dag opnieuw leefden ze in een emotionele hel. Wie waren de minnaressen die de koninginnen in het bed en het hoofd van de beide Leopolds vervingen? Die hen het hoofd op hol brachten en aan wie ze kolossale fortuinen uitgaven? Af en toe krijgen ze een paar lijnen in een boek, maar hun hele levensverhaal is nooit verteld. Nu kom je eindelijk te weten wie actrice Caroline Bauer en Polyxène von Tubeuf, de vriendin van koningin Victoria, echt waren. Of Lade Jane Ellenborough, die eerst in de armen lag van de knappe Leopold en daarna een nukkige sultane werd ... Je maakt ook kennis met iconen uit de belle époque, zoals Cléo de Mérode, La Belle Otero en Emilienne d’Alençon, drie vrouwen aan wie Leopold II, net als de andere monarchen, niet kon weerstaan. Je leert ook de vrouwen kennen van wie de vorsten op het einde van hun leven misschien wel oprecht hebben gehouden, de twee burgermeisjes Arcadie Claret en Blanche Delacroix, en het tumultueuze leven van de bastaardkinderen die ze hun minnaars schonken.

Ontdek een boek die over liefdesleven leven van onze eerste twee koningen onderzoekt.








EXTRACT




Tijdens de Eerste Wereldoorlog krikt ze het moreel van de troepen op. In 1915, ze is dan nog steeds heel mooi en beroemd, maar beseft dat ze dikker wordt en is bang dat haar nieuwe voorstelling niet zo succesvol zal zijn als ze hoopt, beslist ze om ermee te stoppen en zich in het zonnige Nice te vestigen. Ze koopt er voor vijftien miljoen dollar een kasteeltje, maar ze eindigt haar leven in een klein gebouw vlak bij het station, waar ze de rekeningen amper nog kan betalen. Toch heeft ze tijdens haar leven een fortuin van 25 miljoen dollar bij elkaar gespaard, had ze halskettingen die ooit van keizerinnen waren en danste ze behangen met de mooiste juwelen ... die ze de volgende ochtend in de kluis van haar bank stopte! Verslaafd als ze is verspeelt ze haar geld aan de speeltafels van de casino’s. Toen ze nog een ster was, vond ze altijd wel iemand om haar schulden te betalen, maar nu zit ze in financiële moeilijkheden. Wanneer de directeur van het casino van Monte Carlo dit hoort, betaalt hij haar huur en krijgt ze tot haar dood van hem een pensioen! In Nice mag ze van het casino bij haar woning spelen met het geld van het etablissement.In de jaren 1960 heeft de vrouw die op het hoogtepunt van haar roem miljoenen bezat, niets meer dan haar verzameling castagnetten.

DE AUTEUR

Alain Leclercq, historicus van opleiding, en gepassioneerd door zijn land en zijn vorstendom, licht een tip van de sluier van onze verborgen geschiedenis.

Sie lesen das E-Book in den Legimi-Apps auf:

Android
iOS
von Legimi
zertifizierten E-Readern
Kindle™-E-Readern
(für ausgewählte Pakete)

Seitenzahl: 354

Veröffentlichungsjahr: 2018

Das E-Book (TTS) können Sie hören im Abo „Legimi Premium” in Legimi-Apps auf:

Android
iOS
Bewertungen
0,0
0
0
0
0
0
Mehr Informationen
Mehr Informationen
Legimi prüft nicht, ob Rezensionen von Nutzern stammen, die den betreffenden Titel tatsächlich gekauft oder gelesen/gehört haben. Wir entfernen aber gefälschte Rezensionen.



Couverture

Auteursrecht

De auteur

Alain Leclercq, historicus van opleiding, en gepassioneerd door zijn land en zijn vorstendom, licht een tip van de sluier van onze verborgen geschiedenis.

© Eik Uitgeverij

Antwerpen

http ://www.eikuitgeverij.com

Eik Uitgeverij is op Facebook. Chat met onze auteurs, bekijk onze video’s en deel uw leeservaringen.

ISBN: 978-2-39009-318-3 – EAN: 9782390093183

Oorspronkelijke titel: Amours & secrets coquins à Laeken – Léopold I et Léopold II Oorspronkelijke uitgave: éditions Jourdan, 2017

Niets uit deze uitgave mag worden verveelvoudigd of aangepast, in enige vorm of op enige wijze, hetzij door fotokopieën, opnamen of op welke wijze ook, zonder voorafgaande schriftelijke toestemming van de uitgever.

Omslag

A.Leclercq

SEKS

IN

Laken

Leopold Ienleopold II

De pikante geschiedenis van onze koningen

Vertaald uit het Frans door Petra Van Caneghem

‘We hebben de buitenechtelijke kinderen van koning Leopold I nooit als staatzaak behandeld. We zijn er in België officieel niet van op de hoogte’, anonieme nota van het ministerie van Buitenlandse Zaken van België.

Inleiding

De geschiedenis wordt niet alleen geschreven in geleerde boeken bedoeld voor specialisten. Achter een diepgravende studie, tussen de lijnen van archiefdocumenten, in de rand van een beslissing lees je soms meer dan in het politieke, diplomatieke, economische of oorlogsspel. Je vangt een glimp op van een ontmoeting, het geruis van crinoline, het vergeelde portret van een prachtige vrouw die allang vergeten is. Je merkt dat degenen die de, vaak cruciale, beslissingen nemen, beïnvloed worden door allerlei externe toevalligheden, waarvan de liefde er een belangrijke is.

Sinds 1831 en het ontstaan van ons land hebben onze koningen de aandacht van hun burgers en de pers vastgehouden, die vaak hongerig op zoek gingen naar de ups en downs in hun liefdesleven. Toch mogen we deze uitspattingen niet alleen als privézaken bekijken, die door loslippige medewerkers met de voeten getreden worden. Integendeel, hun gevolgen op de macht zijn niet te negeren, de koning en zijn familie zijn in zekere zin het ideaalbeeld van morele autoriteit en perfecte onpartijdigheid. Wat gebeurt er wanneer hun liefdesleven het onderwerp wordt van kritiek en verwijten? Wat gebeurt er wanneer hun beslissingen niet het resultaat zijn van een discussie die met enige objectiviteit wordt gevoerd, maar dat ze genomen worden omdat er gedreigd wordt met de onthulling van een schandaal? Is het op dat ogenblik niet de democratie zelf die het zwijgen opgelegd wordt om het laakbare gedrag van een vorst toe te dekken? Zijn de gebeurtenissen in zijn privéleven niet ook een deel van de geschiedenis of hebben ze er niet minstens enige invloed op? Heel wat ongelukkige liefdes zijn opgesmukt en niet-erkende kinderen verzwegen om onze vorsten een positief imago te bezorgen. Als het alleen maar om een imago ging, zou dat niet zo erg zijn, maar deze scheve schaatsen hebben onvermijdelijk een impact op regeringsbeslissingen, ook in tijden van oorlog.

Heel wat vragen dringen zich op. In welke mate is een losbandig leven onaanvaardbaar als het, zodra het aan het licht komt, een drukkingsmiddel wordt waarmee invloed uitgeoefend kan worden op een belangrijk man? Hoe veel inlichtingendiensten hebben niet geprobeerd om een staatshoofd omver te werpen door hun seksuele escapades aan het licht te brengen? Het intieme leven van een koning of een prins is doorheen de eeuwen niet zonder gevolgen gebleken voor de bekwaamheid van de persoon in kwestie om staatszaken af te handelen. Hoe kun je een nationaal of buitenlands politicus onder ogen komen die in een handomdraai je reputatie of carrière om zeep kan helpen?

In dit boek brengen we het privéleven weer even tot leven van onze vorsten, de spelers die zo’n grote invloed hebben gehad op onze geschiedenis en van wie ook de liefdesrelaties niet zonder gevolgen zijn gebleven. De monarchen met hun grillen, hun passies, hun ontgoochelingen ook, worden mensen en het verhaal dat we over hun leven schrijven, is een kantlijn in de geschiedenisboeken.

Met die passionele liefdes, die vluchtige liefdesrelaties willen we zoveel mogelijk mensen laten kennismaken.

Deze ‘avontuurtjes van onze vorsten’ zullen lauw onthaald worden door de wetenschappelijke wereld, maar als we het grote publiek kunnen verleiden, is ons doel bereikt.

Leopold I

Bastaards uit de Ardennen

Het is een frisse ochtend ergens in april, in de omgeving van het Ardeense dorpje Ciergnon. Het regent onophoudelijk, al sinds gisteravond. Hoewel het vochtig is en de hemel er dreigend uitziet, is de jager voorbereid. Hij vertrekt. Hij heeft geen weg uitgestippeld, maar trekt het donkere bos in. Hij vertrouwt op zijn teefje dat door struiken en langs bosjes sluipt. Het ruikt veelbelovend.

En plots, net voor ze over een beek wil springen, draait ze zich om, de neus in de lucht, springt naar een rots en blaft even zachtjes voor ze zich aan de voeten van haar baasje legt. Daar moet het dier zijn. De man zachtjes dichterbij, zijn zenuwen staan gespannen, hij probeert om niet opgemerkt te worden. Hij twijfelt nog even, maar daar, 25 meter verderop, staat … het everzwijn! Zijn vier poten stevig op de grond, zijn neus naar voren, zijn kracht daagt de jager uit. Onze man denkt niet na, maar schoudert zijn geweer, een prachtig wapen dat hij kreeg van de vertegenwoordigers van de Luikse wapenfabriek. Er weerklinken twee schoten, het sterke dier valt aan. Nog meer schoten, het everzwijn wordt in zijn vaart gestopt. Twee kogels in de schouder en het dier stort aan de voeten van zijn moordenaar in elkaar. Dit fameuze dier, meer dan 150 kilo en met enorme slagtanden, lijkt zo uit een griezelboek weggelopen. Het lijkt wel alsof de man het everzwijn kent. Misschien is het wel het mannetje dat vorig jaar een hond heeft gedood. Het draagt kogelsporen: het is niet de eerste keer dat het achternagezeten wordt en zijn tragische einde is niet meer dan een natuurlijke loop der dingen. De spanning was enorm, de jager is uitgeput. Hij wacht op de mannen in zijn gevolg, hij roept dat ze zijn paard moeten brengen. De mannen houden zich bezig met het nog warme kadaver, hij keert terug. De man komt aan bij een herberg. Boven de zware deur wiegt een bord in de wind, waarop een vrolijke kok staat afgebeeld. Voor het gebouw zijn een paar paarden vastgemaakt, de herbergier baat ook een poststation uit. De geur van paardenvijgen mengt zich met de geur die uit de keuken komt en de regen die nog steeds niet gestopt is. Hij duwt de deur open. Zijn hoed en mantel zijn druipnat, niemand zal hem herkennen. Uitgehongerd schuift hij aan, hij eet in zijn eentje, bijna niets: een stukje schapenvlees, wat gekookte aardappelen. Na de maaltijd drinkt hij in één teug een groot glas whisky leeg, puur, zonder water. Hij is weer opgeknapt. Na deze drukke dag voelt hij zich moe, maar gelukkig. Dan valt zijn oog op de dame die hem bedient. Een nieuwe opdienster van een naburige boerderij, een stevige Ardeense met roze wangen, een ronde kont en een flinke boezem. Hij slaat zijn arm om haar middel en fluistert zoete woordjes in haar oor. De waard weet dat hij beter laat begaan en laat zijn rijke klant doen. Die is al op weg naar boven, samen met het voorwerp van zijn begeerte. Tijd voor tierlantijntjes is er niet, hij neemt haar, als de kroon op een sportieve dag die hem zijn zorgen en de grijze hemel deed vergeten. Zijn hartstocht is bevredigd, op een van de stoelen in de kamer legt hij een gouden munt van 20 frank. De jongedame neemt haar betaling en beseft plots dat de man op het muntstuk wel heel erg lijkt op de vreemde man die haar zonet besprongen heeft.

Een paar maanden later bevalt ze van een bastaardkind, de vader zou een jongeman uit de streek zijn, die met haar naar het altaar loopt. In de familie wordt echter een vreemd verhaal van generatie op generatie doorgegeven, het geheim achter de verwekker. Het verhaal lijkt uiteindelijk zo onwaarschijnlijk dat er eerst wordt getwijfeld en dat het daarna gewoon wordt vergeten. Het bastaardkind van de koning verdwijnt in de nevelen van de geschiedenis. Met hoeveel waren ze, de Ardeense bastaardkinderen van onze eerste koning, die zoveel hield van onze Ardennen, dat hij er zowel op everzwijnen en wolven ging jagen, als op mooie dames …

Het begin van een lang verhaal

Hoe is hij hier verzeild geraakt, die Leopold de Eerste, de eerste koning van België? Hij is nochtans gehuwd met de respectabele dochter van de Franse koning, de zachtmoedige Lodewijk Filips. Zijn huwelijk met Louise Marie, de officiële koningin der Belgen, heeft zijn amoureuze honger echter allesbehalve gestild. Wie is hij, die Leopold, deze afstammeling van een klein prinsdom, het resultaat van talloze opsplitsingen van het hertogdom Saksen doorheen de eeuwen? Hij is een afstammeling van een van de kleine staatjes in het huidige Thüringen, midden in Duitsland, net zoals vele andere prinsen. Er is Saksen-Weißenfels, Saksen-Merseburg, Saksen-Zeitz, Saksen-Weimar, Saksen-Altenburg, Saksen-Eisenach, Saksen-Meiningen, Saksen-Saalfeld, Saksen-Hildburghausen en Saksen-Coburg en Gotha. En in een van die staatjes, in Coburg, wordt op 16 december 1790 het zesde kind geboren van prins Frans en prinses Augusta Caroline Sophie van Reuss-Ebersdorf. Het wordt Leopold Joris Christiaan Frederik van Saksen-Coburg-Saalfeld genoemd. De voornaam Leopold is een eerbetoon aan keizer Leopold II, keizer van Oostenrijk en het Heilige Roomse Rijk, zoon van Jozef II.

Aan het begin van de 19de eeuw is Saksen-Coburg een onbeduidend staatje. Het is klein en eigenlijk niets meer dan een Beiers hertogdom zonder geld. Aan het hoofd van het grondgebied staat Frans van Saksen-Coburg-Saalfeld: hij is niet alleen een beetje saai, maar ook het prototype van de hertog van Saksen-Coburg in die tijd, dat wil zeggen flegmatisch en zonder opvallende eigenschappen. Zijn tweede echtgenote, gravin Augusta Caroline Reuss van Lobenstein-Ebersdorf, is veel interessanter. Zij legt zich niet zomaar bij haar situatie neer. Deze extreem ambitieuze vrouw, ziekelijk ambitieus soms, beseft dat ze geen geld, geen grondgebied en geen politieke macht heeft. De enige manier waarop de Saksen-Coburgs aan invloed kunnen winnen, is door goede huwelijken te sluiten. Gelukkig zet ze tien kinderen op de wereld, waarvan er zeven de kindertijd overleven. Perfect, want de napoleontische oorlogen zijn net voorbij en de Balkan is bezaaid met koninkrijkjes die op zoek zijn naar gekroonde hoofden. Op dat ogenblik geven voortplantingsorganen die hun dienst bewezen hebben en een verleden waarin vaag iets van adel doorschemert, meer opportuniteiten dan grondgebied, diplomatie of overwinningen op het slagveld. Augusta bereidt haar kinderen onvermoeibaar voor op het huwelijk en bij iedere kans die ze krijgt, laat ze hen opdraven voor de vrijgezelle leden van alle koninklijke families van wie ze de aandacht maar weet te trekken. Dit harde werk werpt vruchten af en in een paar decennia tijd heersen de Saksen-Coburgs overal in Europa. Vele jaren later zou Otto von Bismarck, de beroemde Pruisische en later Duitse politicus, gevraagd worden naar de impact van de Saksen-Coburgs op de internationale politiek. Hij hield het bij ‘de fokkerij van Europa’.

Viriliteit kijkt niet naar het aantal jaren

Het duurt niet lang voor Leopold avontuurtjes verzamelt, geen enkele Jungfrau is nog veilig. De boerinnen in zijn voormalige hertogdom en de diensters op zijn ouderlijke kasteel hebben aan zijn temperament, dat zich al heel vroeg liet blijken, vast een ‘dierbare’ herinnering overgehouden.

Het verhaal wil dat de amoureuze appetijt en de innemende persoonlijkheid van de jonge prins in dit kleine stukje Duitsland door iedereen gekend en erkend worden. Leopold maakt alleen maar wat plezier, maar hij laat wel zien dat, zelfs in de liefde, daadkracht en viriliteit niet afhangen van het aantal levensjaren … Wie hem heeft ontmaagd, is de geschiedenis vergeten. De eerste vrouw in zijn leven, tenminste die waarvan nog een spoor bewaard is gebleven, is afkomstig uit Odenwald, een streek langs de Rijn en volgens de legende het land van de Nibelungen, waar Hagen von Tronje Siegfried de drakendoder vermoordt. Leopold bezoekt er geregeld zijn zus Victoria, die in 1806 met prins van Leiningen huwde. In het dorpje Amorbach woont de dochter van de boswachter, baron van Tuboeuf, een Normandische edelman die op de vlucht ging voor de revolutie. De mooie Pauline is negentien en wakkert bij Leopold de eerste amoureuze gevoelens aan. Is die ontmoeting platonisch gebleven? Misschien wel, maar Leopold raakt in vuur en vlam en verklaart in gedichten zijn liefde aan de mooie Française. Het is misschien ook in die periode dat onze jonge donjuan het, niet altijd verenigbare, verschil ontdekt tussen Grote Liefde en de vleselijke variant ervan. Die eerste kalverliefde groeide in ieder geval uit tot een duurzame vriendschap.

Volg het voorbeeld van de grote broer niet

Leopold is een telg uit een groot gezin: hij heeft enkele zussen en twee broers die ouder zijn. De oudste broer, en dus ook de belangrijkste, is zes jaar ouder en wordt hertog na het overlijden van zijn vader Ernst, hij regeert tot 1844 als Ernst I. Ze hebben geen nauwe band en hun ontmoetingen zijn tot een minimum beperkt. Leopold is geen toonbeeld van deugdelijkheid, maar zijn oudere broer (de oudgrootvader van Elizabeth II, de huidige koningin van Groot-Brittannië) is een onbetrouwbaar en bijzonder onaangenaam persoon. In die tijd mocht een edelman dan wel wrede trekjes hebben, maar Ernst verwerft een reputatie als een wel heel erg pervers man. Al in zijn kinderjaren is hij vaak te gast aan het Russische hof, op bezoek bij zijn vriend groothertog Constantijn. Samen bedenken ze gruweldaden, de ene nog inventiever dan de andere. Een van hun geliefkoosde bezigheden is levende ratten vangen en die als kanonskogel gebruiken. Er wordt verteld dat ze, bij gebrek aan ratten en muizen, ook weleens een moezjiek gebruikten, een lijfeigene die in het Rusland van de tsaren geen waarde had.

Gezonde jongens, die Coburgs!

Wat seks betreft kruipt het bloed van de Coburgs waar het niet gaan kan. Ernst verwekt talloze bastaardkinderen. Augusta maakt zich ongerust en probeert de hartstocht van haar zoon in te tomen. Om zijn duivelse reputatie wat te verzachten, laat ze hem trouwen met een zestienjarig nichtje, Louise. Maar deze poging heeft niet het gewenste effect: Ernst blijft de bordelen van Moskou tot Parijs afschuimen. Na zijn scheiding brengt hij in het grootste geheim een zestienjarig Frans meisje naar het hof van de Coburgs, dat hij vermomt als jongen. Nadat hij haar een tijd bij zich heeft gehouden, gooit hij haar met haar kind op straat. Hoe onbeduidend dit voor deze wrede man ook was, het bezorgt de familie Saksen-Coburg toch wat moeilijkheden, want Pauline Panam, ook wel de ‘mooie Griekse’ genoemd, gaat alle hoven van Europa af en vertelt aan wie het wil horen over hoe vreselijk ze in de steek is gelaten. Ernst laat het hier niet bij en probeert haar verscheidene keren te ontvoeren en vermoorden, maar slaagt daar nooit in. Ook op zijn oude dag blijft Ernst voor problemen zorgen, dan voor zijn zoon, prins Albert. Na diens huwelijk met koningin Victoria van Engeland verblijft Ernst in Londen en tijdens zijn laatste levensjaren valt hij de gezelschapsdames van de koningin voortdurend seksueel lastig.

Ook het seksleven van de zonen van Ernst, de neven van Leopold I en de kozijnen van onze Leopold II, is ongebruikelijk, al staan de beide mannen diametraal tegenover elkaar. Ernst II zet de traditie van zijn vader verder en overschrijdt alle grenzen. Courtisanes of prostituees, het maakt hem niets uit, alles is goed.

Zijn gedrag bemoeilijkt het huwelijk dat men voor hem in gedachten heeft. Hij is voorbestemd om met de Britse koningin Victoria te trouwen, maar de situatie wordt erg ongemakkelijk wanneer vastgesteld wordt dat de jongeman lijdt aan geslachtsziekten. Tijdens hun eerste ontmoeting wordt het bezoek ingekort, want de jongeman krijgt een aanval van syfilis. Zijn onaantrekkelijke lichaam en zijn legendarische domheid – hij wordt ook wel de ‘clown van Coburg’ genoemd – maken het er niet gemakkelijker op en hij wordt teruggestuurd naar Duitsland. Daar blijft hij talloze maîtresses en dienstmeisjes besmetten. Het voorrecht om de gemaal van Victoria te worden, valt dan maar toe aan zijn jongere broer Albert, die gelukkig helemaal niet lijkt op zijn broer Ernst.

Albert is een houterige jongeman, die niet goed is in bed. Bovendien heeft Victoria een groot libido (dat kan misschien verklaard worden omdat zij via haar moeder, de dochter van de zus van de vader van haar man, ook een Coburg is). Albert kan haar maar moeilijk bijbenen.

Bedienden hadden daarover een pikant verhaaltje achter de hand: de koning was moe en verlangde naar rust, dus sloot hij zich op in zijn kamer. Maar koningin Victoria trommelde op de deur en riep, ‘Doe open! Ik ben de koningin!’ Geen twijfel mogelijk, er stroomde Coburgbloed door haar aderen.

Nach Paris

Leopold groeit in dezelfde periode op als een hongerige Corsicaan die op het vasteland aanspoelt. Napoleon verovert Europa en in een handomdraai ook het hertogdom Coburg, dat nu onder Frans bestuur komt te staan. Nu de vader van Leopold er niet meer is, is zijn moeder de enige die de belangen van de familie en haar rechten op het hertogdom kan verdedigen. Tijdens een van de wapenstilstanden tijdens de napoleontische oorlogen worden de broers Leopold en Ernst naar Parijs gestuurd, waar ze hun rechten moeten doen gelden.

Parijs, toen al de ‘lichtstad’, is de bruisendste hoofdstad ter wereld en de kleine provinciaaltjes, al zijn het dan hertogen, zijn danig onder de indruk. Napoleon wil hen niet ontvangen op de Tuilerieën en de twee mannen proberen hun tijd aangenaam door te brengen. Recepties, bals, voorstellingen, mondaine avonden, ook al is hun beurs leeg, de jongemannen laten zich meeslepen door het jachtige leven in de Franse hoofdstad.

Maar ze vergeten hun opdracht niet en als de deuren van de Tuilerieën gesloten blijven, trekken ze naar Malmaison, waar ze hopen de keizer te kunnen spreken. Ze worden niet alleen de gasten, maar ook de vertrouwelingen van keizerin Joséphine. De dochter van de keizerin, de mooie Hortense de Beauharnais, is niet ongevoelig voor de charmes van Leopold. Het knappe uiterlijk en de degelijke opvoeding van onze toekomstige koning, die nog geen twintig is, maken dat hij een duurzame relatie krijgt met de toekomstige moeder van Napoleon III. Gaat hun verleidingsspel verder dan een gewone vriendschap? Als dat zo is, dan is dat goed geheimgehouden, er wordt met geen woord over gerept. Hoe dan ook, Hortense zou de jonge prins nooit vergeten.

De aanhouder wint en de Coburgs worden dan toch ontvangen door Napoleon. Het wordt een aangename ontmoeting, al kan de keizer niets beloven over het hertogdom. Ook de eerste Fransman valt, net als zijn echtgenote en zijn stiefdochter, voor de charmes van Leopold en vraagt hem of hij bij hem in dienst wil komen. Leopold is blij met dit voorstel, maar ziet zich verplicht om te weigeren, zijn degen staat ten dienste van de tsaar. Met de hulp van Hortense kan hij de vraag telkens ontwijken. Toch maakt hij een blijvende indruk op Napoleon, die Leopold later in zijn memoires omschrijft als ‘de mooiste jongeman die de Tuilerieën ooit hebben gezien’.

Leopold laat niemand onberoerd. Na de keizer noemt nu ook de hertogin van Orléans hem ‘heel groot, heel knap en elegant’. Voor de prinses de Ligne is het zijn glimlach die onweerstaanbaar is. Kanunnik Saint-Simon noemt hem graag een donjuan, ‘maar dan zonder het cynisme’. Zijn charme, zijn verleidingskracht, zijn onberispelijke houding, zijn donkere haren, zijn diepgroene ogen, iedereen valt ervoor.

Tijdens zijn verblijf in Parijs wekt hij de belangstelling van heel wat dames. In een brief aan zijn zus beschrijft hij plagerig hoe hij zijn aantrekkelijkheid aanwendt: ‘Als je een dame hier vraagt om te gaan zitten, gaat ze liggen …’

Het mondaine verblijf in Parijs is voor Leopold in zekere zin een inwijding. Pas dan stapt hij echt over de drempel van de volwassenheid. Het is het begin van een jachtig leven dat zowel de amoureuze als de politieke voorpagina’s haalt.

Trouw loont … soms

Het verblijf was succesvol. Ernst krijgt zijn staten terug en gaat nog een laatste keer langs bij Napoleon, samen met zijn broer Leopold. Ze bedanken de man die het lot van de wereld in zijn triomfantelijke handen houdt. Napoleon ontvangt hen hoffelijk en ze blijven nog even in de hoofdstad van het Franse rijk. Leopold blijft echter in dienst van de Russische tsaar en kan de banden tussen de Coburgs en de Romanovs niet vergeten. Hij wil zijn militaire carrière graag in Rusland verderzetten, maar Napoleon dreigt ermee zijn broer te onttronen als hij daarmee doorgaat.

Ondanks de dreigingen en de complimenten houdt Leopold zich afzijdig van de machtige heerser van Frankrijk. Hij staat alleen. Alle groten uit die tijd voelen zich de vazallen van Corsica: de keizer van Oostenrijk, de koning van Pruisen, de koning van Beieren, de koning van Württemberg en zelfs de hertog van Coburg, zijn broer. Maar Napoleon begaat een grote fout wanneer hij Rusland aanvalt. De terugtocht van het Franse leger en de verschrikkelijke Slag aan de Berezina kondigen het einde aan van zijn duizelingwekkende klim naar de top.

Duitsland laat zich dit geen tweemaal zeggen en komt in opstand tegen de Franse overheersing. Prins Leopold gaat naar het hoofdkwartier van de Russische keizer: ‘Ik was, zo wordt gezegd, de eerste Duitse prins die bij het bevrijdingsleger ging.’ De Rus vergeeft hem zonder veel poeha zijn Parijse zijsprongetje, want onze prins hoort al sinds zijn kindertijd bij het leger en de entourage van de tsaar.

De bevrijdingsoorlog kan beginnen. De Slag bij Lützen en de Slag bij Bautzen krijgen een plaats in de geschiedenisboeken. Leopold staat tijdens de eerste aan het hoofd van een Russisch cavaleriekorps en staat tijdens de tweede met open mond te kijken naar het geweld. De confrontatie duurt twee dagen en is verschrikkelijk: ‘We werden niet verslagen, zegt koning Leopold, maar gedwongen om ons diep in Silezië terug te trekken.’ Hij dekt de terugtocht met zijn cavaleriekorps. Oostenrijk verklaart op zijn beurt de oorlog aan Napoleon en voegt zich bij Rusland en Pruisen. Het coalitieleger trekt weg uit Bohemen en marcheert naar Dresden.

Prins Leopold, die gesteund wordt door zijn kurassiers, schiet prins Eugen van Württemberg te hulp, die bij het fort van Königstein aangevallen wordt. Drie dagen later raakt hij in Peterswald verwikkeld in een gewelddadig conflict met een Frans cavaleriedetachement. Hij kan niet op tegen de overmacht, moet terugtrekken maar valt niet in de handen van de vijand. Diezelfde dag moet hij opnieuw vechten, in de buurt van Prezen deze keer. In Kulm moeten de eskadrons van de Russische garde opnieuw stevig slag leveren. Vandamne en twee andere generaals, Haxo en Guyot, worden gevangengenomen. De Fransen verliezen vijf- tot zesduizend manschappen, doden en gewonden, zevenduizend gevangenen en achtenveertig kanonnen. Prins Leopold heeft zich heldhaftig geweerd en krijgt ’s avonds op het slagveld het insigne van de derde klasse van de Russische militaire Sint-Jorisorde opgespeld. Niet veel later voegt hij daar het kruis van de Orde van Maria Theresia van Oostenrijk en het Pruisische IJzeren Kruis aan toe.

De coalitielegers dringen Saksen binnen en bij Leipzig leveren ze de grootste veldslag uit de napoleontische oorlogen tegen de Fransen. De slag duurt vier dagen en prins Leopold, die aan de enorme gevechten deelneemt, neemt met zijn voorhoede de weg naar Erfurt. Op 30 januari 1814 dringt hij met zijn cavalerie Frankrijk binnen. Op 1 februari neemt hij deel aan de Slag bij Brienne en trekt daarna naar Troyes. Op 20 maart vecht hij in Arcis-sur-Aube, waar hij het bevel voert over de rechterflank. De 24ste marcheren de geallieerden naar Parijs. Leopold, die zich in de voorhoede bevindt, onderscheidt zich opnieuw in de bloedige Slag bij Fère-Champenoise. Op de 31ste tot slot trekt hij aan het hoofd van de kurassiers van de Russische garde de Franse hoofdstad binnen. Leopold zit in het kamp van de winnaars. Hij heeft de militaire roem vergaard die hij tijdens zijn leven anders had moeten missen. De prins is vijfentwintig en kan terugkijken op een fraaie militaire carrière. Maar Leopold wil meer. Hij wil een lotsbestemming die zijn ambities waard is.

Charlotte en Leopold, een ongewoon liefdesverhaal

Na Parijs en de overwinning gaat Leopold in het kielzog van tsaar Alexander naar Londen voor een triomfantelijk bezoek aan de geallieerden. Leopold trekt de aandacht van alle vrouwen, de eretitels die hij op het slagvelden op het vasteland bij elkaar heeft gevochten, zijn onweerstaanbaar. En hier, net als in Parijs, gaat hij graag in op alle uitnodigingen van zijn Engelse gastheren. Op een dag gaat de prins in zijn schitterende uniform van luitenant-generaal van de Russische cavalerie naar een feestje in het Pulteney Hotel. Daar ontmoet hij Charlotte, de kleindochter van de demente koning George III en dochter van de prins van Wales, die sinds 1811 regent is. De prinses voelt zich aangetrokken tot Leopold en raakt met hem aan de praat. Dat doet de prins plezier en hij blijft drie kwartier bij haar.

De meeste geschiedenisboeken houden het hierbij, bij het begin van een mooie idylle die wel wat wegheeft van het verhaal van Héloïse en Abélard. Ze vermelden dat het paar gelukkig is, zoals dat maar zelden voorkwam in een tijd waarin huwelijken nog gesloten werden om grondgebied uit te breiden, twee adellijke huizen aan elkaar te klinken of een adellijke titel aan de lijst toe te voegen. Maar hier wordt de prinses en toekomstige koningin van Engeland hopeloos verliefde op een mooie, jonge soldaat zonder geld.

Een beetje kort door de bocht en vooral een beetje aangedikt. Onze twee personages praten met elkaar. Leopold voelt zich niet helemaal op zijn gemak. Hij wordt in de gaten gehouden en weet dat zijn plaats niet naast deze mooie jongedame is. Toch waagt hij het, hij geeft zichzelf bloot en laat Charlotte merken wat hij voor haar voelt. Maar zij is niet alleen een knappe verschijning, geboren in een adellijke familie, ze is door het toeval van de geschiedenis en de verschillende troonsopvolgingen ook de erfgename van de troon van Groot-Brittannië. Hij is maar een arme onbeduidende prins, hij weet dat hij niemand voor de voeten mag lopen, dat hij het hof, de weelde en de mogelijkheden van een uitstekend huwelijk achter zich moet laten. Hij weet vast ook dat niemand hem ziet als een pretendent die die naam waardig is. De situatie is complex, zelfs als hij het waagt.

Laten we even terugkeren in de tijd. In 1795 huwde de huidige regent en toekomstige koning George IV zijn nichtje Caroline van Brunswijk en op 7 januari van het jaar daarop werd een dochter geboren, Charlotte Augusta. Het huwelijk was een mislukking, de twee echtelieden hadden een hartgrondige hekel aan elkaar. Het enige kind dat uit dit huwelijk werd geboren, is intussen negentien. Ze kan het niet vinden met haar vader, een gecultiveerd man, maar een verstokte gokker, een alcoholicus en losbol en dat heeft hij geweten. Hij voelt helemaal niets voor zijn dochter, geeft haar amper genoeg om te overleven en als hij haar om officiële redenen moet uitnodigen voor een receptie, negeert hij haar compleet. Zijn eerste verjaardagswensen voor haar kwamen er haast toevallig op haar negentiende …

Charlotte heeft een enorme hekel aan hem en bovendien houdt ze zich ook afzijdig in zijn conflict met haar moeder, die hij aan de kant wil schuiven omwille van losbandig gedrag. Hij verplicht Charlotte om bij haar oude ongehuwde tantes te gaan wonen, bij wie ze zich stierlijk verveelt, er valt namelijk niets te beleven. Maar het knappe meisje laat zich niet kleinkrijgen en vindt een eerste keer troost in de armen van haar neef George FitzClarence, een bastaardzoon van haar oom Clarence. Ze is helemaal weg van de jongen.

Niet veel later, wanneer FitzClarence zich bij zijn regiment heeft gevoegd, verliest het meisje haar hart aan luitenant Charles Hesse, ook een bastaardzoon, van de hertog van York deze keer. De liefde is wederzijds en wordt rijkelijk aangemoedigd door de moeder van Charlotte, die zelf geen voorbeeld van deugdzaamheid is. Ze aarzelde geen seconde toen ze zag wat er tussen beide kinderen speelde, sloot ze op in haar kamer en riep: ‘Ik laat jullie, veel plezier!’ Charlotte was toen amper zestien!

Het koppeltje blijft elkaar zien en de leden van de koninklijke familie zijn op de hoogte, op haar vader na. Iedereen is bang dat hij woedend zal zijn. Niemand vertelt het hem, want allemaal zijn ze geschokt door hoe de regent met zijn kind omgaat. Maar alle mooie sprookjes hebben een einde en dus ook dit. De knappe jongeling moet zijn beminde achterlaten, hij moet naar Spanje, dat verscheurd wordt door een conflict. In 1813 wil de regent, die de Engelse invloed in Noord-Europa wil uitbreiden, zijn dochter Charlotte uithuwelijken aan Willem, de zoon van de Nederlandse prins van Oranje. De eerste ontmoeting vindt plaats in juni, ter gelegenheid van de verjaardag van George. De jonge Willem is net als de meeste andere gasten en de prins-regent zelf stomdronken. Hij maakt een niet al te beste indruk op de prinses, om het zacht uit te drukken. Ze is niet dom en beseft heel goed dat de prins niet toevallig aanwezig is op het feest en dat er een huwelijk in de maak is.

Maar dat wil ze helemaal niet! De Nederlander is heel pretentieus en houterig en ze vindt hem saai en lelijk. Zodra hij haar aanspreekt, draait ze haar hoofd om en loopt ze weg. Maar de huwelijksonderhandelingen gaan gewoon door en de problemen rond de opvolging worden zelfs geregeld. De partijen komen tot een overeenkomst die iedereen bevalt: het eerste kind van het koppel erft de troon van Engeland, het tweede kind de troon van Nederland. Als er geen twee nakomelingen zouden zijn, zou Nederland overgaan op een andere tak van het huis van Oranje.

Op 10 juni 1814 is de zaak helemaal rond en kan Charlotte eindelijk haar huwelijkscontract tekenen. Op dat ogenblik wordt echter gefluisterd dat de prinses haar hart verloren heeft aan een Pruisische prins, misschien wel Frederik van Pruisen. De geruchten vertragen de voorbereidingen en de onderhandelingen voor het huwelijk echter niet. Er dreigt een enorm probleem. Waar zullen de jonggehuwden wonen? Als echtgenote zou Charlotte in Nederland moeten wonen, bij haar echtgenoot. Maar voor haar is het ondenkbaar dat ze Engeland, haar geboorteland, zou moeten verlaten. Bovendien is ze er in haar binnenste absoluut van overtuigd dat een koningin van Engeland geen buitenlander kan huwen. Op 10 juni 1814 wordt een akkoord gesloten waarvan de partijen denken dat het Charlotte zal bevallen. In het huwelijkscontract wordt opgenomen dat ze het eiland niet mag verlaten zonder de schriftelijke toestemming van haar vader. De noodlottige datum komt dichterbij. De weerzin van Charlotte wordt steeds groter en haar moeder, die al van bij het begin tegen dit huwelijk gekant is, krijgt de steun van het volk. Wanneer ze zich in het openbaar laat zien, smeken de Engelsen de prinses om niet te vertrekken. Charlotte wil nog steeds helemaal niet trouwen en vindt een oplossing, denkt ze. Ze voegt een nieuwe clausule toe aan het contract: haar moeder moet naar Nederland. Ze is er zeker van dat geen enkele partij met dit detail zal instemmen en ze heeft gelijk. Niemand wil dit ondertekenen. Een paar dagen later schrijft ze naar Willem, zonder dat eerst met iemand te overleggen en op haar eigen initiatief, dat de verloving verbroken is. Een bom had geen grotere schok kunnen veroorzaken.

Haar vader is woedend, hij legt haar huisarrest op en ze mag niemand ontvangen en geen brieven schrijven. Ze wordt ziek, maar haar vader wil van geen compromis weten zolang ze geen vergiffenis vraagt en terugkomt op haar onnozele beslissing. Maar ze plooit niet en zegt zelfs: ‘Geen enkel argument, geen enkele bedreiging zal ervoor kunnen zorgen dat ik met deze hatelijke Nederlander huw.’ Na het schandaal is het gissen naar de reden waarom Charlotte zo onverzettelijk gekant was tegen het huwelijk. Er worden allerlei hypothesen, politieke en hofintriges en zelfs ontrouw van de verloofde naar voren geschoven. Maar de waarheid is veel eenvoudiger. Charlotte is verliefd, dolverliefd, maar wel op een andere prins en niet onze Leopold. Ze is, zoals al wordt vermoed, smoorverliefd op Frederik van Pruisen, die ze op 7 juni ontmoette tijdens een etentje van haar vader voor de chefs van de zegevierende legers. We weten dat ze hem in het grootste geheim ontmoette en dat hij, weer terug in Berlijn, zijn correspondentie met haar enkele maanden voortzette.

Leopold blijft langer in Londen dan de tsaar en trekt de aandacht van de regent. Hij wil zich laten uitnodigen voor zo veel mogelijk mondaine feestjes, vooral die waarop ook de mooie Charlotte aanwezig is. Hoewel zij verliefd is op een ander, wil hij haar met zijn prachtige groene ogen verleiden.

Leopold schrijft haar vurige brieven, zoals dat alleen in die tijd kon. Charlotte antwoordt, maar haar brieven zijn onleesbaar, niet alleen schrijft ze veel fouten, maar haar geschrift is ook nog eens niet te ontcijferen. De opvoeding van de prinses van Engeland is zo verwaarloosd dat ze amper kan schrijven. Maar dan lijkt de wereld onder de voeten van Charlotte in te storten. Ze krijgt een brief waarin haar echte liefde, Frederik, hun relatie beëindigt. Ze is wanhopig. Ze blijft geloven dat haar Pruisische prins een officieel aanzoek aan haar vader zal richten. Half december is ze in shock wanneer ze te horen krijgt dat haar geliefde Frederik met een ander in het huwelijksbootje is gestapt …

Voor Leopold gaat het er stilaan beter uitzien. Hij krijgt zelfs de bijnaam ‘meneer stapje bij beetje’. Hij heeft zijn snor, die hem oud maakte, afgeschoren en hij verplaatst zich nu in een prachtige gele koets, al is die dan voor de gelegenheid geleend. Charlotte noemt hem ‘the Leo’.

Ontgoocheld schrijft ze aan een vriendin dat ze ‘de beste man zal nemen die ze aangeboden krijgt, een man met een goed karakter en met verstand’. Die man is de prins van Saksen-Coburg, met andere woorden Leopold. Eerder had ze nochtans aan de hertog en hertogin van York, die haar de knappe jongeman in gedachten brachten, voor wie ze niet ongevoelig was, geantwoord dat hij absoluut niet het type man was waar zij op viel en dat ze helemaal niet tot hem aangetrokken was. Er zijn er zelfs die zeggen dat het gebrek aan interesse voor onze prins vooral kwam omdat hij geen fortuin had.

Ze heeft nooit een warm gezin gekend en heeft er genoeg van altijd eenzaam te zijn, zonder iemand bij wie ze troost kan zoeken. Ze heeft een grote behoefte aan affectie en veiligheid. Ze neemt een vriendin in vertrouwen over Leopold: ‘Hij is een rustige, verstandige man, ik hoop dat ik met hem minder ongelukkig zal zijn en minder wanhopig dan wanneer ik alleen zou blijven.’ Toch is ze zich bewust van haar onmacht en weet ze dat alleen een huwelijk haar zal kunnen bevrijden van de tirannie van haar vader.

Charlotte kiest nu definitief voor de jonge Saksen-Coburger. Maar het pleit is nog niet gewonnen, want ondanks alles wat is gebeurd, hoopt haar vader nog steeds dat ze met de prins van Oranje zal trouwen en uiteindelijk is het de koninklijke familie die de prins-regent ervan moet overtuigen dat het huwelijk uiteindelijk toch niet zal doorgaan.

Jammer genoeg keert Napoleon terug uit Elba en is Europa weer verplicht om de wapens op te nemen. Prins Leopold gaat bij het Russische leger en staat aan het hoofd van een cavaleriedivisie. Na een moeilijke regeerperiode van honderd dagen verliest Napoleon definitief op 18 juni 1815, op de vlakten van Waterloo. De Russen marcheren pas half juli Frankrijk binnen, de divisie van prins Leopold hoeft de grens niet over te steken. Hij krijgt van keizer Alexander echter wel de toestemming om naar Parijs te gaan en zich daar bezig te houden met politieke zaken en bijkomend grondgebied voor het hertogdom Coburg veilig te stellen.

Via tussenpersonen kan Charlotte contact opnemen met hem en vertelt ze hem wat ze wenst. Leopold is natuurlijk gewonnen voor dit huwelijk. In juli vraagt Charlotte haar vader officieel zijn toestemming om met de Coburger te trouwen. De prins-regent is niet gewonnen voor het huwelijk en vindt Leopold een bruidsgoedjager. Hij wil geen toestemming geven.

Charlotte heeft heel veel zin om ‘the Leo’ terug te zien, niet omdat ze verliefd is, want, zo zegt ze zelf, ‘ik zal nog heel lang aan Frederik denken’, maar omdat ze behoefte heeft aan zijn aanwezigheid. Leopold wil de regent liever niet onder ogen komen en komt om diplomatieke redenen niet terug naar Engeland, ondanks de overwinning en de vrede. Charlotte heeft zich nooit zo gefrustreerd gevoeld. Ze vindt dat hij veel te voorzichtig is en is allesbehalve tevreden. Het verdere verloop zal bewijzen dat Leopold gelijk had om op deze manier te handelen.

In januari 1816 zijn de prins-regent en zijn dochter in Brighton. Zij maakt van de gelegenheid gebruik om terug te komen op ‘the Leo’. Weer in Londen schrijft ze een brief aan haar vader, waarin ze duidelijk zegt: ‘Ik aarzel niet langer om mijn keuze voor de prins van Coburg bekend te maken. Ik verzeker u dat niemand een stabieler en steviger huwelijk zal hebben dan ik.’ De prins-regent vraagt Leopold vervolgens om naar Engeland te komen. Leopold komt eind februari aan op het eiland en gaat naar Brighton, waar hij het huwelijk bespreekt met zijn toekomstige schoonvader.

De regent stemt daarop in met het huwelijk. Leopold heeft zijn vertrouwen gewonnen en ontvangt een miniatuurportret van Charlotte met de inscriptie: ‘Een hart dat alleen voor hem slaat.’ Charlotte gaat langzaam houden van Leopold. Ze raakt op hem gesteld en wil voortdurend bij hem zijn. Tijdens een officieel diner laat ze ostentatief een boeket weghalen waardoor ze hem niet kon zien. Ze heeft een ongelofelijk goed gevoel bij haar toekomstige echtgenoot. Na het diner schrijft ze: ‘Ik vind hem heel charmant en toen ik vanavond ging slapen, was ik gelukkiger dan ik ooit ben geweest ... Ik ben er zeker van dat ik het gelukkigste meisje ter wereld ben en dat ik gezegend ben door God. Ik denk dat geen enkele prinses en geen enkele andere vrouw ooit heeft durven hopen zo veel geluk te hebben in haar leven (of in haar huwelijk).’

Ook de prins-regent valt voor de charmes van Leopold, hij vertelt zijn dochter zelfs dat hij ‘alles heeft om een vrouw gelukkig te maken’. Alles valt stilaan op zijn plaats en al is er geen verloving geweest, toch kondigt het parlement, dat blij en opgelucht is dat de amoureuze tegenspoed van de toekomstige koningin eindelijk voorbij is, op 14 maart de bruiloft aan.

Het parlement kent Leopold ook een jaarlijkse dotatie toe van £ 50.000, vandaag zou dat enkele tientallen miljoen euro’s zijn. De regering koopt het schitterende kasteel van Claremont voor het toekomstige koppel en voorziet ook het nodige geld om hun levensstijl te kunnen aanhouden. De schoonvader, die zich plots zorgen maakt om zijn achtenswaardigheid, beperkt de contacten tussen Charlotte en Leopold; ze mogen elkaar alleen tijdens het diner zien en mogen nooit alleen zijn.

Het eerste in een lange reeks huwelijken

Het huwelijk, dat aanvankelijk zou doorgaan op 4 april, wordt uitgesteld, de regent is ziek. Uiteindelijk wordt het op 2 mei 1816 door de aartsbisschop van Canterbury ingezegend in Carlton House. Niet minder dan 1548 koppels hebben hun eigen huwelijksdatum uitgesteld om toch maar de rest van hun leven te kunnen zeggen dat ze op dezelfde dag en hetzelfde uur als prinses Charlotte getrouwd zijn! Om half acht ’s avonds loopt prinses Charlotte, die naar het paleis van de koningin is teruggekeerd, de grote trap af in een schitterende jurk met een waarde van maar liefst £ 10.000 ... Op die dag wordt Londen letterlijk overrompeld, het konvooi komt maar moeilijk door de mensenmassa heen. Het applaus en de toejuichingen begeleiden hen tot in het paleis van Carlton, waar de koningin en de prinsessen om acht uur aankomen.

Prins Leopold is intussen door de regent tot generaal verheven en krijgt alle rechten van een Brits onderdaan en alle eerbewijzen die aan de koninklijke familie te beurt vallen. Hij komt om half negen uit het hotel van de hertog van Clarence, gekleed in het uniform van een Engelse generaal. Hij wordt opgewacht door twee wagens van het hof. Wanneer de prins in Carlton House uitstapt en de massa hem te zien krijgt, zijn vooral de vrouwen heel erg enthousiast. Ze zwaaien niet alleen met zakdoekjes, een teken van gelukwensen, maar komen ook heel dichtbij om de prins aan te raken. Ze kloppen hem op de schouder om hem geluk te wensen en overladen hem met zegeningen. De aartsbisschop begint daarna met de huwelijksplechtigheid en de prins-regent geeft de prins van Saksen-Coburg de hand van zijn majesteitelijke dochter. Na afloop van de ceremonie krijgt het koppel gelukwensen van alle aanwezigen en trekt het stel zich terug, de prins van Coburg biedt zijn arm aan zijn echtgenote aan.

Ze vertrekken bijna meteen naar het kasteel van Oatlands, de residentie van de hertog van York. Artillerievuur in het St. James’ Park en bij de Tower kondigt de heugelijke gebeurtenis in de hoofdstad aan. Toch een pikant detail. De hertog en hertogin van Orléans, die in Groot-Brittannië verblijven en als vrienden op het huwelijk aanwezig zijn, zijn, naast Leopold natuurlijk, de enigen die de twee huwelijken van de prins zullen bijwonen. Zij zijn bovendien de toekomstige schoonouders van Leopold, na zijn huwelijk met hun dochter Louise Marie, die op dat ogenblik allang in bed lag, want ze was nog maar vier!

Oprecht geluk?

Ondeugend, die Charlotte?